Aan de voeten van de meester

Het Nederlandse bezoek van de dalai lama was een ware triomftocht. De antieke Tibetaanse wijsheid blijkt zich moeiteloos te verenigen met het poldermodel. Maar ondertussen groeit de kritiek. Is de dalai lama echt erger dan de paus?
HET WAS DE AFGELOPEN dagen al een beetje sinterklaas. Een boeddhistisch sinterklaas dan, want de goedheiligman kwam helemaal uit de Himalaya en zijn pieten waren net als hijzelf kaal. Nederland ging massaal uit zijn dak bij het jongste bezoek van de dalai lama. Al direct bij aankomst op Schiphol zat de stemming er goed in.

De verdreven Tibetaanse godkoning werd op de luchthaven namens het Nederlandse volk verwelkomd door Marga van Praag van het NOS-journaal, die met overslaande stem - stijl Mies Bouwman in Open het dorp - gelijk hoog inzette. ‘Uwe Heiligheid, kan het boeddhisme een uitweg bieden uit de klemmende greep van het kapitalistische productieproces?’ wilde de verslaggeefster weten. De dalai lama, net uit de passagierstunnel, keek even wazig over de rand van zijn ronde brilletje, recupereerde zich snel, toverde na overleg met zijn tolk zijn allerbeminnelijkste glimlach op het gelaat, om La Praag te verzekeren dat er niets mis is met ons productieproces. 'Also Buddhist work hard, likes to be best!’ aldus de dalai lama in de verpletterende eenvoud van zijn charmante, ietwat rochelend uitgesproken staccato-Engels, om vervolgens giechelend verder te trekken. 'Wat een geweldige man!’ riep Mart Smeets later die avond uit tegen Maartje van Weegen. Waarmee de toon was gezet.
De volgende ochtend, zaterdagmorgen vroeg, stond er op de ring-Den Haag een pleistoceen samengeklonterde file richting het Haagse Congrescentrum, alwaar de dalai lama twee dagen lang zijn hoofdkwartier in de Lage Landen had opgetrokken. Heel de Randstad leek op weg naar instant-verlossing via de honderd gulden kostende cursus Tibetaanse meditatie onder leiding van de grote Meester zelf. De overweldigende belangstelling ging de capaciteit van de hal aanmerkelijk te boven. Al snel culmineerde het een en ander in rockfestival-achtige toestanden, waarbij het geduw en getrek - dat moet gezegd - tot een minimum beperkt bleef. Duizenden men sen dropen na een urenlange oefening in oosters geduld niettemin teleurgesteld af. Bij het volgende bezoek van de Tibetaanse Sint zal er toch moeten worden uitgekeken naar een grotere behuizing. De Rotterdamse Kuip bijvoorbeeld.
SINDS JIDDU Krishnamurti in de jaren twintig en dertig zijn aanbidsters bij bosjes deed flauwvallen tijdens zijn Sterren-kampen in Ommen, heeft Nederland iets met goeroes uit het oosten. Hara Krishna, Bhagwan en Sai Baba vonden allen een groeimarkt in de Lage Landen, maar geen van hen wist zo'n brede steun te verwerven als de dalai lama. Tenzin Gyatso, beter bekend als de veertiende dalai lama ('Oceaan van wijsheid’), is dan ook gezegend met een bovenmatig ontwikkeld charisma. Al lachend en zwaaiend was hij in Den Haag de vleesgeworden innemendheid. De simpelste waarheden veranderden door hem uitgesproken in de diepste waarheden, zijn aanstekelijke gegiechel bracht het hele Congrescentrum in beroering. Anders dan zijn collega de paus, wiens religieuze autoriteit bij Nederlanders toch vooral allerlei antieke ketterse sentimenten los pleegt te maken, bleek de dalai lama zich ten onzent te mogen verheugen in een bijna collectieve aanbidding.
