Welk boek ligt naast uw bed?
Ik lees drie boeken door elkaar, Dagboek van een duizendkunstenaar van Jean Cocteau, Ik wil nooit vergeven worden van Ted Hughes en ook de brieven van Vincent van Gogh, een vrolijke pocketeditie van Meulenhoff. Ik heb behoefte aan iets fragmentarisch voor het slapen gaan.

Als u iets zou kunnen veranderen aan wat u heeft geschreven door de jaren heen, wat zou dat zijn?
Zoals ik het zie, is alles wat je gepubliceerd hebt een artistieke getuigenis en een historisch document. Ten tweede heb ik er, vooral bij romans, op dat moment met zoveel obsessie en manische energie aan gewerkt dat ik dat nooit meer kan evenaren. Het is eigenlijk geschreven door een ander persoon.

Wie van uw tijdgenoten wordt over honderd jaar nog steeds gelezen?
Tja, honderd jaar. We hebben allemaal de klimaatrapporten gelezen, over honderd jaar gebruiken we boeken om het vuur aan te steken. Wie de tijd en ruimte heeft om dan een boek open te slaan, verdient de literatuur niet. Als ik één boek zou moeten noemen, zou ik zeggen dat we Habitus van Radna Fabias dan nog lezen.

Welke schrijver of welk boek wordt onderschat? En waarom?
Ik denk dat goede boeken altijd worden opgemerkt, eerst en vooral door de goede schrijvers. Omdat dat een van de belangrijkste delen van je publiek is, is het heel moeilijk om onderschat te zijn. Zelfs als je boeken moeilijk bereikbaar zijn, dan wordt er altijd wel één opengeslagen door een collega. Een schrijver die zich er zorgen over maakt, die heeft niet al zijn lezers gesproken.

Als u een schrijver zou kunnen zijn waar of wanneer dan ook, waar en wanneer zou dat zijn?
Een schrijver als ik kan nooit terug in de tijd, ik zou te veel etnisch geprofileerd worden. Mijn beste tijd ligt altijd voor me.

Heeft een recensent ooit iets kritisch over u geschreven waarvan u dacht: hij heeft een punt?
Het publiek van de recensent is de lezer van de recensie, niet de lezer van het besproken boek, en zeker niet de auteur. Het lijkt me dus sterk dat de auteur iets inzichtelijks in een recensie zou ontdekken. Dat toeval is mij nog nooit overkomen. Het heeft materiële implicaties: hoeveel ga je verkopen? Voor de rest betekent het niet zoveel voor mij.

© Maya Hermes

Wat is qua lezen uw ‘guilty pleasure’? En daarbuiten?
Die heb ik niet echt, ik lees van alles. Ik heb wel een tijdje poëzie gelezen in de snackbar als ik friet ging halen, dat kun je zien als een guilty pleasure omdat de snackbareigenaar het misschien niet zo vaak meemaakt.

Met welk van uw boeken heeft u de diepste band?
Ik ben zeer dankbaar voor mijn debuut. Dat het is verschenen zoals het is verschenen, dat heeft me een fundament gegeven waarop ik kon voortbouwen. Daarbij heb ik toen ook mijn redacteur ontmoet, waarmee ik al mijn latere boeken heb gemaakt.

Heeft u verborgen talenten? Als u geen schrijver zou zijn, wat zou u dan zijn?
Ken jij creatief ingestelde mensen met verborgen talenten? Zodra ze iets in zichzelf voelen, gaan ze dat meteen uitbouwen en proberen te ontwikkelen. Als er iets verborgen is, wordt het al snel in het licht getrokken. Wie mij kent, weet wat ik leuk vind en kan. Ik was wel ooit fotograaf, en daarmee heb ik besloten te stoppen omdat ik het niet kon combineren met schrijven, er zitten maar zoveel uren in een dag. Als ik geen schrijver was geweest, dan was ik niets.

