De Groene Amsterdammer

Exclusief

De Groene Amsterdammer jaargang 2014 nummer 15

Visionair zonder schoenen

door Xandra Schutte

Kees Boeke, de man achter de school van prinses Beatrix, wilde een betere wereld, zonder macht, met een nieuwe mens, en zonder geld. De apostel van Bilthoven, blootsvoets en zachtaardig, inspireerde mensen met zijn oprechte idealisme in een materialistische tijd.    

Lezen

Iedereen

Manifest voor een nieuwe politiek (3) Fareed Zakaria

Tijd voor intellectuele revolutie

Volgens Fareed Zakaria heeft de sociaal-democratie in het Westen haar belangrijkste doelen bereikt. Dat betekent niet dat hij geen belangrijke rol meer ziet voor de stroming.

door Mars van Grunsven

IN ZIJN ESSAYS en columns in Foreign Affairs en Newsweek, waarvan hij hoofdredacteur van de internationale edities is, offreert Fareed Zakaria scherpe en verhelderende analyses - zonder ooit nadrukkelijk de kant van enige ideologie te kiezen. Zo schreef hij in 2008 dat de opkomst van het conservatisme begin jaren tachtig logisch was omdat die stroming op dat moment de noodzakelijke oplossingen aandroeg, maar verklaarde hij zichzelf geenszins conservatief. In datzelfde jaar steunde hij Barack Obama's kandidatuur, zonder zichzelf als liberal te bestempelen. Ook als gastheer van het cnn-programma Fareed Zakaria GPS, waarin hij met zijn gasten net zo makkelijk de Amerikaanse politiek als het Midden-Oosten bespreekt, houdt hij het midden. Leg hem echter Tony Judts nieuwe boek Ill Fares the Land voor en Zakaria toont zich na wat hoffelijkheden - 'Ik houd van Tony en ik bewonder hem als persoon en intellectueel' - wel degelijk uitgesproken.
'Dit boek is de typische klaagzang van een Europese sociaal-democraat', zegt Zakaria, tijdens een vraaggesprek in zijn kantoor in het cnn-gebouw in New York. 'Centraal in Tony's klaagzang staat het idee dat de collectieve aspiraties die mensen via hun overheid uiten, altijd superieur zijn aan andere collectieve uitingen. Wat de overheid doet, reflecteert het nobele doel van de maatschappij als geheel. Daar zit heus iets in. Maar daarmee ziet hij wel de vitaliteit en energie van het Anglo-Amerikaanse model over het hoofd. Ik denk dat er veel kracht schuilt achter het Anglo-Amerikaanse idee dat individuen gedwongen moeten worden verantwoordelijkheid te nemen voor hun sociale behoeften.'
Ter illustratie vergelijkt Zakaria het Metropolitan Museum of Arts in New York met het Louvre in Parijs: 'Wat is superieur: een museum dat gesticht en gefinancierd is door burgers, of een oud paleis van een koning dat de overheid heeft getransformeerd tot een museum?' De vraag stellen is hem beantwoorden. 'Ik behoor niet tot die Amerikanen die vinden dat Amerika meer op Europa zou moeten lijken.'
Toch heeft de sociaal-democratie ook in de VS veel bereikt. Hoe komt het dat niemand trots lijkt te zijn op de verworvenheden van de welvaartsstaat?
'De sociaal-democratie is in zekere zin slachtoffer van haar eigen succes: sommige sociale problemen zijn zo goed opgelost dat de mensen vergeten zijn dat ze ooit bestonden. Hetzelfde zie je met de huidige financiële crisis. De overheid reageerde zo snel dat sommige mensen ter rechterzijde nu roepen: "Welke crisis?" - daarbij vergetend dat we te maken hadden met een grotere en snellere inkrimping van de wereldhandel dan tijdens The Great Depression.
Op het moment bespeur ik inderdaad weinig enthousiasme voor de welvaartsstaat, en hebben we het alleen over de kosten ervan. Maar er is ook brede consensus dat ze moet worden gehandhaafd.'
Als het steeds om de kosten gaat, waarom is snijden in het defensiebudget dan zo onbespreekbaar?
'Amerika is de supermacht van de wereld en een groot deel van onze identiteit is daarop gebaseerd. Dat betreur ik. In de huidige budgettaire situatie moeten we op elke post in de begroting snijden, terwijl we zevenhonderd miljard dollar per jaar aan defensie besteden zonder dat iemand daar zelfs maar iets over kan zeggen. Het probleem is dat de Republikeinen dat sowieso niet zullen doen, terwijl de Democraten sinds de terugtrekking uit Vietnam bang zijn om "soft" te worden bevonden.'
Hetzelfde zie je met belastingen: geen Democraat durft te zeggen dat die omhoog moeten.
'Ook dit voert terug tot de jaren zeventig, toen de Amerikaanse middenklasse zich van de Democraten afwendde. De perceptie was dat de Democratische Partij het land internationaal voor schut had gezet en belastinggeld verbraste aan sociale programma's voor de armen. Dit was onwaar, maar de partij worstelt nu nog met die perceptie. De Burgerrechtenbeweging speelde ook een rol. Als de blanke middenklasse het had over geld uitgeven aan de armen, dan was dat vaak codetaal voor geld uitgeven aan zwarten en minderheden.'
Deze codetaal waaraan u refereert, is dat wat we nu horen van Tea Party-activisten?
'Kijk naar de samenstelling van de Tea Party: dit zijn voornamelijk oudere, blanke mannen die vinden dat de overheid te veel van hun belastinggeld uitgeeft aan zaken waarvoor zij niet zouden kiezen. Dat klinkt niet veel anders dan wat ik net beschreef, nietwaar? Overigens, aanschouw deze critici: is Amerika werkelijk zo'n beroerde plek voor blanken uit de middenklasse? Ik kan begrijpen dat een Latina huishoudster of een zwarte straatverkoper vindt dat het systeem oneerlijk is, maar nu is het de gegoede middenklasse die razend is en de overheid omver wil werpen.'

