21 vragen aan… Marian Donner

Welk boek ligt naast het bed van Marian Donner? Welk boek van een ander zou ze zelf geschreven willen hebben? Paolo Sorrentino of Wes Anderson?

Wat was het leukste moment tijdens het schrijven van uw nieuwste roman/boek?
Het is het leukst als je het gevoel hebt dat dingen op hun plek vallen. Het moment dat je een ingeving krijgt, waarmee je je verhaal kloppend krijgt en je de puzzel compleet maakt. Tenminste: dat voelt dan zo. De volgende dag is dat natuurlijk weer heel anders en vind je het allemaal niks. Maar het gevoel dat je een soort God bent, dat je alles beheerst en alles klopt, is onovertroffen. En de val daarna altijd diep.

Welk boek ligt naast uw bed?
The Fountainhead van Ayn Rand. Dat boek wilde ik al lang lezen en het is echt geweldig, ook al ben ik het absoluut niet eens met de onderliggende ideeën. Rand is natuurlijk de filosoof van het neoliberalisme en het boek is doordesemd van die ideologie. Ik begrijp de aantrekkingskracht van die ideologie, het doel was om het individu te bevrijden van onderdrukkende structuren als religie en idealistische overheden. En dat is gelukt. Maar wat je in deze neoliberale tijden ziet, is dat er een ander onderdrukkend systeem voor in de plaats is gekomen, namelijk dat van de zogenaamd neutrale cijfers. Het individu verdwijnt tegenwoordig in targets, prestatiemetingen, protocollen, winst- en verliescijfers. We worden overal gemeten en beoordeeld en zijn allesbehalve vrij.

Als u iets zou kunnen veranderen aan wat u heeft geschreven door de jaren heen, wat zou dat zijn?
Alles. Ik wil meestal de dag na publicatie al heel veel veranderen, zowel kleine als grote dingen. Voor een deel komt dit voort uit hardnekkige verbeteringsmanie, maar ook omdat ik zelf continu verander. Ik ontwikkel nieuwe ideeën of vind nieuwe rapporten die ik achteraf graag in mijn boek had verwerkt. Voor mij is het niet voorstelbaar dat je denkt dat iets klaar is; dat is voor mij het einde van nieuwsgierigheid.

Welk boek, geschreven door iemand anders, zou u zelf geschreven willen hebben?
De ondraaglijke lichtheid van het bestaan van Milan Kundera. Omdat ik dan een enorm sprankelende geest zou hebben gehad.

Wie van uw tijdgenoten wordt over honderd jaar nog steeds gelezen?
Niemand. Laatst kreeg ik een lijstje met de populairste schrijvers uit de jaren vijftig onder ogen en ik kende vrijwel niemand. Als er iemand nog wordt gelezen over honderd jaar, is het waarschijnlijk een schrijver die nu nogal obscuur is en in de marge opereert. Die wordt dan wellicht herontdekt. De populariteit van schrijvers als Buwalda en Grunberg houdt geen stand denk ik. Hun romans zijn te veel geworteld in de tijdgeest en omdat die verandert, zal hun werk ook aan populariteit inboeten. De geschiedenis leert dat er meer wordt vergeten dan onthouden. Zo gaat dat.

© Maarten van der Kamp

Wat is de beste sterfscène in een roman?
In Slaughterhouse-Five schrijft Kurt Vonnegut bij elk sterfgeval: ‘So it goes’. Bij elke dood schrijft hij als het ware een uitgeleide, ook bij die van een vlo. Dat herhaalt hij voortdurend en dat maakt je scherp bewust van het feit dat zoveel mensen in een oorlog nonchalant, zinloos sterven; zo gaat het in de realiteit ook, maar de wijze waarop hij de aandacht erop vestigt, werkt geweldig.

Wie zijn uw favoriete dichters?
Ik ben niet heel erg into de dichtkunst, maar de verhalende gedichten van Anna Achmatova vind ik geweldig. Haar gedichten zijn heel anti-stereotiep, ze gaan over hartstochtelijke vrouwen die meer willen dan de doodse mannen in hun omgeving, en daaruit willen losbreken. Sterke vrouwen die dronken worden, gemene dingen zeggen en gepassioneerd in het leven staan.

Heeft een recensent ooit iets kritisch over u geschreven waarvan u dacht: hij heeft een punt?
Op Goodreads recenseerde een lezer mijn Zelfverwoestingsboek. Die had meer willen lezen over coöptatie, de manier waarop sociale strijd wordt toegeëigend door het bedrijfsleven. Kortom, hoe bedrijven goede sier maken door bepaalde idealen onoprecht in te zetten in reclamecampagnes en daarmee de kritiek op hun eigen dubieuze handelen proberen te omzeilen. Daar heb ik vrij veel over geschreven, maar in mijn boek komt het nauwelijks aan bod. Dat vond ik dus een goed punt.

