De Groene Amsterdammer

Exclusief

De Groene Amsterdammer jaargang 2014 nummer 42

Iedereen

Voorschot op een debat

Achttien stellingen over het conservatisme

De Groene Amsterdammer en de bijlage Letter & Geest van Trouw komen donderdag 1 en zaterdag 3 maart ieder met een eigen themanummer over conservatisme. Voor De Groene Amsterdammer neemt Martin van Amerongen deze week alvast een voorschot met achttien stellingen.

door Martin van Amerongen

Het conservatisme bestaat in Nederland niet of nauwelijks, in de politiek, in het kerkelijk leven, de wetenschap noch de rechterlijke macht. Het is voornamelijk de hobby van een handvol loslopende, maar daarom nog niet oninteressante, denkers rond de opiniepagina van NRC Handelsblad en het Trouw-katern Letter & Geest.
Het conservatisme speelt in Nederland een bescheiden politieke rol, omdat door de traditionele consensuspolitiek de maatschappelijke keuzes altijd ergens in het midden belanden.
In Nederland heeft het conservatisme pas een kans als de arbeiders hun auto en de bezittende klasse de tweede auto wordt afgepakt.
Een land waarin de politieke discussie is verschraald tot het voor en tegen van het asielbeleid en de al dan niet wenselijkheid van tolpoortjes, zou best een principiële, krachtige, intellectuele conservatieve partij kunnen gebruiken.
De ware conservatief is sceptisch. Hij wantrouwt de utopie en het vooruitgangsdenken in de wetenschap dat de mens tot alle kwaad geneigd is.
De conservatief is geneigd in het heden slechts verval en normvervaging te zien. Hij heeft echter gelijk als hij zich verzet tegen de verwaarlozing van de verworvenheden uit het verleden.
De conservatief beseft dat het negeren van de continuïteit tussen toen en thans per definitie tot verregaande verdomming leidt.
Eigenlijk zou een ware conservatief zich vehement moeten keren tegen de afbouw van de grootste, naoorlogse verworvenheid: de verzorgingsstaat.
Het conservatisme is minder behoudend dan zijn reputatie doet vermoeden. De conservatief is te intelligent om niet de noodzaak van veranderingen te begrijpen. Hij wenst echter dat deze zich — liefst traag — langs de wegen der geleidelijkheid voltrekken.
De conservatief die zich tegen de (onontkoombare) veranderingen in de wereld verzet kan beter op Mars gaan wonen.
Het conservatisme wordt gecompromitteerd door pseudo-conservatieven, die op asielzoekers schelden, stakingen willen verbieden en de gelijkwaardigheid van man en vrouw ontkennen.
De conservatief die zijn denkwereld doorvlecht met irrationele elementen (het primaat van de standenmaatschappij, de goddelijke oorsprong van het wettig gezag) is geen conservatief, maar een reactionair.
De godsdienst is geen natuurlijke bondgenoot van het conservatisme. Geen conservatief heeft sympathie voor de starheid, de geloofsijver en het kerkelijk dogmatisme van vroeger.
Het conservatisme is geen creatieve ideologie. Het behelst nooit actie, maar altijd reactie, op de Franse Revolutie hetzij op het blotebillenvertoon tijdens de Gay Games.
In hun streven iets van de stervende natuur te redden hebben conservatieven en (sommige) progressieven meer gemeen dan zij denken.
Als socialisme kinnesinne is, is conservatisme heimwee.
Posteer een conservatief per tijdmachine één dag aan het hof van Napoleon III of één dag in het Nederland van H. Colijn — en binnen een halve dag heeft hij heimwee naar de wereld van Wim Kok, Hans Dijkstal en Jaap de Hoop Scheffer.
De enige, echte, principiële conservatief in Nederland is en blijft vooralsnog mr. J.L. Heldring.

Wachtwoord toesturen Problemen met inloggen?