21 vragen aan… Thomas Rueb

© Das Mag

Heb je persoonlijk een favoriete passage van je boek?
Ik denk de eerste bladzijde met een WhatsApp-gesprek tussen Laura en haar vader. Eerst stuurt hij ‘hoe is het?’, waarop geen reactie komt. Twee dagen later: ‘Hé, leef je nog??’, half grappend. Het blijft natuurlijk stil. Zij is vertrokken naar Syrië en hij weet dat nog niet. In de loop van zes berichten zie je de wanhoop toenemen, en alles wat dat met een ouder doet.
En het is gewoon toeval. Ik kreeg de vraag of ik tijd had om hem te interviewen, iemand anders kon niet. Ik dacht, gewoon een gesprek met de vader van een Syrië-ganger. Het is bizar. Een doorgestuurd mailtje is zo’n schakelpunt in mijn eigen leven geweest. Qua journalistiek mag ik hopen dat ik ooit iets tegenkom wat hierbij in de buurt komt.

Welk boek ligt er naast je bed?
Ons leven in de bossen van Marie Darrieussecq. Nu heb je meteen mijn eerste leugen betrapt, want ik zeg dat het naast mijn bed ligt maar het zit hier in mijn tas.

Welk boek zou je willen dat je zelf geschreven had?
Elke zin die Arjen van Veelen ooit geschreven heeft, zou ik geschreven willen hebben. Daarnaast las ik laatst ook Hex van Thomas Olde Heuvelt – zo’n fantastisch boek. Ik ben stiekem een enorme fan van horror, en ik moet eigenlijk niet eens stiekem zeggen. Dit is horror zoals het eigenlijk niet in Nederland geschreven wordt. Doodeng maar zo’n fantastisch uitgangspunt, ik zou willen dat ik het zelf bedacht had. Een heel slim spel van het bovennatuurlijke en het alledaagse.

Welke boek is overschat?
Ik heb het met boeken die ik krijg aangeraden als meesterwerken. 1Q84 van Murakami bijvoorbeeld. Iedereen zegt dat het zijn magnum opus is. Toen ik op vakantie ging, was dit het enige boek dat ik had meegenomen. In Jordanië zat ik op een rots te lezen, en ik dacht ‘nu moet het toch gebeuren, dat het klikt, dat ik begrijp waarom dit het boek is waar iedereen het over heeft’. Het is niet gebeurd. Ik krijg zo’n stemmetje in mijn hoofd van ‘het zal wel aan mij liggen’.

Heeft een recensent ooit iets kritisch gezegd over jouw boek waarvan je dacht: daar heb je wel een punt?
Ik heb niet zo heel veel recensies gehad. Ik heb één boek en dat is, denk ik, vier keer gerecenseerd. Dus het wordt een heel vreselijk antwoord om dan ‘nee’ te zeggen. Het is meer de recensent op Twitter die het boek niet gelezen heeft; de persoon die zegt ‘haar hoofd moet eraf en voor altijd wegrotten in een Koerdische gevangenis’. Maar ik was doodsbang voor recensenten – bloedzenuwachtig.

Lees je de recensies meteen?
Ja, ik heb niet de zelfbeheersing om dat niet te doen. Ik vond het bij mijn eigen krant, de NRC, het spannendst. Het wordt van buitenaf gerecenseerd maar het is ook mijn plek, mijn omgeving. Als het daar slecht gerecenseerd zou zijn, zou het me diep geraakt hebben. Vijf sterren was misschien wel het mooiste moment in mijn leven. Ik ben toen heel stilletjes van mijn bureau opgestaan, naar beneden gelopen en naar een pleintje op de hoek gegaan. Daar ben ik keihard gaan springen als een idioot en daarna weer heel beheerst terug naar boven gegaan.

Wat is qua lezen je ‘guilty pleasure’? En daarbuiten?
Stephen King. Op de basisschool zeulde ik al met die boeken van hem rond. Nu, af en toe, pak ik er nog eentje – heerlijk. Daarbuiten kan ik keihard en vol zelfmedelijden meeblèren op zichzelf volledig serieus nemende rockmuziek. Alles wat depressief was in de jaren negentig.

Er staat een tafeltje langs de Seine klaar, met een roodgeblokt laken, twee wijnglazen, een kaars. Obers in jacquet staan paraat.
a. Welk personage uit de wereldliteratuur zou je voor een diner uitnodigen? Milkman Dead uit Song of Solomon van Toni Morrison. Dat boek heeft mij echt aan het schrijven gekregen. En ik begreep het denk ik vroeger niet eens, maar het heeft me diep geraakt. Hij is een prachtig personage, een zwarte Amerikaan in de jaren zeventig die op zoek gaat naar zijn identiteit. Een keihard portret van die wereld. Dus Milkman, maar dan met zijn rivaal: Guitar. Dan mogen ze samen vechten om dat ene wijnglas. Het boek eindigt met een keiharde confrontatie. Ze hebben allebei een andere manier om dezelfde achtergrond te benaderen, en ze vliegen elkaar aan maar we weten nooit hoe het afloopt.

b. Waar zou je het over hebben? Ik zou achterover leunen en zien hoe zij hun strijd voortzetten. Om antwoord te krijgen op iets wat ik me altijd heb afgevraagd: wie wint de confrontatie?

c. Wie denk je dat wint? Milkman, natuurlijk.