Judt plaatst de goede bedoelingen van de overheid tegenover materialisme en egoïsme, waarover hij schrijft: 'Dit is niet de natuurlijke staat van de mens.' Kunt u zich daarin vinden?
'We zijn in het Westen te zeer geobsedeerd door geld. Vanaf een zeker welvaartsniveau maakt geld je niet meer gelukkiger. Dan draait het leven om menselijke relaties, vrienden, gemeenschap. Toch voel ik me ongemakkelijk bij het idee dat je mensen zou moeten ontmoedigen om meer rijkdom te vergaren. Ik ben in India opgegroeid, en ik kan je verzekeren dat het een diep-menselijke drang is om je eigen omstandigheden en die van je kinderen te willen verbeteren. Overigens valt me op dat veel intellectuelen die claimen dat mensen van nature niet gemotiveerd zijn door materialisme kiezen voor de universiteit die hen het best betaalt of het land dat hen van de beste materiële mogelijkheden voorziet.'
Ondertussen kennen de VS een almaar groeiende inkomensongelijkheid.
'Dat is een groot probleem. Het is het gevolg van de opkomst van de globale kenniseconomie. In de jaren vijftig verdiende een staalarbeider evenveel als een hoogleraar, omdat zijn werk zo zwaar was. Tegenwoordig wordt staal overal ter wereld door machines gemaakt. Fysieke arbeid is een goedkope grondstof geworden, terwijl het werk van het brein - het manipuleren van woorden en symbolen, het oplossen van problemen - juist wél goed beloond wordt. Wat je ziet op het niveau van ceo's is de extreme versie van deze realiteit.
We moeten de sociale mogelijkheden en economische mobiliteit van de onderklasse vergroten. Veel mensen zitten gevangen in een armoedecyclus: hun schoolsysteem werkt niet en hun familiestructuur is slecht. Rechts wil geen geld uitgeven aan openbaar onderwijs, terwijl links zich niet durft te bemoeien met de familiestructuur van deze mensen. Uit recente onderzoeken blijkt dat Amerikanen inmiddels minder sociaal mobiel zijn dan Noord-Europeanen. Als dat waar is, wat betekent de Amerikaanse Droom dan nog? Die is immers geheel gebaseerd op de aanname dat we weliswaar veel ongelijkheid tolereren, maar dat je ook makkelijk je klasse kunt ontstijgen. Als we niets ondernemen, dan hebben we straks zowel de Amerikaanse ongelijkheid als de sociale rigiditeit die we altijd met Europa associeerden.'
Kan de sociaal-democratie daarin een rol spelen?
'Van de drie grote ideologieën die we rond 1900 hadden - het conservatisme, het liberalisme en de sociaal-democratie - heeft de laatste duidelijk gewonnen. Conservatieven wilden een archaïsche, feodale samenleving, liberalen een laissez faire-paradijs, met een kleine overheid en veel individuele vrijheid. De sociaal-democraten wilden de arbeidswetten, de pensioenen, gezondheidszorg, de regulering van het zakenleven. Dat hebben ze allemaal gekregen. Maar wat nu? Misschien wel het heroverwegen van de afhankelijkheid die gecreëerd is door de welvaartsstaat. Volgens mij zouden sociaal-democraten zich ook goed kunnen richten op het repareren van het openbaar onderwijs, zodat dat weer een waardevolle gemeenschappelijke ervaring wordt. In Israël hebben mensen een sterk gevoel van gemeenschap omdat ze allemaal in het leger hebben moeten dienen - internetmiljonairs dienen in hetzelfde bataljon als barmannen. Een dergelijk verbindend element kennen we in het westerse leven niet meer.'
De politiek zou iets kunnen doen aan deze onthechting, ware het niet dat politici momenteel verschrikkelijk gewantrouwd worden door het publiek. Hoe heeft het zo ver kunnen komen?
'Volgens mij zijn onze politici helemaal niet zo slecht. Het probleem is het systeem waarbinnen ze functioneren. Dat zet aan tot zeer gepolariseerd debat en prikkelt politici om steeds de meest extreme posities te kiezen, links of rechts - zo zul je immers campagnedonaties en mediasteun verdienen. Daarnaast is het politieke proces misschien wel te democratisch geworden. Bismarck zei het al: wetgeving is als worsten maken; je wilt het niet zien gebeuren. Tegenwoordig weten we alles over onze politici, ook van hun privé-leven, en houden we ze aan standaarden waaraan niemand in de private sector zou kunnen voldoen. De prijs daarvoor is dat we ze haten.'