Films als Seven Years in Tibet en Kundun versterkten de toch al niet geringe populariteit van de Nobelprijswinnaar van 1989 aanmerkelijk. De aristocratie van de Amerikaanse rockscene verklaarde zich massaal solidair met de leider in ballingschap, en organiseerde het ene benefietconcert na het andere, ook nadat bekend werd dat de dalai lama zijn nu al vier decennia durende campagne voor bevrijding van het Tibetaanse volk vooral gefinancierd weet via de geheime kassen van de CIA. De dalai lama is een natuurtalent als het gaat om public relations. Zelfs Martin Scorcese, in zijn films in normalen doen toch een niets en niemand sparende observator van de diepste dalen van de condition humaine, sloeg om als een blad aan de boom en leverde met zijn dalai lama-biopic Kundun een schaamteloos hagiografisch getoonzet sprookjesboek.
Er is sinds kort sprake van enige publicitaire tegenwind voor de dalai lama, maar voor zover kan worden nagegaan sorteert deze nauwelijks enig effect. Zo werd vlak voor het lanceren van Seven Years in Tibet, met meisjesidool Brad Pitt in de hoofdrol, bekend dat Heinrich Harrer, de Oostenrijkse alpinist op wiens boek de film gebaseerd was, in werkelijkheid een SS-agent was die zijn reis naar Tibet ondernam in het kader van een speciale missie in naam van het wetenschappelijk bureau Ahnenerbe. In zijn boek presenteerde Harrer zichzelf als een soort balling die het oorlogsgewoel ontvluchtte voor een jarenlang verblijf op het dak van de wereld. In werkelijkheid was hij in Tibet in opdracht van Heinrich Himmler bezig aan een groot schedelmeetproject waarmee de band tussen het Germaanse en Tibetaanse volk als ariërs onder elkaar moest worden vastgesteld. De dalai lama, zo bleek, zat tijdens de Tweede Wereldoorlog helemaal op de pro-Duitse lijn en dat maakte zijn geloofsbrieven als propagandist voor mondiale verbroedering enigermate zwakker.
Verder kreeg de dalai lama het aan de stok met zijn achterban in met name San Francisco, waar zijn nauwelijks van het officiële standpunt van het Vaticaan afwijkende uitlatingen over onwenselijkheid van homoseksuele betrekkingen slecht waren gevallen. Ook berichten over de hardvochtigheid waarmee de dalai lama dissidente gelovigen in eigen kring zou laten aanpakken, brachten krasjes op zijn imago aan. Op advies van zijn officiële orakel was de dalai lama overgegaan tot het in de ban doen van de cultus rondom de Tibetaanse godheid Dorje Shugden, een eredienst die hij zelf nota bene jarenlang beoefend had. Vanuit de diaspora van de Tibetaanse gemeenschap in het Indiase Dharamsala, waar de Tibetaanse regering in ballingschap zetelt, kwamen verontrustende verhalen binnen over het schrikbewind van in naam van de dalai lama opererende inquisiteurs. 'De dalai lama heeft twee gezichten’, verkondigde de Tibetaanse Dorje Shugden-aanhanger lama Kundeling. 'In het Westen doet hij zich liberaal voor, maar in het Oosten gedraagt hij zich als een monarch. Hij heeft het monopolie op alle spirituele en aardse zaken en zaait chaos en paniek onder de Tibetanen.’
Zo verschenen er de laatste tijd ook enige studies waarin de dalai lama nu eens niet als een heilige werd beschreven, maar als een despoot naar oud-feodaal model. Dat gebeurde bijvoorbeeld in de Duitse studies Der Schatten des dalai lama en Dalai lama. Fall eines Gottkönigs, waarin het oude Tibet onder gezag van de dalai lama’s wordt beschreven als een ware hel op aarde, waar het volk lijfeigene was van het religieuze establishment en vrouwen als 'sprekende dieren’ werden beschouwd. Die boeken wijken in feite nauwelijks af van het officiële horrorbeeld dat de Chinese propaganda pleegt te schetsen van het oude Tibetaanse bestuur.