Er staat een tafeltje langs de Seine klaar, met een wit laken, twee wijnglazen, een kaars. Obers in jacquet staan paraat. Welk personage uit de wereldliteratuur zou u voor een diner uitnodigen? En waar zouden jullie het over hebben?
Holden Caulfield uit The Catcher in the Rye. We zitten aan het water, ik til hem op, houd hem boven mijn hoofd en ik gooi hem in de Seine. Hij is the biggest fucking phony himself.

Welk boek zou iedereen op zijn achttiende gelezen moeten hebben?
Verzen van Herman Gorter. Goed voor je als mens. Ik durf te wedden dat het werkt voor elke achttienjarige; je bent even in de war, weet even niet wat er gebeurt, maar op een gegeven moment heb je hem.

Welke klassieker heeft u, tot uw grote schaamte, nooit gelezen?
Niemand kan alles lezen en een heleboel klassiekers zijn crap, dus daar mis je niks aan. Ik weet al dat ik het niet ga halen, dat ik levensveranderende boeken niet zal lezen omdat de tijd ontbreekt. Dat frustreert me, maar daar moet ik maar mee leren leven. Schaamte voel ik niet, ik ben wel altijd hongerig.

Uw nieuwe boek staat bol van zestiende-eeuwse termen en zeemanstaal. Heeft u zich daar lang in verdiept voor het schrijven?
Anderhalf jaar onderzoek. Lezen over de tijd, de verschillende soorten schepen, de handel, scheepsmemoires, de gezondheidszorg in medische handboeken van toen. Op een gegeven moment moest ik mezelf afremmen en zeggen: nu ga ik schrijven.

De stijl van uw boek was een ervaring. Lange zinnen met krachtig taalgebruik. Wat was het idee daarachter?
Mijn eigen favoriete literaire ervaringen draaien om even niet weten waar je bent, blijven lezen en op een gegeven moment ergens arriveren. Ik wil denk ik zelf ook in die traditie werken. Elk boek creëert weer zijn eigen regels, ik wil elke mogelijke richting opzoeken.

Hemingway of Fitzgerald?
Deze rubriek van jullie loopt nu al een tijdje, en ik heb het idee dat elk antwoord wel al een keer gegeven is op die of-of-vragen. Ik noem daarom liever een derde persoon die ik er ook bij vind passen. Ik denk nu aan Edith Wharton, van The Age of Innocence. Dat is een auteur die verrast. Die bespreek ik liever dan de mannen die iedereen al kent.

Proust of Joyce?
Fuck, man. Ik wil iemand anders noemen dan Joyce, maar kun je iemand anders noemen? Nee, Joyce all the way.

Camus of Houellebecq?
Alles om tegen Houellebecq in te gaan. Hij is gewoon geen natuurlijke schrijver, en dan ook nog een reactionaire hengelaar. Dat is erg vermoeiend. Dus Camus. En Marguerite Duras.

Tolstoj of Dostojevski?
Toergenjev, van A Sportsman’s Sketches. En daarna Tolstoj, geen Dostojevski, boring fart.

Tsjechov of Alice Munro?
Vincent Mahieu, daarvan hoop ik dat mensen hem gaan googelen en zijn bundels vinden. Je wereld is veranderd als je dat hebt gelezen.

Zadie Smith of Joan Didion?
Audre Lorde. Lorde’s beperkte maar overweldigende oeuvre overstijgt het werk van Smith en Didion met gemak.

Jane Austen of Virginia Woolf?
Charlotte Brontë natuurlijk. Jane Eyre, daar is van alles op aan te merken, maar ik ga volledig plat, elke keer dat ik het lees.

Ferrante of Knausgard?
Wordt Ferrante nog serieus genomen? Ik sta daar steeds van te kijken, het is zo cynisch. Alfred Birney. Dat is nu onze nummer één Nobelprijskandidaat. En ik vind dat we dat moeten dragen en moeten duwen.

Freud of Lacan?
Natuurlijk heb ik nu enorme zin om Marx te zeggen. Dus dat gaan we gewoon doen. Marx.