Hoe kan de politiek weer aanzien verwerven?
'Krijg zaken voor elkaar en trek je niets aan van de peilingen - die fluctueren toch als achtbanen. En probeer het mysterie en de waardigheid van het ambt te behouden. Toen Bill Clinton op mtv werd gevraagd of hij boxers of strakke onderbroeken draagt, had hij naar mijn smaak moeten antwoorden: "Ik ben de president van de Verenigde Staten. Volgende vraag graag." ('Meestal korte onderbroeken', antwoordde Clinton - mvg) Politici moeten begrijpen dat kiezers hen niet aardig hoeven te vinden - kiezers moeten hen bewonderen.'
Volgens Judt hebben we een nieuwe politieke taal nodig, omdat het huidige debat nergens toe leidt. Wat zijn uw ideeën daarover?
'Ik denk dat mijn show op cnn het zo goed doet omdat het publiek genoeg heeft van het gepolariseerde gebrul op kabeltelevisie. Dat heeft te maken met die honger naar een nieuwe taal - mensen willen begrijpen wat er werkelijk speelt; ze willen feiten en intelligente analyse. Ik heb soms vier gasten in mijn programma die niet wezenlijk met elkaar van mening verschillen, maar toch een fascinerende discussie voeren. Het echt interessante debat vindt plaats in het centrum - daar kun je goedbedoelende mensen overtuigen en ze de complexiteit van het leven voorleggen. De mensen die naar Glenn Beck kijken willen toch niet overtuigd worden. Dat zou nog eens een intellectuele revolutie zijn: als het centrum in elke westerse democratie de leiding zou nemen over de richting van de maatschappij - in plaats van die leiding te laten aan de meest geagiteerde minderheden, aan de mensen die bereid zijn tien e-mails aan hun volksvertegenwoordiger te sturen.'
Is er in dat centrum ook ruimte voor sociaal-democraten?
'Zeker, maar alleen als ze bereid zijn hun rol te heroverwegen. Hoe kunnen zij het leven verbeteren zonder de vitaliteit van de huidige samenleving aan te tasten? Want dat is hoe de sociaal-democratie ontspoord is, vooral in de jaren zeventig en tachtig toen ze zich vastklampte aan een model dat was ingehaald door de actualiteit.'
Zou in dit tijdsgewricht niet juist het vrijemarktdenken, zoals ooit gepropageerd door Milton Friedman en de Chicago School of Economics, ter discussie moeten staan?
'Ik vind het prima als mensen dat willen aanwenden als retorisch argument om bepaalde wantoestanden te corrigeren - bijvoorbeeld de marginale regulering van de financiële sector. Maar voor het overige wijs ik erop dat, ondanks Friedman, de overheid in elke westerse staat veertig tot zestig procent van het bruto nationaal product besteedt. We leven niet in een laissez faire-paradijs, maar in een sociaal-democratische realiteit.'

Hoe ziet u de toekomst van de welvaartsstaat?
'Ik denk niet dat we in de diepe systematische crisis zitten waarover je sommige mensen hoort praten. Maar we zitten wel in een fase waarin de lasten van de welvaartsstaat pijnlijk voelbaar worden. De babyboomers gaan met pensioen en de budgettaire implicaties daarvan zijn al zichtbaar. Daarom is bijsturing nodig. Ik zie echter een probleem: er is geen crisis. En westerse democratieën hebben een crisis nodig om in actie te komen.'
Hadden we niet net een crisis?
'Die crisis was niet gerelateerd aan dit probleem, namelijk het betalen van de rekeningen. Het probleem met de welvaartsstaat is dat de kosten ervan zeer geleidelijk oplopen, waardoor het nooit als een crisis voelt. Ik heb nog wel de hoop dat mensen rationeel zijn en dat onze verguisde politici uiteindelijk zullen doen wat nodig is: zowel belastingverhogingen als bezuinigingen doorvoeren. Eerlijk gezegd ben ik daarom optimistischer over de economische toekomst van Amerika dan die van Europa, omdat we hier nog niet zo zwaar belast worden als bij jullie.'

Wachtwoord toesturen Problemen met inloggen?