De Groene Amsterdammer

Sluiten

Gemeenteraadsverkiezingen De Haagse angst voor de PVV

De lege stoel

De stad Den Haag maakt zich op voor de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart. Is het een machtsstrijd tussen de PvdA en de PVV van Geert Wilders, ook al zie je de PVV'ers bijna nergens? Of strijden vooral de PvdA en de VVD om wie de grootste wordt?

door AUKJE VAN ROESSEl

HET IS NOG najaar 2009. In de Juffrouw Idazaal in Den Haag houdt de lokale PVDA haar lijsttrekkersdebat. Er zijn te weinig stoelen voor alle nieuwsgierigen die willen zien hoe de twee kandidaten, wethouder Marnix Norder en voormalig Tweede-Kamervoorzitter Jeltje van Nieuwenhoven, het tegen elkaar opnemen.
Na het beantwoorden van een paar warming-up-vragen, zoals waarvoor je ze 's nachts wakker kunt maken, en een zevental minuten waarin ze ongestoord de eigen kandidatuur kunnen aanprijzen, moeten de twee met de zaal in discussie. Dat kabbelt wat voort, totdat Roel in 't Veld, hoogleraar en voormalig topambtenaar en staatssecretaris, de microfoon krijgt. Na een wat omstandige inleiding komt zijn vraag, het is de hamvraag die eigenlijk boven de hele avond zweeft: 'Jeltje, wat is de urgentie van je kandidatuur?'
Nu komt het, hoor je iedereen denken, nu moet ze gaan uitleggen waarom wethouder Henk Kool zijn kandidatuur plotseling introk en zij als een konijn uit de hoge hoed te voorschijn werd getoverd. Maar Van Nieuwenhoven herhaalt wat ze eerder die avond ook al zei, dat ze in het voorjaar dacht: hé, ik wil eigenlijk wel raadslid worden, en daarna bedacht dat ze, hé, eigenlijk ook wel lijsttrekker wilde worden.
Hier en daar knarsen er tanden. Hoe komt het dan dat Van Nieuwenhoven zich niet tijdig had aangemeld voor het raadslidmaatschap? Waarom moet voor haar de interne procedure worden aangepast, omdat die niet voorziet in deze stijlfiguur? Waarom zijn er dan wel complimenten voor de zittende wethouders, maar zijn die blijkbaar toch niet goed genoeg om de lijst aan te voeren?
De club rondom Jeltje die haar als kandidaat naar voren heeft geschoven, wordt door een deel van de partijafdeling beschuldigd van 'oude politiek', pure machtspolitiek die met inhoud niks te maken heeft. Het is de zoveelste ruzie in de PVDA-afdeling Den Haag. Eerder al trad de voorzitter van de afdeling terug. En iedereen weet dat de wethouders Norder en Kool niet bepaald elkaars vrienden zijn.

ER IS DE PVDA in Den Haag alles aan gelegen om bij de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart opnieuw de grootste partij te worden in Den Haag. De landelijke trend zit echter tegen. Of ze het nou leuk vinden of niet, alle lokale afdelingen van alle landelijke partijen weten dat het resultaat op 3 maart in de eerste plaats zal afhangen van de waardering van de kiezer voor het werk van hun partijcollega's op het Binnenhof en daarna pas van die voor henzelf.
Alleen als ze zelf in de stad fouten maken, worden ze daarop afgerekend, niet op hun successen, is het algemene gevoelen bij lokale politici. Vandaar ook, zo denken ze, dat de PVV Den Haag, die hier - net als in Almere - voor het eerst meedoet, zich permitteert vrijwel onzichtbaar te blijven in de stad. Lijstduwer Geert Wilders trekt toch wel stemmen, de rest op zijn lijst kan het als het ware alleen maar verpesten. Maar daarover later meer.
Eerst terug naar de PVDA. Die partij staat landelijk al lange tijd erg laag in de peilingen, zeker vergeleken bij het topjaar 2006 toen de raadsverkiezingen werden gehouden op een moment dat de populariteit van partijleider Wouter Bos gigantische proporties had aangenomen.
Om toch de VVD, de huidige nummer twee in Den Haag, voor te kunnen blijven en om kiezers die zich aangetrokken voelen tot de PVV voor de partij te kunnen behouden, bedachten oud-gedienden van de lokale PVDA-afdeling een list in de persoon van Van Nieuwenhoven. Zij moest met haar landelijke uitstraling als stemmentrekker gaan fungeren.
Veel kandidaten die achter haar - ze won de lijsttrekkersstrijd - op de PVDA-lijst staan, hopen door haar toch weer in de raad te kunnen komen, ook al ervaren ze haar komst als het desavoueren van hun inzet in de afgelopen vier jaar. Het Jeltje-effect zou een zetel of twee kunnen schelen, hopen ze. Ook in de min, geeft een enkeling toe, want niet alle kiezers zijn gecharmeerd van haar en kiezers houden al helemaal niet van ruzies.
Het wethouderschap ambieert Van Nieuwenhoven overigens niet, hetgeen geen verwondering wekt nadat ze als gedeputeerde van Zuid-Holland voortijdig vertrok. Vandaar dat Kool met een gerust hart zijn ambitie om lijsttrekker te worden kon laten varen, als de nummer twee op de lijst is hij de eerste wethouderskandidaat.

