![]() |
Het Openbaar Ministerie in Assen onderzoekt momenteel een klacht over vermeende oorlogsmisdaden in voormalig Nederlands-Indië, waar niemand minder dan prins Bernhard een curieus - en wellicht ook strafbaar - bijrolletje in vervult. De prins schreef in juli 1998 een voorwoord bij de memoires van luitenant-kolonel b.d. Bert Schüssler, het in eigen beheer en in beperkte oplage uitgegeven Naar eer en geweten. Schüssler diende in 1947 als tweede luitenant aan de zijde van de gevreesde Raymond Westerling, commandant van het Korps Speciale Troepen. In zijn boek beschrijft de oud-militair op enthousiaste toon allerlei beruchte strijdtechnieken van Westerling, alias 'de bloedhond van Celebes'. Samen met twee mede-officieren, kapitein Faber en sergeant Vermeer, zou Schüssler betrokken zijn geweest bij het in koelen bloede doodschieten van een gevangengenomen Koreaan. Ook worden er in Naar eer en geweten bloedstollende staaltjes beschreven van de gehanteerde martelpraktijken. Zo zegt kapitein Faber, die in 1947 werd onderscheiden met de Militaire Willems Orde, in het boek: 'Op onze acties worden krijgsgevangenen gemaakt. Als ze in onze handen vallen, wacht ze een keiharde ondervraging. We bevelen hen bijvoorbeeld een plank met lange spijkers boven het hoofd te houden. Daar wordt een kei bovenop gelegd. Dat houdt geen mens lang vol, dus de man heeft de keuze tussen praten en praten. Althans, als hij liever geen spijker in zijn schedeldak wil voelen.'
| Tweet |
Sommige artikelen zijn online alleen beschikbaar voor vaste-abonnees.
Geen toegang? Klik dan hier om u te abonneren of neem voor slechts vier euro week-toegang tot het gehele digitale archief en lees De Groene van deze week tevens in pdf op uw scherm of iPad.
Als u wel al een abonnement op de Groene Amsterdammer heeft maar nog geen gebruikersnaam en wachtwoord, klik dan hier om u te registreren.
Wachtwoord vergeten? Klik hier om deze opnieuw op te geven.



















