Stuur «Krimpende woordenschat» door
![]() | ![]() |
De moderne leerling is ogenschijnlijk goedgebekt, maar daarachter gloort een afgrond van onwetendheid en niet-nieuwsgierigheid. Het taalonderwijs heeft een deltaplan nodig.
| Tweet | ![]() |
V5-leerling Tommie is geconcentreerd bezig met het beantwoorden van proefexamenvragen over een NRC-beschouwing die de Balkanoorlog behandelt. Zijn onbeduimelde woordenboek ligt binnen handbereik. Opeens kijkt hij verstoord op, tegelijkertijd schiet zijn rechterarm omhoog. 'Meneer, wat betekent vergeldingsactie?' Hij heeft echt geen idee.
Tommie is een kei in googelen en teksten kopiëren, maar de krant ziet hij zelden, en dan nog blijft hij een koppensneller. Hij volgt liever het journaal, als hij al kijkt. Nergens overheen lezen? Moeilijke woorden opzoeken? Geen urgente zaak ('urgent, wat bedoelt u?').
'Vergelding is wráák, Tommie, niet helemaal maar dat woord komt er wel het dichtste bij.' Hij knikt en noteert het synoniem. Wat wraak is weet hij wel.
Gelukkig ben ik nog steeds verbaasd, en soms verbijsterd, over de tekortschietende, zelfs krimpende woordenschat van de gemiddelde vwo'er. Dat een term als 'verorberen' onbekend is, kan ik me nog voorstellen. Ouderwets, niet meer van deze tijd. En ook woorden als 'thans' en 'sedert' horen tegenwoordig tot een archaïsche taal. Maar 'cruciaal' is een courant woord ('archaïsch, courant, waar heeft u het over?').
In een onbewaakt ogenblik vroeg ik een hele v5-klas wat antisemitisme betekende, omdat ik vermoedde dat hun de kern van een opiniestuk dat we behandelden ontglipte. Niemand kon de term thuisbrengen. Ik was verbijsterd. Een diepe stilte daalde neer in het klaslokaal. Toen ik weer tekst tot mijn beschikking had, zei ik dat 'jodenhaat' wel een synoniem was maar dat ik eigenlijk een heel lang historisch verhaal zou moeten vertellen, wetend dat meer dan de helft van de klas níet geschiedenis had gekozen als eindexamenvak. Het moderne en dus geamputeerde vakkenpakket, alfa of bèta, is een gatenkaas voor de algemene intellectuele ontwikkeling. Elke dag ontdek ik ernstige hiaten ('wat zegt u, meneer?') in het leerlingenvocabulaire.
Wat te doen?
Vroeger, sprak opa, op de hbs, hadden we een apart schriftje waarin we de moeilijke woorden die we tegenkwamen moesten noteren, met daarnaast de mogelijke synoniemen (hiaat=leemte=gat). Die termen moesten we later voor een proefwerk uit ons hoofd kennen en kunnen toepassen en herkennen in een nieuwe tekst. En zo groeide onze woordenschat. Ik weet nog goed dat ik leerde wat 'prefereren' betekende, en meteen gebruikte ik dat woord in de praktijk: op de gymclub in mijn woonplaats mocht ik uit een grote groep leerlingen een volleybalploegje kiezen. 'Ik prefereer...' zei ik telkens wanneer ik een leerling boven een andere verkoos. Hoongelach was mijn deel. Praat maar gewoon, joh, was de reactie.
Die mentaliteit is nog steeds alomtegenwoordig. Het is een niet-nieuwsgierige houding tegenover de taal en de mogelijkheden die de taal biedt. Wie minder goed gebekt is, wie over een beperkt aantal taalregisters beschikt en niet in staat is om hetzelfde in afwisselende bewoordingen te formuleren, komt zichzelf tegen. Taal is een vehikel ('nog een keer, meneer') dat de mens sociaal en intellectueel verder brengt, en ook een middel om jezelf op emotioneel gebied duidelijk te maken. Wie gebrekkig spreekt en schrijft, leeft gebrekkig.
Als ik dat zeg in de klas zie ik soms meewarige glimlachjes of hoor verontwaardigde reacties. Taal is cruciaal? Boeien! Een soort van gewoon eigenlijk. Veel leerlingen maskeren hun tekortschietende taal met deze stoplappen en andere betekenisloze opvulsels. Hoe groter de verbale actieradius, hoe steviger je in je schoenen staat.
Wie praat er nog thuis, tijdens het avondeten, gezamenlijk en uitgebreid over kwestie a, probleem b of actualiteit c? Wie heeft de behoefte een lange brief te schrijven aan vriend d omdat hij met een moeilijke morele kwestie zit? Waar zijn de hongerige leeswolven die het hele oeuvre van schrijver e verslinden? Waarom kom ik nooit meer een krantenverslaafde tegen onder de leerlingen en des te meer krantenbezorgers (de bijbaantjescultuur)?
