De Groene Amsterdammer

Sluiten

Trouw zo gauw mogelijk

door KEES 'T HART

Leaves of Grass uit 1855 was niet het debuut van Walt Whitman (1819- 1892). Zoiets schrijf je niet zomaar ineens. Veel scholing had hij niet, hij belandde al op zijn elfde jaar in de uitgeverswereld, eerst als leerlingdrukker, later als letterzetter en opmaker. Zo kwam hij met de schrijverij in contact: op zijn dertiende schreef hij in het weekblaadje Long Island Patriot zijn eerste stukje, over een blikseminslag met dodelijke afloop. Later kwam hij ook aan de kost als onderwijzer, maar zijn hart lag bij de uitgeverij. Hij werkte bij allerlei krantjes, die je in New York en omgeving bij tientallen had, allemaal keurig verdeeld naar politieke voorkeur. Namen als Aurora, Evening Tattler, Statesman, Democrat, Mirror. Vanaf zijn zestiende begon hij er steeds vaker artikelen voor te schrijven, faits divers-stukken en beschouwingen over actuele zaken als grondspeculatie en slavernij. In november 1842 verscheen in de krant The New World als bijlage de roman Franklin Evans or the Inebriate. Hij was geschreven door ene Walter Whitman die als letterzetter bij deze krant in dienst was en er af en toe artikelen voor had geschreven. De bijlage kostte 12,5 dollarcent, als je er tien afnam betaalde je één dollar, kocht je er honderd tegelijk dan was het acht dollar. Er gingen twintigduizend stuks over de toonbank, veel meer dan hij later ooit van zijn gedichten verkocht. Whitman kreeg bij publicatie 75 dollar, later nog een keer vijftig dollar, behoorlijk veel geld. Ruim vijftig jaar later bekende hij zijn vriend Horace Traubel dat hij het een roman van helemaal niks vond. Hij wist niet eens meer wie hem op het idee gebracht had, klassiek geval van verdringing. In ieder geval beloofden ze hem een flink bedrag en omdat hij in geldnood zat besloot hij het zo snel mogelijk te schrijven. En met de hulp van een fles port 'or what not' slaagde hij erin het boek in drie dagen te schrijven. 'It was damned rot', vertelt hij, '- rot of the worst sort - not insincere, perhaps, but rot, nevertheless: it was not the business for me to be up to.' Whitman zelf was vanaf zijn vroege jeugd een krachtige innemer van drank, in de journalistenkringen waar hij kwam sprak dat bijna vanzelf. Hij kende wel de gevaren van drank, zijn vader dronk onmatig veel, maar toen hij later als dichter bekend werd, kon je hem in New York regelmatig tegenkomen in Café Pfaff, de place to be voor intellectuelen en kunstenaars.
Bijna vijftigduizend woorden in drie dagen! Een beetje opschepperij zit er vast bij en je kunt de snelheid van schrijven er ook wel aan aflezen, maar zo beroerd is het allemaal ook weer niet. Het boek past naadloos in alle flagrant sentimentele literatuur van die tijd over dit onderwerp. Hoe houden we onze jeugd op het rechte pad? Whitman vertelt de geschiedenis van de van Long Island afkomstige Franklin Evans die naar het verderfelijke New York verhuist en daar een leven probeert op te bouwen. Hij belandt uiteraard in verkeerde kringen en geeft zich over aan drankzucht. Gelukkig redt hij op de boot op weg naar Manhattan een meisje van de verdrinkingsdood en de familie daarvan brengt hem later weer op het rechte pad. Maar helaas gaat het toch weer mis, hij trouwt, raakt weer aan de drank, zijn vrouw sterft. Het gaat van kwaad tot erger, hij trouwt in een vlaag van onnozelheid die gepaard gaat met drankzucht met ene Margaret, een slavin, die dankzij dit huwelijk vrij wordt gelaten. Dan wordt hij verliefd op een ander, Margaret vermoordt haar. Kortom, melodrama in optima forma. Natuurlijk laat Whitman zijn held op het einde tot beslissende inzichten komen: jongelui, hou je niet op in goedkope pensions in New York. Dat leidt alleen tot drankmisbruik! Alleen totale onthouding helpt. En trouw zo gauw mogelijk. Maar niet met een zwarte slavin.
Pijnlijk voor Whitman is de geschiedenis van de 'Creole woman' Margaret. Zijn latere weerzin tegen de roman komt ongetwijfeld daaruit voort. Hij wilde niet herinnerd worden aan zijn tamelijk lauwe opvattingen over slavernij die hij er in zijn jonge jaren op nahield en later verwierp: slaven waren beter af als ze maar goed behandeld werden. Je ziet dit aan Margaret, ze verandert in een halve gare moordzuchtige gek zodra ze is vrijgelaten. Eigenaardig aan de roman is dat de verkeerde stappen van de held meestal niet direct uit drankzucht voortkomen. Zuipen doet hij wel, maar helemaal in de goot belandt hij niet en zijn huwelijk met Margaret is dan wel ondoordacht, vindt hij, maar wat het precies met drank te maken heeft blijft in het midden. Whitmans beschrijvingen van New Yorkse drankhuizen zijn buitengewoon aantrekkelijk, ik zou er veel voor over hebben om daar een keer aan te mogen schuiven, wat natuurlijk in tegenspraak is met de bedoelingen van het boek. 'Those beautiful women-warbling melodies sweeter than ever I had heard before, and the effect of the liquor upon my brain, seemed to lave me in happiness, as it were, from head to foot!'
Van Whitmans breed uitwaaierende poëzie van later is in dit pedagogische werkje nog vrijwel niets te merken. Maar in hoofdstuk XX staan ineens van die typische Leaves of Grass-zinnen. Franklin Evans zit in de schemering een krant te lezen en dan heeft hij een merkwaardig visioen. Hij ziet zichzelf door de steden van een groot rijk lopen. Havens, vol met schepen, met kooplieden, steden met schitterende avenues. En dan dit: 'I saw from the tops of the fortresses the Star-Flag-emblem of Liberty - floating gloriously abroad in the breeze! And how countless were the inhabitants of that country!' Zelfs in dit 'damned rot' boek, kondigde zich de grote dichter van 1855 al aan.

Wachtwoord toesturen Problemen met inloggen?