Heb je verborgen talenten?
Nee.
Even later:
Ik kan heel goed knokkelen, dat je omstebeurt op elkaars hand moet slaan. Ik weet niet echt of ik daar een levensvervulling uit weet te slepen – telt dat?

Welk boek zou iedereen voor zijn achttiende gelezen moeten hebben?
In Cold Blood van Truman Capote. Je leert dat daderschap en slachtofferschap geen tegenstellingen zijn en dat als je inzoomt op mensen die op het eerste gezicht iets onbegrijpelijks en onvergeeflijks doen je er nog steeds mensen van kunt maken. Het is wat dat betreft een heel warmbloedig boek over een heel koude moord, wat het heel knap maakt. Dat heb ik zelf in mijn eigen boek in het achterhoofd gehouden. Oordeel nou niet, maar zoek uit en beschrijf, en laat mensen daar dan zelf over oordelen. Monsters zijn ook mensen. En dat betekent niet dat je ze ook maar iets hoeft te vergeven, goed te praten of recht te breien, maar het kan geen kwaad om het monster serieus te nemen. Een goede les voor je achttiende: niet te hard oordelen tot je weet wat erachter zit. Het is zo verleidelijk om iemand op basis van één of twee daden af te schrijven.

Welke klassieker heb je tot jouw grote schaamte nog nooit gelezen?
Veel te veel, ben ik bang. Dit is vreselijk, maar ik heb De avonden nooit gelezen.

Zou je iets veranderen aan het boek dat je hebt geschreven?
Het werken bij een krant heeft een voordeel en een nadeel. Als je een stuk af hebt, dan wordt het een vacuüm in gezogen en dan komt het op het steeds verder uitdijende kerkhof van stukken die nooit meer gelezen worden. Het voordeel daaraan is dat je het niet meer hoeft te herlezen, en het hoeft niet perfect te zijn. En bij mijn boek, dat blijft bestaan, en het moet even goed blijven. Ik merk dat ik het doodeng vind om het boek open te slaan. Niet omdat ik denk dat ik grote dingen anders zou doen maar ik ben een enorme komma-schrijver en nu denk ik om de zin: ah, dat kommaatje had ik nét even anders moeten zetten.

Als je een schrijver zou kunnen zijn waar of wanneer dan ook, waar en wanneer zou dat zijn?
Er zijn natuurlijk nog spannendere tijden om schrijver te zijn. Tijden dat boeken nog zo subversief konden zijn dat ze illegaal gedrukt en verspreid werden, misschien in het Iran van nu. Het spannende een klein beetje terugkrijgen. Een boek schrijven dat fluisterend van hand tot hand wordt doorgegeven, met steeds meer stukgelezen kopieën, waar het regime van siddert.

Hoe heb je gevierd dat het boek uitkwam?
Een boekpresentatie waar ook Laura en haar vader aanwezig waren, wat een bijzonder moment was. Ik had me dat van tevoren helemaal niet gerealiseerd, maar er waren veel mensen die het boek gelezen hadden, maar die niet beseffen dat het echt is, in je hoofd gebeuren daar toch andere dingen mee. Zij reageerden heel geëmotioneerd toen zij daar was, er waren echt mensen die in huilen uitbarstten toen ze haar zagen en dat had ik totaal niet zien aankomen. Er werd opeens heel veel gehuild die avond.
Laura is een klein meisje, heel petieterig, terwijl ze net 23 is. Ze is heel gewoon, totaal niet wat je erbij associeert. Ik heb haar die avond kort even voorgesteld en toen ontstond er een spontaan applaus, terwijl dat heel gek is voor haar. Zij heeft een jaar in de gevangenis gezeten, ze heeft van alles over haar zaak gehoord, maar nog nooit in haar hele leven is er een groep mensen geweest die ooit voor haar geapplaudisseerd heeft, laat staan hiervoor. Ondanks alles, dat ze het overleefd heeft en hier is teruggekomen, ontstond er applaus en dat leidde bij haar weer tot tranen. Het voelde heel bijzonder, dit samenzijn.

Harry Mulisch of Willem Frederik Hermans? Hermans; minder pompeus, meer humor, en raker.

Paolo Sorrentino of Wes Anderson? Wes Anderson.

Maartje Wortel of Esther Gerritsen? Maartje Wortel. Als je haar een keer hoort voorlezen, dan lees je elke zin van haar anders en hoor je haar stem in je hoofd, dat vind ik onweerstaanbaar.

Jane Austen of Charlotte Brontë? Brontë.

Arnon Grunberg of A.F.Th. van der Heijden? Van der Heijden.

Murakami of Ishiguro? Murakami, ondanks 1Q84. Norwegian Wood maakt alles goed.