Er zijn remedies, er is een beetje tegengif. De zogenaamde Lagerhuisdebatten op de buis en in het land zijn een druppel op de gloeiende plaat van het 'veel geschreeuw en weinig wol' (dat wil zeggen talrijke meningen maar geen enkele argumentatie).
En toch, het taalonderwijs heeft een deltaplan nodig. De moderne leerling is ogenschijnlijk goedgebekt, maar daarachter gloort een afgrond van onwetendheid en niet-nieuwsgierigheid. De beschroomdheid van vroeger is dan wel weggevallen, maar de 'brutaliteit' van nu (we zijn niet meer op ons mondje gevallen) ontbeert een taalgevoelige en woordenschatrijke basis. Een schriftje met losse, moeilijke woorden is niet meer genoeg. Een systematische opbouw en uitbouw van taligheid op alle niveaus - mondelinge en schriftelijke taalvaardigheid - vanaf de brugklas is noodzakelijk.
Wat zeg ik? Cruciaal!
Minder gefragmenteerd taalonderwijs (korte baan, blijven hangen op woord- of zinsniveau), meer lange baan.
Wat zeg ik? Cruciaal.
Daar horen ook docenten bij die eminent ('wat betekent dat nu weer, meneer?') kunnen spreken en schrijven.
| Tweet | ![]() |
|
Marnix Rombaut 07 mei 10:58
Geen speld tussen te krijgen. Sterkte met de strijd. Dankjewel! |
|
Gert 07 mei 11:09
"Ik ben nog steeds verbaasd, en soms verbijsterd, over de tekortschietende, zelfs krimpende woordenschat van de gemiddelde vwo'er" Dat een leerling oude Nederlandse woorden niet kent, wil niet zeggen dat zijn woordenschat krimpt. Dat een leerling dingen niet weet die een ander als basiskennis beschouwt, wil niet zeggen dat hij geen brede interesse heeft. "De moderne leerling is ogenschijnlijk goedgebekt, maar daarachter gloort een afgrond van onwetendheid en niet-nieuwsgierigheid." Dit is dus een onterechte generalisatie die ook nog eens is gebaseerd op een matig gefundeerde stelling over de krimpende woordenschat van leerlingen. Correct redeneren is kennelijk geen direct gevolg van veel verschillende, weinig gebruikte woorden gebruiken. |
|
Martin E. C. Roos 07 mei 13:24
‘De krant ziet hij (Graa Boomsma) zelden.’
‘Palestijnen en Arabieren zijn ook semieten. Niet alleen op een kaart van mensenrassen op aarde, maar zelfs in de joodse mythologie, circa 550 v.Chr. (NRC). Waarom wordt het begrip anti-joods steeds weer verhuld met de racistische term antisemitisch? Alweer jaren terug gaf de Egyptische president Hosni Mubarak een ander inzicht. Hij is van mening dat de Arabieren ook semieten zijn. (Volgens zegslieden in Jeruzalem). |
|
Nap 07 mei 15:31
Ik ben geen wetenschapper,ik wil het ook niet beter weten.Ik wil hardop denken.Ik ben 65 plusser,alles werd geleerd in de Nederlandse taal,mijn studieboeken waren in de Nederlandse taal geschreven.Mijn zoon ging studeren aan de HES,van de 20 studieboeken meer dan de helft in het Engels geschreven.Vaak als ik reclame drukwerk krijg ,veel engelse woorden en engelse slogans.Loop eens door de binnenstad van Amsterdam,vele uithangborden en bedrijfsnamen in het engels gesteld.U koop een artikel,de gebruiksaanwijzing (bijsluiter)in de Engelse taal. De televisie doet er ook aan mee.U heeft een storing met uw pc.richtlijnen in het Engels.Wij zijn niet zuinig op onze Nederlandse taal.Mijn kleinzoon gebruikt veel vreemde woorden,bij een potje voetbal gebruikte hij het woord "panna"hetgeen doelpunt betekend.De taal is wel veranderd.Als ik deskundige moet geloven ,het Nederlands gaat plaats maken voor het Engels.Ook als ik over het Waterlooplein loop of een winkel in de binnenstad binnen ga,word ik in het Engels aangesproken,zonder zelf maar een woord gezegd te hebben. |
|
A. Goossens 08 mei 02:26
