De Groene Amsterdammer

Sluiten

<br /> 25 juni 1921 &ndash; 2 maart 2009

Freddy Sijthoff

Hij kwam uit de tijd van het lood en overleed in het digitale tijdperk, waarin het bedrukte papier onder druk is komen te staan. Met lede ogen aanschouwde courantier Freddy Sijthoff de teloorgang van de journalistiek als waakhond van de democratie.

door MARGREET FOGTELOO

AL BIJ ZIJN AFSCHEID als directeur en eigenaar van de Sijthoff Pers voorzag Fredrik Willem (Freddy) Sijthoff de problemen waarvoor krantenbedrijven nu zijn komen te staan. ‘Het is belangrijk dat je de jongste generatie bereikt; die moeten straks ook naar de stembus en banen zoeken en die moeten weten wat er gaande is. Ze zullen je niet zomaar in de armen vliegen. Er zijn statistieken van wat jongeren aan kranten lezen en die zijn bepaald rottig.’
Dat zei hij in 1983, toen er voor de mediaconcerns nog geen vuiltje aan de lucht leek en ‘zijn’ Haagsche Courant nog een oplage had van zo’n 190.000 exemplaren per dag. Evenmin kon hij bevroeden dat de kiem was gezaaid voor de digitale revolutie, die vanaf eind jaren negentig wereldwijd de massa wist te verleiden tot het gebruik van internet als drager van nieuws. Maar meteen na zijn vertrek zette de kentering in de krantenwereld wel onverbiddelijk in.
Vanaf eind jaren tachtig daalde het gezag van ‘de’ krant, liepen de abonnees met duizenden tegelijk weg en werden uitgevers gedwongen tot fusies. In deze neerwaartse spiraal zag Sijthoff zijn idealen van een goede krant gestaag teloorgaan. Tegelijk namen de kosten toe, zoals stijgende papierprijzen, hoge investeringen in de drukkerij en de distributie, waardoor het onafhankelijke voortbestaan van de Sijthoff Pers onhoudbaar werd.
In 1994 besloot de familie Sijthoff haar aandelen te verkopen aan Wegener, een concern dat de marketing van regionale dagbladen net zo aanpakte als het aan de man brengen van de huis-aan-huisbladen. Voor de directie in Apeldoorn waren regionale kranten een marktproduct en waren de aandeelhouders en de winstcijfers belangrijker dan de heilige scheiding tussen redactie en directie. De paradox is dat door deze visie en in het verlengde daarvan de salamitechniek van bezuinigen op de journalistieke kwaliteit de abonnees nóg sneller opzegden en het bedrijfsresultaat daalde. Lezers herkenden zich steeds minder in hun krant, waarin volgens Sijthoff ‘men elkaar tegenkomt en over elkaar leest’. Mooie, oude regionale kranten, zoals de Haagsche Courant of het Utrechts Nieuwsblad, die het internationale nieuws én de lokale politiek verslaan ontwikkelden zich steeds meer in de richting van het lokale sufferdje.
Sijthoff ervoer dit als een drama, wat nog erger werd met het samenvoegen van de Wegener-kranten met het Algemeen Dagblad. De eigen identiteit verdween in een landelijke eenheidsworst – en daarmee verdween ook de pluriformiteit van de pers. De rol van de regionale pers als waakhond van de lokale democratie ging zo definitief kapot. Voor Sijthoff persoonlijk betekende dit ook dat er intellectueel een einde was gekomen aan de lange uitgeverstraditie van zijn familie. Zijn grootvader Albert Sijthoff had van de Haagsche Courant, opgericht in 1864, een begrip gemaakt. Toen hij die in 1883 ging uitgeven, had hij een ‘volksblad voor alle standen’ voor ogen, vrij van godsdienstige of politieke overtuiging. Het Haagse dagblad positioneerde zich autonoom binnen de verzuilde media. Het wilde geen spreekbuis zijn van een parochie, wel van ‘Haagsche menschen’.
Freddy leidde, samen met zijn broer Appie, de uitgeverij ruim een kwart eeuw – tussen 1957 en 1983. Appie had de zakelijke leiding, Freddy bemoeide zich meer met de journalistieke koers. Over de legendarische periode van ‘meneer Appie en meneer Freddy’ zijn vele anekdotes bekend. Zo leende Freddy zijn regenjas en creditcard uit aan een verslaggever die na de moord op president Kennedy halsoverkop moest afreizen naar Dallas.
Hoewel hij volgens Actueel Centraal, een recent opgerichte Haagse weekkrant als tegenhanger van AD/Haagsche Courant, ‘de autonomie van de redactie vrij redelijk respecteerde’ en je hem in zijn keurige pak met stropdas zelden zag op de werkvloer, kon Freddy het bij groot nieuws niet laten om zich midden in het zenuwcentrum van de deadlines te begeven. Dat hij hield van zijn krant en de stad betekende voor hem ook dat hij actief was in maatschappelijke organisaties en deelnam aan inspraakavonden. Voor hem speelde de krant een centrale rol in de samenleving, waarvan hij zelf actief lid was.
Tot aan zijn dood op 2 maart hield hij zich bezig met de vraag of de gedrukte kwaliteitskrant toekomst heeft. Zo kwam op zijn initiatief de bundel De krant van morgen van journalist Kees Haak tot stand, die na zijn overlijden verscheen. In het voorwoord schrijft Sijthoff: ‘Naar mijn mening kan een democratische samenleving alleen functioneren als de nieuwsvoorziening zo objectief mogelijk is, ter zake kundig en voorzien van duiding. De democratie leeft en begint bij mensen in hun eigen omgeving en in de plaatselijke politiek. Daarvoor zijn journalisten nodig die ter plekke zijn en in staat zijn hun waarnemingen te analyseren, hun informatie te schiften en bondig samen te vatten. Diezelfde journalisten moeten de achtergronden van de ontwikkelingen kennen en min of meer zelfstandig kunnen oordelen over wat zich elke dag weer voor hun ogen afspeelt.’ Popularisering was voor hem geen panacee om de daling van het aantal abonnees te stoppen. ‘Zorg ervoor dat de inhoud van de krant onmisbaar is voor jongeren en ouderen. Dat mensen naar de krant grijpen wanneer men echt wil weten hoe het zit, bewijzen juist de problemen en nieuwsontwikkelingen van deze tijd. Het nieuws over de kredietcrisis en de Amerikaanse presidentsverkiezing zijn twee voorbeelden van deze stelling.’
Bij Sijthoffs overlijden is gememoreerd dat met hem een van de laatste courantiers is verdwenen. Zijn zoon Willem, mede-eigenaar van Het Financieele Dagblad, zal dat als geen ander kunnen beamen. Op zijn krant heerst al lang niet meer de romantiek van het lood. En net als de andere media publiceert zijn krant dagelijks over de mondiale recessie waarvan ook de kranten zelf onderdeel uitmaken. Voor de regionale pers begon de crisis al in 1983.

Wachtwoord toesturen Problemen met inloggen?