VERGELEKEN BIJ het gekrakeel in de PVDA heerst er bij concurrent VVD grote rust. Dat is niet alleen toeval, omdat wethouder Sander Dekker net als vier jaar geleden en onomstreden de lijsttrekker is. Het is ook bewust beleid vanuit het landelijk hoofdkantoor. Ruzies hebben de liberalen genoeg gehad rondom de strijd om het landelijk lijsttrekkerschap tussen Mark Rutte en de inmiddels met haar eigen Trots op Nederland ook in Den Haag opererende Rita Verdonk. De rust moest terugkeren in de partij.
Vlak voordat de VVD begin februari lokaal de aftrap geeft voor haar campagne nodigt Dekker, geassisteerd door collega-wethouder Frits Huffnagel, de pers uit. De powerpointpresentatie over waar de VVD in haar campagne op in zal zetten, wordt aangekleed met broodjes, koffie en jus d'orange.
Dekker praat over hoe zijn partij en de PVDA in Den Haag traditioneel tot elkaar veroordeeld zijn om samen te werken in het college, hoewel ze tegelijkertijd elkaars tegenpolen zijn. De afgelopen vier jaar was GroenLinks de derde collegepartner, maar die is in die periode onzichtbaar gebleven. Daarvoor bestuurden PVDA en VVD samen met het CDA de hofstad.
Dekker vertelt dat 'Jeltje' nu dreigt met een links college. Hij voorziet dan buitensporig veel aandacht voor armoede en gesubsidieerde melkertbanen, terwijl hij en zijn VVD het willen hebben over hoe je van Den Haag economisch een aantrekkelijke stad kunt maken. De campagneonderwerpen die hij aandraagt zijn, niet verwonderlijk, ook landelijke onderwerpen: veiligheid, economie en lagere belastingen. De VVD heeft immers met testgroepen bekeken wat de burger wil. Dat krijgt die kiezer dan ook.
Het verwijt dat het VVD-programma wel erg veel lijkt op dat van de PVV pareert Dekker met de opmerking dat het juist andersom is: tachtig procent van het PVV-programma is volgens hem zo overgenomen van de VVD. Maar de nadruk op veiligheid is toch ingegeven door de hete adem van de PVV in de nek? Dekker ontkent: de VVD heeft altijd gehamerd op veiligheid.
En de overige twintig procent van het PVV-programma? Dat vindt Dekker over de schreef, niet uitblinken in doordachtheid en uitvoerbaarheid. Hij doelt onder meer op het willen snoeien in de cultuursubsidies waardoor het Residentie Orkest zijn instrumenten zou moeten inpakken en alleen kinderen van bemiddelde ouders nog op muziek- of toneelles zouden kunnen. Die PVV-plannen hebben in de cultuursector van Den Haag grote onrust teweeggebracht.
Bij de Europese verkiezingen in het voorjaar van 2009 werd de PVV in Den Haag de grootste partij. Toch denkt Dekker dat dat deze keer niet zal gebeuren. Europa was volgens hem iets abstracts. Nu het over het ophalen van de vuilnisbak gaat of het winkelaanbod in de stad zal de kiezer volgens hem gaan twijfelen of de PVV daarvoor de geschikte partij is.
Zoals elke lijsttrekker dat in het openbaar doet, beweert Dekker dat hij pas op 4 maart zal gaan nadenken over een nieuw college in Den Haag. Hij zegt zich te verbazen over al die vragen over de PVV, maar dat klinkt weinig geloofwaardig. Ook hij ontkomt er niet aan zich over die partij uit te laten. Net als menig collega-lijsttrekker zegt hij geen enkele partij uit te sluiten bij toekomstige collegeonderhandelingen. Dan komt er echter een maar: hij heeft de PVV nog niet kunnen betrappen op de bereidheid compromissen te sluiten en hij vraagt zich af of ze überhaupt wel in het college willen.
Ja, benadrukt hij wederom, hij staat redelijk ontspannen tegenover de PVV. Wat hem betreft is het een strijd tussen de PVDA en de VVD, tussen links en rechts. Om er dan vervolgens toch de PVV bij te betrekken, middels een waarschuwing: een stem op de PVV brengt een links college dichterbij. Of de Haagse kiezer dat toch maar even tot zich door wil laten dringen.