Ik deel de zorg van de auteur geheel. De afname van de omvang van de gemiddeld beheerste woordenschat - wijsbegeert in algemene zin - is dramatisch. Als het op de woordenschat aankomt is een van de cruciale zaken de afbraak van de onderwijskwaliteit, maar evenzo de vrijheid thuis. Boeken, zeker literatuur en non-fictie, waren vroeger vooral van belang om woordenschat uit te breiden. Maar het woordenboek wordt nauwelijks meer aangeroerd en op archaïsch taalgebruik reageert de gemiddelde jongeling met hoongelach. Het past allemaal in een tendens van teloorgang van het algemene onderwijs, in het bijzonder het basisonderwijs. Het moeten is overal vervangen door het mogen. Onplooiing in de plaats gekomen van vorming en het in speelvormen oefenen in plaats van het stampen. Tja, al die misvormde ouderen, die een gefrustreerd product waren van het dwangmatige onderwijs van vroeger he. Dat moest overboord. Dat Nederland na de jaren zestig zo'n enorme groei doormaakte op economisch vlak was voor een groot deel te danken aan uitstekend onderwijs. Dat diezelfde kenniseconomie zwaar onder druk staat, zal de jongeren van nu nog lelijk opbreken. Maar ja, dan is er al veel kwaad geschied. En als je een artikel als dit schrijft, dan krijg je standaard de reacties zoals van ene @Gert hieronder. Het valt allemaal wel mee, hoor. Als je maar kunt sms'en, twitteren en msn'en, he Gert? |
|
Nap 08 mei 15:24
Een student wilde dat ik hem een dienst bewees,edoch voor het gebruik van diensten moet betaald worden.De jongeling was zijn O.V. studentenkaart vergeten.Ik vroeg hem wat hij studeerde,waarop hij antwoordde "rechten"Hiermee zag ik mijn kans schoon om te controleren of hij mij niet belazerde.Ik vroeg hem naar het bekende artikel van onze Grondwet,hij wist het niet.Vrijheid van meningsuiting,in woord en geschrift,vrijheid van vergaderen en het oprichten van vereniging en politieke partij,nota bene het eerste wat een opsporings ambtenaar leert voor zijn BOA.Ik zeg je belazerd mij,ik verlaagde de drempel en vroeg wanneer de Bataafse republiek zou aanvangen,Koningrijk Holland en inlijving van Holland bij het Franse Keizerrijk,Etat Civil en Code Penal,Pretario recht,Kadaster,dat zijn toch voor iemand die rechten studeert balanrijke feiten.Hij wist er niets van.Als laatste vroeg ik naar Thorbecke,die de grondwet dratisch heeft herzien in 1848.Of het onderwijs is zo slecht dat de student rechten dit niet weet of ik ben belazerd.Ik denk het laatste ,afgaande op mijn mensen kennis,35 jaar ....bestuurder,waarvan 3 jaar als controleur.Het laatste heb ik 3 jaar volgehouden,zelfs als men mij wilde wurgen geen steun van....Wat dat betreft had ik van mijn ervaringen wel een boek kunnen shrijven. Ecce Homo.Geschiedenis is mijn passie vandaar dat ik de speudo student kon ontmaskeren. |
|
G. Verhoef 21 mei 12:06
Het is de vrucht van een jarenlange onderwijs- en kennis minachting. Niet in het minst door de beleidsbepalers in onderwijsland zelf. Sjoerd Sagter, de baas van de VO raad hecht geen enkele waarde aan kennis, dat is volgens hem namelijk vloeibaar en heeft een halfwaardetijd van drie jaar. En deze anti-intellectueel is de baas van het voortgezet onderwijs en wordt nauwelijks democratisch of via de markt gecontroleerd. Alsof je een vegetariër voorzitter maakt van de slagersvakschool. Het probleem in het onderwijs is niet zozeer dat de kwaliteit erbarmelijk is, maar dat de kwaliteit expres is uitgehold. Het is geen gebrek aan geld, geen foutje in de didactische aanpak, de onderwijsvernieling is bewust beleid en dat is het nog steeds. |
|
Treoc 26 mei 13:13
Ach ja, wanneer er tegenwoordig in meer huishoudens Arabisch, Turks en Somalisch gesproken wordt dan Nederlands, dan is het niet vreemd dat dit gevolgen heeft voor de Nederlandse taalvaardigheid in het onderwijs. Wederom een probleem dat terug te voeren is op het decennialang wijd openzetten van de sluizen. Met dank aan de PvdA en de linkse elite. |
|
Nap 26 mei 15:07
@ Treoc,ik denk dat vele Nederlanders thans inzien wat links ons gebracht heeft.De heer Henk Hofland,blijft dit glashard ontkennen,ik neem dan ook wat deze linkse elite journalist schrijft al lang niet meer voor serieus. |
|
de B 27 mei 19:53
Zo dit artikel is lekker gebaseerd op een goede steekproef. Tommie en 1 WO klas... laat me niet lachen. |