VLAK VOOR aankomst van de dalai lama in Nederland publiceerde het Leidse antiracisme-blad De fabel van de illegaal een artikel op basis van deze twee studies, waarin ongekend fel werd afgerekend met het esoterische troetelkind van de New Age-beweging. 'Gewoon een ordinaire dictator’, werd hij daarin genoemd. 'Gyatso heeft het verder geschopt dan de zo verafschuwde Khomeiny’, aldus de Leidse tegenbeweging. 'Hij verenigt de religieuze, politieke, economische en culturele macht in één persoon en hij staat aan het hoofd van een staatsapparaat in ballingschap dat alle liberale westerse normen overtreedt. Er is geen scheiding tussen kerk en staat, zelfs geen schijn van een minimale burgerlijke democratie, geen persvrijheid, geen vrijheid van beroepskeuze of levensinvulling, geen vrijheid van seksuele voorkeur en geen emancipatie van de vrouw.’
Tegenstanders van de dalai lama hameren ook op diens curieuze vriendschap met Shoko Asahara, de leider van de Japanse Aum-sekte, die enige jaren geleden de door hem gesignaleerde eindtijd versneld besloot in te voeren door middel van gifgasaanvallen op de metro in Tokio. De dalai lama verkondigde eerder dat Asahara 'de geest van een Boeddha’ had en schreef aanbevelingsbrieven voor hem, waarin stond dat de Aum-sekte 'het publieke bewustzijn verhoogt door religie en sociale activiteiten, en sociale vriendelijkheid promoot’. Asahara maakte dankbaar grote sommen geld over naar de dalai lama. Enige tijd na de gifgasaanvallen van de sekte bracht de dalai lama een bezoek aan Japan en bleef hij opmerkelijk mild voor de inmiddels gearresteerde zen-ruiter van de Apocalyps: 'Ik beschouw hem als mijn vriend, maar niet noodzakelijk als een perfecte vriend.’
Hier en daar begint zich dan ook een zekere dalai lama-moeheid te ontwikkelen bij de groten der aarde. Zo sprak de Australische mediamagnaat Rupert Murdoch onlangs in Vanity Fair harde woorden over de Tibetaanse leider, die hij met de anti-elitaire rondborstigheid die de Australiërs eigen is omschreef als 'die kale monnik op Gucci-schoenen’. Volgens Murdoch is de dalai lama een hinderlijke sta-in-de-weg in de ontwikkeling van het Tibetaanse volk. 'Tibet was een autoritaire middeleeuwse samenleving zonder de meest elementaire voorzieningen. De meeste mensen in Tibet vinden volgens mij dat ze nu beter af zijn dan vroeger. Het enige probleem is dat de helft van de Tibetanen nog steeds denkt dat de dalai lama de zoon van god is.’ Murdochs opmerkelijke uitspraken moeten ongetwijfeld ook in het licht worden gezien van de grootse plannen die hij heeft ten aanzien van de Chinese markt. In Nederland blijven dergelijke wanklanken vooralsnog beperkt tot de sfeer van het ondergrondse.
IN HOLLYWOOD mag de dalai lama zich verheugen op de steun van sterren als Sharon Stone, Richard Gere en Harrison Ford. In de Lage Landen moet hij het vooralsnog doen met Thom Hoffman en Erica Terpstra, de lachende boeddha van de VVD. De gewezen staatssecretaris Sport is met kop en schouders de belangrijkste propagandist voor het boeddhistische gedachtegoed in Nederland. Toen ze enkele jaren geleden aan de voeten van een Tibetaanse wonderlama werd gefotografeerd tijdens een VN-bijeenkomst in New York, spraken religieus wat orthodoxer georiënteerde kamerleden daar nog schande van, maar Terpstra bleef de blijde boodschap van de boeddhistische reïncarnatieleer onverminderd enthousiast uitdragen. Ze is ook een regelmatige Tibet-gangster en een van de belangrijkste steunpilaren van de Tibet-lobby in de Tweede Kamer. Ten gunste van het Nederlandse bezoek van de dalai lama verrichtte Terpstra het nodige duw- en trekwerk binnen en buiten haar fractie. Partijgenoot Jozias van Aartsen weigerde aanvankelijk als minister van Buitenlandse Zaken een ontmoeting te hebben met de dalai lama. Dat zou de goede betrekkingen met de Chinese Volksrepubliek maar onnodig troebleren. Maar uiteindelijk werd de dalai lama toch ontvangen door Van Aartsen. Ook was hij welkom bij premier Kok in het Torentje en werd hij in het gebouw van de oude Tweede Kamer welkom geheten door een brede delegatie volksvertegenwoordigers, met uitzondering van de SP en de kleine christelijke partijen. Later volgde ook nog een ontmoeting met vertegenwoordigers van het Nederlandse zakenleven en met de kroonprins, tijdens een gezamenlijk bezoek aan de tentoonstelling De dansende demonen van Mongolië in de Nieuwe Kerk in Amsterdam.