CDA-LIJSTTREKKER Karsten Klein ziet de strijd in Den Haag anders. Alleen al door de media-aandacht voor Van Nieuwenhoven en de lokale PVV-lijsttrekker, het Tweede-Kamerlid Sietse Fritsma, gaat het volgens hem tussen de PVDA en de PVV. Dat de VVD dat anders wil doen voorkomen, is omdat de liberalen zich daar volgens hem tussen willen wurmen.
'Dat doen ze met thema's die ze van ons hebben overgenomen, zoals het sluiten van coffeeshops of de leuze "Vandalen moeten betalen". Ook komt de VVD nu ineens met voorstellen waarin ik niet de Sander Dekker uit de afgelopen vier jaar herken. Ik vraag me daarom wel eens af wie hier nu eigenlijk campagne voert in Den Haag, lijsttrekker Sander Dekker of de landelijke VVD.'
Het CDA zelf is, net als in de andere drie grote steden, slechts een kleine partij, ook al is het hier groter dan in Amsterdam, Rotterdam en Utrecht. Bovendien weet ook Klein dat wat in het andere Den Haag, op het Binnenhof, gebeurt zeer bepalend is voor de uitslag: 'Wij hebben daarom een eigen campagnestrategie. We gaan veel bij mensen langs, bellen aan, hebben wel 150.000 flyers laten drukken, toegespitst op bepaalde wijken. We merken dat mensen dat waarderen. Het is hard werken, maar we denken dat zo'n campagne van elke stem telt echt het verschil kan maken.'
Klein erkent dat dit een diametraal andere strategie is dan die van de PVV. Kandidaten van die partij komt hij bijna niet tegen in de stad, weinig bij debatten, nog minder op straat. Eén keer heeft hij gedebatteerd met een PVV'er, met de nummer acht op de lijst, Bart Brands. Het viel hem op dat zijn tegenstander de stad niet kent. 'De PVV wil de welzijnssubsidies in de wijk afschaffen en inzetten op veiligheid. Maar als ik dan vraag of hij ook de subsidie wil aanpakken voor de hesjes en de zaklantaarns van de vrijwillige buurtpreventieteams blijkt dat hij die helemaal niet kent. Maar uit het oogpunt van veiligheid kan de PVV natuurlijk helemaal niet tegen zijn.'

OM TE KIJKEN hoe de PVV over de vuilnisbak en het winkelaanbod denkt, leek het bijwonen van een verkiezingsdebat in een naoorlogse wijk in Den Haag-Zuidwest een geschikte gelegenheid. Daar gaat het inderdaad over vuilnis dat wekenlang blijft liggen vanwege gesteggel over rooilijnen, over leegstand op het winkelplein, opgeheven buslijnen, hangjongeren en het wegbezuinigen van een jongerenwerker.
Tien politieke partijen zijn aanwezig, de helft van de twintig die er op de Haagse verkiezingslijst staan. Twintig is veel, maar toch nog altijd minder dan vier jaar geleden.
De PVV was ook uitgenodigd en had toegezegd te zullen komen, laat de wijkbewonersorganisatie Vrederust vooraf weten. Maar op de avond zelf blijft de PVV-stoel leeg, het bordje met de letters PVV staat er verloren bij. Het is symbolisch, want de PVV laat bijna nergens haar gezicht zien in de stad. Bijna niemand kent ook de kandidaten. Behalve lijsttrekker Sietse Fritsma natuurlijk, die kent men wel, maar dat komt doordat die ook Kamerlid is en regelmatig op televisie verschijnt.
Begin februari lukt het wel om een keer een Haagse PVV'er in actie te zien. In café Luden aan het Plein hebben jongeren elke maandagavond een politiek café en deze keer zijn vier jongeren uitgenodigd die in de Haagse gemeenteraad hopen te komen, van de PVDA, de VVD, de ChristenUnie en de PVV. Wat de vier behalve hun leeftijd met elkaar gemeen hebben is het veelvuldig in de mond nemen van de woorden 'keihard aanpakken'.
Chris van der Helm, afkomstig uit een reformatorisch milieu, blijkt een aantal van zijn medekandidaten op de PVV-lijst te hebben meegenomen naar het cafézaaltje, zoals de nummer twee Machiel de Graaf en de nummer zes Arnoud van Doorn, een man die zijn partijpolitieke geluk eerder al bij de LPF zocht. Een van de twee aanwezige vrouwelijke PVV-kandidaten staat later op de avond intiem te zoenen met een lokaal CDA-partijlid. In het PVV-groepje zit ook het voormalige PVDA-lid Ehsan Jami, inmiddels door PVV-leider Geert Wilders opgenomen in diens talentenpool.
Ze maken, net als aanhangers van andere partijen overigens, het luidruchtig kenbaar als ze het ergens mee eens of oneens zijn. Zo applaudisseren ze flink als Van der Helm het verwijt dat in de knieën schieten achterlijk is, pareert met de opmerking dat de wet dit de politie toestaat. Wat opvalt is echter dat het groepje op de persoon speelt als het het met een tegenstander niet eens is. De gemoederen lopen echt op als Van der Helm, als laatste, zijn stelling mag verdedigen: er is genoeg islam in Den Haag.
De jonge PVV'er verdedigt zijn stelling door te betogen dat de islam geen religie is, maar een ideologie. Het zou interessant zijn te weten of hij het door Wilders verplicht gestelde boek van Oriana Fallaci, De kracht van de rede, ook daadwerkelijk heeft gelezen en zich door haar in zijn afkeer van de islam heeft laten leiden. In het boek zet de vier jaar geleden overleden Italiaanse schrijfster Europa neer als een kolonie van de islam.
In het café krijgt Jami het bij dit onderwerp aan de stok met de eveneens uit Iran afkomstige PVDA'er Saeed Katiraei. Die laat zich uit de tent lokken als het talent Jami het heeft over een 'walgelijke ideologie' en Katiraei toebijt: 'Jij bent een ayatollahknuffelaar.' Dan is er instemmend gejoel vanuit de PVV-hoek, ongeloof in de rest van het zaaltje en een derde Iraniër die de microfoon pakt om de boel te sussen. Na afloop staat nummer twee, De Graaf, nog lang na te praten en krijgt de vraag voorgelegd waarom hij en de PVV niet erkennen dat zoveel Haagse jongeren met buitenlandse wortels het goed doen, zoals op de Haagse Hogeschool. De toon van De Graaf is dan een heel andere dan die van Jami of Van der Helm: hij gaat het gesprek aan, ook al wordt hij het niet eens met zijn omstanders.

