Aangespoelde potvis

Hilary Mantel, Wolf Hall, € 9,95

In mijn exemplaar van Anna Karenina zit een voddig reepje papier, met daarop in het toen nog onbeholpen handschrift van mijn zoon: ‘Wij zijn naar het strand.’ Onmiddellijk opent zich het visioen: zoveel jaar geleden, klein Grieks eiland, appartement bij een stille baai, de zee slechts een paar rotstreden verwijderd. Als een aangespoelde potvis lig ik te lezen, schaamteloos en ongebreideld, terwijl de rest van de wereld zich op zijn manier vermaakt. Zij zijn naar het strand en zijn gelukkig. Ik ook.
Lui lezen, dat is: niet alleen wíllen maar ook kúnnen doorlezen. In boeken waar je anders de tijd niet voor hebt. En dus liggen voor straks voor mij klaar: Wolf Hall van Hilary Mantel, en nog twee boeken van dezelfde schrijfster – een memoir en een verhalenbundel – Bookerprize-winnares met scherpe meningen en interessant oeuvre lijkt me, The Great Gatsby, eindelijk, Boven is het stil van Gerbrand Bakker, ook eindelijk, ik kan er sinds die laatste prijs nu echt niet meer omheen. Deze boeken vallen voor mij in de categorie: heel veel zin in en al langer op het lijstje. Traditiegetrouw mag ik van mezelf vlak voor ik op vakantie ga ook nog naar de boekhandel om me te vergrijpen aan het boek dat zich op dat moment aandient en dat vervolgens, heel ongebruikelijk maar wel het állerfeestelijkst, ook onmiddellijk geconsumeerd kan worden. Stiekem heb ik er al eentje op het oog, Mr. Peanut van Adam Ross, een paar zeer veelbelovende kritieken van gelezen. Voor de zekerheid neem ik ook nog deel vijf van de verhalen van Tsjechov mee, een oudere verhalenbundel van Alice Munro, en ik zou nu ook heel graag eindelijk de biografie van Virginia Woolf willen lezen, door Hermione Lee, dus misschien koop ik die ook nog wel. Niets zo erg als ergens zijn en niet de goeie boeken bij je hebben. Mijn gelukkigste lui-lezenboeken van de afgelopen jaren, garant voor autistisch genot: Dubin’s Lives van Bernard Malamud, Brightness Falls en The Good Life van Jay McInerney, Gulliver’s Travels van Jonathan Swift, Portrait of a Lady van Henry James, Light in August van Faulkner en Platform van Michel Houellebecq. En Anna Karenina dus. En alles van Sarah Waters natuurlijk. Bij nader inzien: misschien ga ik dit jaar Malamud herlezen, ook maar mee. O, en ik wilde weer eens iets van Updike lezen, Olinger Stories. Daar was hij zelf het meest tevreden over. Dat wordt nog aanpoten, deze zomer.