De Groene Amsterdammer

Exclusief

De Groene Amsterdammer jaargang 2014 nummer 30

Iedereen

Patricia Highsmith (intro)

Het geheim van Patricia Highsmith

Inleiding van de Patricia Highsmith-special

door Marja Pruis

Als er niet zoiets zou bestaan als de maand van het spannende boek zou je denken dat we ons al enige tijd bevinden in het decennium van het spannende boek. Je kunt er niet omheen, noch in de boekhandel noch in het aanbod van de literaire uitgeverijen: onafzienbare stapels boeken over verdwenen kinderen, spoorloze echtelieden, ontwrichtende familiegeheimen, wraakzuchtige buren, geheimzinnige codes… Het is de vraag wanneer de markt verzadigd raakt, maar voorlopig viert de thrilleritis hoogtij. Spannende boeken zijn er natuurlijk altijd geweest, en liefhebbers daarvan ook, maar het is alsof ook de ‘gewone’ literatuur een tik van de molen meekrijgt. Flapteksten van de meest onverdachte boeken benadrukken de geheimzinnige intrige en de broeierige spanning en argeloze schrijvers worden door hun uitgevers gedrild om in een ‘elevator pitch’ te vertellen waarover hun boek gaat. Het is niet alleen niet langer ordinair om alle nadruk op ‘het verhaaltje’ te leggen, het wordt steeds meer een vereiste. ‘The Power of Plots’ is het thema van nu ook een ávond van het spannende boek (20 juni in de Melkweg in Amsterdam), maar langzamerhand, met die groeiende rijstebrij aan boeken die allemaal volgens dezelfde succesformule geschreven lijken, kunnen we beter spreken van De Terreur van de Plot.
Een schrijver die zich weinig aantrok van plot of gebod en wél zo’n beetje de meest spannende boeken op aarde schreef, is Patricia Highsmith (1921-1995). ‘Een gewoon mens wordt voor mij interessant zodra hij zich van zijn instincten bewust wordt’, zei ze. Het lijfboek van haar jeugd, The Human Mind van Karl Menninger, vol casestudies over kleptomanen, sadisten, pyromanen, pederasten, lustmoordenaars en psychopaten, beïnvloedde haar denken voorgoed. Iedereen die je op straat tegenkomt, kan een dief, sadist of moordenaar zijn. De wereld die Highsmith in haar boeken oproept, is van een onovertroffen maar vanzelfsprekende benauwenis en gruwelijkheid. Het manuscript van haar eerste misdaadroman, over twee mannen die van moord ruilen om de politie op een dwaalspoor te zetten, werd door zes verschillende uitgevers geretourneerd. Toen eindelijk Harper & Row het aandurfde om het uit te geven, kocht Alfred Hitchcock vrijwel direct de rechten, waarmee Strangers on a Train wereldberoemd werd. Haar derde boek, The Talented Mr. Ripley, bleef haar lievelingsboek. De amorele schurk Ripley dook daarna nog een aantal keren op, en inspireerde verschillende filmregisseurs, onder wie Wim Wenders. In 2000 werd het opnieuw verfilmd, waardoor de verkoop van het boek ook weer een impuls kreeg. In de jaren zeventig en tachtig was Highsmith een bestsellerauteur en opvallend genoeg gold dit sterker in Europa dan in de Verenigde Staten. De Nederlandse vertalingen van haar werk zijn nu alleen nog antiqua-risch verkrijgbaar, al zal in augustus een Nederlandse heruitgave van een vroege Highsmith uitkomen, Carol (uitgeverij Sirene).
Het werk van Highsmith heeft vele andere schrijvers geïnspireerd en gefascineerd. Wat is haar geheim? Graham Greene zei hierover: ‘Highsmith is een schrijfster van beklemming, meer dan van naakte angst. Angst wordt na een tijdje, zoals we in de Blitzkrieg hebben ervaren, een soort bedwelming, zo verlammend dat je ervan insuft, maar beklemming knaagt zachtjes en onafgebroken aan de zenuwen. We moeten ermee leren leven.’ Op de navolgende bladzijden proberen enkele Nederlandse schrijvers de essentie te vangen van ‘hun’ Highsmith.

Wachtwoord toesturen Problemen met inloggen?