Wat is qua lezen uw ‘guilty pleasure’? En daarbuiten?
Ik maak bezwaar tegen het hele concept van guilty pleasure; ik vind het zo’n stomme term. Je zou je ergens voor moeten schamen, omdat datgene door andere mensen wordt geclassificeerd als pulp of slecht. Ik trek me daarvan niets aan en heb niet de behoefte om me te verdedigen; de mensen die onderscheid maken tussen wat wel en niet zou kunnen, zouden zich juist moeten schamen. Ik kijk heel graag naar Love Island, is dat dan slecht?

Met welk boek heeft u de diepste band?
Met Slaughterhouse-Five van Kurt Vonnegut, ik voel zo veel liefde voor dat boek. Ik werd meteen overvallen door het besef dat ik een meesterwerk in handen had. Elke zin, elk woord, elk idee en de manier waarop hij naar de wereld kijkt, voegt iets nieuws toe aan de literatuur. Je wordt er echt rijker van als lezer. Het centrale idee dat iemand is losgeraakt van de tijd is briljant en jaloersmakend origineel, en de manier waarop hij het tragische combineert met het komische is geweldig. Alles valt perfect samen.

Heeft u verborgen talenten? Als u geen schrijver zou zijn, wat zou u dan zijn?
Dan zou ik wel een probleem hebben gehad; ik wil heel graag een solitair beroep hebben waarin ik mijn ideeën kwijt kan, zonder gebonden te zijn aan kantoortijden. Toch denk ik dat ik wel een goede advocaat zou zijn geweest. Ik heb heel even rechten gestudeerd — wat ik overigens verschrikkelijk saai vond — en hou van discussiëren en argumenteren. Recht gaat bovenal over de morele wetten die de samenleving structureren en dat aspect heeft me altijd gefascineerd; rechtsfilosofie was daarom ook een van mijn favoriete vakken. Als advocaat zou ik dan waarschijnlijk zo'n arme sloeber zijn geweest die alleen maar pro deo werkt. Of misschien hoop ik dat.

Er staat een tafeltje langs de Seine klaar, met een roodgeblokt laken, twee wijnglazen, een kaars. Obers in jacquet staan paraat. Welk personage uit de wereldliteratuur zou u voor een diner uitnodigen?
Jezus. Het is een fictief personage, maar wellicht ook reëel. Ik zou heel benieuwd zijn wat zijn visie zou zijn op wat mensen met zijn ideeën en zijn woorden hebben gedaan, terugkijkend op tweeduizend jaar geschiedenis. Zou hij met de kennis van nu iets aan zijn woorden willen veranderen? Wat denkt hij over de opvattingen die in de bijbel worden geëtaleerd? Wie weet is Jezus in de moderne tijd wel een rechtse Republikein die tegen abortus is, ik sluit het niet uit.

Welk boek zou iedereen op zijn achttiende gelezen moeten hebben?
Is dit een mens van Primo Levi. Omdat het boek laat zien waar door de mens gecreëerde structuren toe in staat zijn, hoe vernietigend ze kunnen uitpakken en hoe belangrijk het is om je bewust te zijn van de werking ervan. Het kwaad wordt vaak op individueel niveau gepsychologiseerd, maar de Holocaust was een machinerie, een bureaucratie, gericht op efficiëntie en geleid door managers. Een systeem dus dat veel groter was dan de mensen die het maakten, als het ware losstaand van individuele, psychologische drijfveren van de betrokkenen,

Wat is het interessantste dat u onlangs van een boek geleerd heeft?
Ik las onlangs Jeanette Wintersons Why Be Happy When You Could Be Normal? Daarin schrijft ze dat de working class vroeger de bijbel nog las en dat de gedragen, ouderwetse taal daarvan ook door hen werd beheerst. Dat gaf hun de mogelijkheid om ook Shakespeare en Victor Hugo te lezen, hoge cultuur kortom. De bevrijdende, emancipatoire kracht van taal in de praktijk. Winterson stelt dat die mogelijkheid is verdwenen sinds de ontkerkelijking heeft toegeslagen. Ik had daar nooit over nagedacht, maar zo zie je dus dat grote historische ontwikkelingen — soms gedefinieerd als bevrijdend — er ook toe kunnen leiden dat mensen juist iets ontnomen wordt. Niets is eenduidig, en consequenties van veranderingen blijk je nooit helemaal te kunnen overzien.

Hemingway of Fitzgerald? Fitzgerald.

Camus of Houellebecq? Camus. Ik ben een enorme fan van Houellebecq, maar hij kan niet in de schaduw van Camus staan, De mens in opstand is een meesterwerk.

Paolo Sorrentino of Wes Anderson? Allebei verschrikkelijk, zo leeg en zogenaamd lekker gek.

Ferrante of Knausgard? Ferrante.

Hockney of Warhol? Warhol.

Jane Austen of Virginia Woolf? Woolf.

Harry Mulisch of Willem Frederik Hermans? Mulisch, absoluut. Een bruisende geest, zijn boeken stralen een ongekende levenslust en nieuwsgierigheid uit.