Vooral het bezoek aan de Tweede Kamer was een triomftocht. Reeds bij aankomst van de dalai lama op het Binnenhof ontstond er een ware stormloop. 'Ik heb hem aangeraakt, ik heb hem aangeraakt’, riep een tienermeisje extatisch, nadat ze zich door de menigte had geworsteld. De Tibetaanse monniken in het gevolg van de dalai lama aaiden kindertjes over de bol en ook de lama zelf kneep hier en daar in een wang. In de ontvangsthal werd de dalai lama getrakteerd op een dwarsfluit-improvisatie van Thijs van Leer, waarna de Tibetaanse leider zijn gehoor van parlementariërs en pers trakteerde op een voor de vuist weg uitgesproken reeks ontboezemingen over zijn eigen geschiedenis en dat van zijn volk. Zo stond hij uitgebreid stil bij zijn ontmoetingen met partijleider Mao in het begin van de jaren vijftig, toen hij lange tijd in Peking werd vastgehouden in een poging van de Chinezen hem voor de communistische heilsleer te winnen.
INMIDDELS GELOOFT de dalai lama zelf ook niet meer in onafhankelijkheid van Tibet. De Chinezen hebben sinds hun onderdrukking van de Tibetaanse opstanden van 1959, het jaar dat de dalai lama zijn land ontvluchtte, gezorgd voor een totale metamorfose van het land. Door grootscheepse immigratieprogramma’s wonen er inmiddels meer Chinezen dan Tibetanen in het mystieke hoogland. Daarnaast is de economie van het land onder Chinees beheer zodanig ontwikkeld dat grote delen van de Tibetaanse jeugd eerder pro-China dan pro-dalai lama zijn. Tibet zal dan ook deel blijven uitmaken van China, aldus de dalai lama in Den Haag. Wat bereikt moet worden is dat Peking het gebied daadwerkelijk respecteert als autonome zone, dus inclusief vrijheid van het recht om de dalai lama te aanbidden.
Zo ver lijkt China vooralsnog nog lang niet. In Tibet is het zelfs verboden de naam van de dalai lama te noemen. Officieel grossiert Peking de laatste tijd weliswaar met uitnodigingen aan de dalai lama om toch eens te komen praten, maar dat moet dan altijd in China gebeuren en niet in Tibet, waar de verschijning van de godkoning, naar de machthebbers vrezen, nog altijd tot oncontroleerbare reacties bij de massa zou kunnen leiden. De Chinezen begonnen eerder zelfs al een soort karmisch-politieke wedloop tegen de dalai lama: toen diens belangrijkste secondant, de panchen lama, in 1989 stierf, wezen de Chinezen zelf een reïncarnatie van deze hoge geestelijkheid aan, terwijl het jongetje dat de dalai lama zelf had herkend als de echte incarnatie van de panchen lama, met onbekende bestemming naar China bleek te zijn afgevoerd. Om dat in het geval van zijn eigen overlijden te voorkomen, heeft de veertiende dalai lama zelf maatregelen getroffen. Als hij overlijdt en Tibet zucht nog steeds onder het Chinese juk, zal de dalai lama in ieder geval buiten Tibet reïncarneren, zo vertelde hij in Den Haag. De insiders keken ervan op, want normaal gesproken wordt in het boeddhisme een reïncarnatie pas geregeld na de dood. De karmische vermogens van de Oceaan van wijsheid bleken weer eens alle verwachtingen te boven te gaan. Als de Tibetaanse hoogvlakten onverhoopt voor altijd gesloten blijven voor de dalai lama, zou hij zijn mythische Shangri-La wellicht kunnen restaureren onder de zeespiegel, integreren in het poldermodel. Want als de dalai lama ergens een devote aanhang heeft, dan is het wel in Nederland.