7up, 1down

Het is de museumdirecteur, niet de kunstenares, die een rel over ‘aanstootgevende’ foto’s veroorzaakt.

Medium sooreh hera mohamme 1

DEN HAAG – ‘Van mij mag haar serie nog steeds op de expositie hangen. Alleen die foto’s met die maskers wil ik er niet bij hebben. Die lokken te veel reacties uit’, aldus de directeur van het Haagse Gemeentemuseum, Wim van Krimpen, deze week in NRC Handelsblad. Volgens Van Krimpen helpt het ‘voortdurende uitdagen en beledigen van moslims de kunst niet en het debat in Nederland evenmin’.

Een museumdirecteur moet kunstbeleid voeren in de publieke ruimte. Hij dient dat te doen op basis van artistieke criteria, ook als het werk betreft met een politieke lading en impact. Dat is nu juist wat kunst moet doen: bespiegelen, prikkelen, irriteren, desnoods diep kwetsten en shockeren. Amedeo Modigliani, Paul Gaugain, Aad Velthoen, Peter Klashorst, allemaal kunstenaars die tegen conventies aanliepen en soms hun werk geweigerd zagen. Met het weigeren van enkele foto’s van de Iraanse kunstenares Sooreh Hera bedrijft Van Krimpen politiek. Dat is niet zijn taak.

Vrije expressie en de islam: we zitten er weer middenin, dat wil zeggen in het opleggen van de grenzen van wat maatschappelijk wel en niet kán, zoals ook naar aanleiding van de heftige reacties op de Deense cartoons. Van Krimpen is daar een exponent van. Híj weet wat deze foto’s zullen veroorzaken en plaatst ze bovendien in het klimaat van het ‘voordurende beledigen’. Daarmee schaart hij Hera impliciet in de hoek van politici als Ayaan Hirsi Ali en Geert Wilders.

Het niet-tonen van de foto’s heeft een curieuze lading. Van Krimpen gaat er op voorhand van uit dat moslims woedend zullen zijn, en daarmee neemt hij kennelijk als maatstaf het heethoofdige, extremistische deel van de moslims. In feite zegt Van Krimpen: ‘De foto’s zijn provocerend en “ze” zijn daar nog niet aan toe.’ Over tien jaar, als volgens hem de integratie is voltooid, durft hij de foto’s wel op te hangen in zijn museum.

Aanvankelijk had Van Krimpen een serie foto’s van Hera aangekocht voor de expositie 7 up van werk van zeven jonge kunstenaars. Hij vond haar foto’s ‘van hoog niveau’, maar toen hij in De Pers las dat op de maskers van enkele homostellen de beeltenissen van de profeet Mohammed en zijn schoonzoon Ali staan, ging hij twijfelen aan ‘de intentie van de kunstenares’, althans, waar die intenties de islam betreffen. De titel van het project, Adam en Ewald, is ontleend aan een citaat van een sgp-kamerlid. Met foto’s die refereren aan homo’s in gereformeerde sfeer heeft Van Krimpen echter géén moeite. Orthodox-christelijke gelovigen mogen kennelijk wel worden ‘beledigd’. Het project gaat over homoseksuele stellen in Nederland: vallen moslims daar soms buiten?

Niet Sooreh Hera maar Wim van Krimpen heeft de rel veroorzaakt. De gewraakte foto’s hebben nu een enorme exposure gekregen door verspreiding in kranten en op internet. Het debat is er ook niet mee geholpen; Hera’s werk wordt nu gemakkelijk in verband gebracht met het voornemen van Geert Wilders om een film te maken – een mediaoffensief dat geheel los staat van de kwaliteiten van het (kunst)werk an sich, maar waarin alleen de rel telt. De vraag is of Hera dat heeft verdiend. Zij heeft niet de verantwoordelijkheid van een politicus; De Haagse museumdirecteur had zijn rug recht moeten houden en zijn artistieke keuze moeten verdedigen, tegen de storm in.

klik hier voor meer online links over Sooreh Hera