POPMUZIEK

Aangenaam klassiek

Echte vernieuwing in 2012 op het gebied van de popmuziek? Nauwelijks te vinden. Kwaliteit? Die vind je dit jaar genoeg. Beide gelden op een aparte manier voor de teruggekeerde Cody ChesnuTT. Tien jaar geleden scoorde de zanger en toenmalige soulbelofte met het eigenwijze debuut­album The Headphone Masterpiece.

Dat brutale, dubbele demo-album met 36 thuis­opnamen die qua sfeer, tempo en stijl alle kanten op schoten smaakte naar meer, net als de cross-over-wereldhit The Seed uit 2002 (met hiphopgroep The Roots). Toch bleef het daarna al die tijd stil, op een ep’tje in 2010 na.

Nu is ChesnuTT terug, even aangenaam als verrassend klassiek, met opvolger Landing on a Hundred. De vernieuwingsdrang en scherpe randjes zijn verdwenen en het ouder worden is niet ongemerkt aan hem voorbij gegaan. Rusteloosheid en losbandigheid blijken ingeruild voor een vroom en stabiel gezinsleven. Zo zingt hij op Everybody’s Brother als een bekeerde: ‘I used to walk out on my family with the intent to sin, rejecting all accountability/ Lord I’m not turning back’. Op Love is More than a Wedding Day huldigt hij met zijn krachtige stem de liefde op lange termijn. Muzikaal lijkt de ruwe diamant al net zo geslepen. Landing on a Hundred luistert met zijn rijke klassieke soulelementen (uitbundige blazers, loepzuivere koortjes, broeierige keyboards, rollende bassen) als een ode aan de jaren zeventig van artiesten als Curtis Mayfield en Stevie Wonder. Een geslaagde ode, want tussen de strakke funk van opener Till I Met Thee en de afsluitende uitsmijter Scroll Call zit geen enkele misser. Zelfs als hij flink gas terugneemt, zoals bij de rusteloze ballad Don’t Follow Me, blijft het spannend. Sterker gezegd, Landing on a Hundred dingt met Bobby Womacks The Bravest Man in the Universe en Channel Orange van (de wel buiten de lijntjes tekenende) Frank Ocean mee naar de titel van Beste Soulplaat 2012.

Wellicht maakt Nick Waterhouse daar met zijn Time’s All Gone als outsider eveneens kans op. Net als ChesnuTT geeft hij met koperwerk en achtergrondzangeressen een aanstekelijke eigen invulling van ouderwetse r, waarbij hij nog een swingend stapje verder terug doet, naar de jaren zestig. Eind-twintiger Waterhouse verdient dit jaar sowieso een bijzondere aanbeveling. Naast zijn eigen debuut tekent hij als producer namelijk voor nóg een van die leukere platen van dit jaar: het titelloze debuut van de Allah-Las. Deze band zit even nostalgisch in de jaren zestig als zijn producer, maar haalt zijn inspiratie uit de rock-’n-roll. Lekker scherp jengelende gitaartjes met fuzztone en galm voeren de boventoon op de twaalf compacte liedjes, die per draaibeurt aan meer kracht winnen. Uit het coherente geheel van overwegend in midtempo gespeelde nummers komen dan bijvoorbeeld de instrumentale surf van Sacred Hands, het weemoedige Vis-a-Vis of het prettig dreinende Long Journey sterk naar boven drijven. Lang niet gek, zo’n retro-jaar, als het aantal goede platen zo groot is als in 2012.

_* * *

Cody ChesnuTT,_ Landing on a Hundred, label: One Little Indian/Konkurrent. Allah-Las, Allah-Las, label: Innovative Leisure/V2. Nick Waterhouse, Time’s All Gone, label: Stones Throw/V2. Nick Waterhouse speelt op 2 december op festival Le Guess Who? in Utrecht, Allah-Las speelt 4 december in Paradiso, Amsterdam