LIJSTTREKKER FRITSMA laat zijn gezicht echter zelden zien in deze lokale verkiezingsstrijd. Zo heeft het weekblad Den Haag Centraal alle lijsttrekkers uitgenodigd om zondag te debatteren in het Theater aan het Spui. Maar Fritsma laat, via een woordvoerder, weten geen tijd te hebben, vertelt hoofdredacteur Coos Versteegh. De titel van het debat luidt: wie is er bang voor de PVV. Niet iedereen is daarvan gecharmeerd; het zijn de media die alle aandacht op die manier naar de PVV doen uitgaan, is het verwijt.
Maar het grootste deel van het debat gaat niet over die partij. Wel moet de vraag beantwoord worden wie er met de PVV collegeonderhandelingen wil voeren. D66-lijsttrekker Marjolein de Jong, meeliftend op de populariteit van partijleider Alexander Pechtold, neemt ten opzichte van haar PVDA-, VVD- en CDA-collega's het meest principiële standpunt in: ze ziet zich niet in een college zitten met een partij die groepen Hagenaars vanwege hun afkomst uitsluit.
Fritsma verscheen vorige week wel bij een debat van de regionale Omroep West. Tv-exposure is in de PVV-strategie belangrijk, niet het veelvuldig folderen langs deuren of de tijd nemen om gesprekken aan te gaan met wijkbewoners: het is het omgekeerde van wat de andere partijen menen dat écht werkt in campagnetijd.
Mede dankzij de presentator én het camerawerk gaat alle aandacht bij het tv-debat uit naar Fritsma, waardoor er voor de twee andere lijsttrekkers aan tafel, van D66 en SP, slechts een reagerende rol overblijft. Die wordt bovendien bemoeilijkt doordat Fritsma maar blijft doorpraten, en dan wel van anderen eist dat hij zelf uit mag praten. Fritsma krijgt ruim de tijd om te fulmineren tegen onzinsubsidies en het Residentie Orkest een tromboneclubje te noemen en zonder tegenwoord asielzoekerscentra van corruptie te beschuldigen.
De discussie is samen te vatten met de woorden van SP-lijsttrekker Ingrid Gyömörei: 'U hebt de voorkeur voor tweelettergrepige woorden: "islam" en "onzin".'

 

Zetelverdeling
TNS Nipo

Verkiezingen 2006 16 februari 2010
PVDA 15 PVDA 9
VVD 10 VVD 7
CDA 5 CDA 4
SP 4 SP 4
GroenLinks 3 GroenLinks 4
D66 2 D66 6
PVV 0 PVV 7
Overige partijen 6 Overige partijen 4

Wachtwoord toesturen Problemen met inloggen?