Buitenland

Aanpassing

En toen gingen de EU-Europeanen naar de stembus. Wat was er veel gebeurd sinds de laatste Europese verkiezingen in 2014! Destijds was iedereen nog in de greep van de diepe sporen van ongelijkheid en tweespalt die de eurocrisis door Europa trok. De vijf jaren die volgden produceerden een ketting van feiten die zijn weerga niet kent. Diverse van die feiten zijn zo schokkend dat ze in 2014 nog onvoorstelbaar waren.

Zo bleek er op de Krim iets definitiefs gebeurd te zijn. De annexatie door Rusland werd een feit. Ook echt waar: het gitzwarte sprookje van het IS-kalifaat, dat diepgaand verknoopt bleek met samenlevingen in Europa. En op het continent zelf werd de feitenketting der doden langer: afschrikwekkende aanslagen, en een almaar uitdijend kerkhof op de bodem van de Middellandse Zee. Tegelijkertijd escaleerden de problemen rond migratie tot ver buiten de reikwijdte van beleidsbepalers, terwijl de eurocrisis verder woekerde, net als het klimaatprobleem.

En alsof dit allemaal nog niet genoeg was, besloot de Angelsaksische wereld dat dit Europa het hare niet meer was, en wierp het abrupt van zich af. Het Brexit-referendum en de verkiezing van Donald Trump waren snoeiharde afwijzingen van het huidige Europa. Gewone Europeanen herkennen ze al een tijdje: de brute feiten van de destabilisatie die de afgelopen vijf jaar de toon zetten. Zij bevroeden: dit is een tijd van Umbruch. Daar hoef je niet voor te studeren.

Iedereen weet dat een politiek of sociaal systeem geen echt systeem is, geen systeem dat bestuurd kan worden alsof het een kringloop is of een gesloten circuit, dat feilloos functioneert via de wetten van de causaliteit. Of zoals de historicus Charles Maier het eens stelde: ‘Sociale en politieke systemen verschillen van niet-menselijke systemen, omdat ze uit zichzelf destabiliserende veranderingen voortbrengen.’ Dit kan ook niet anders. Het wezen van deze politieke en sociale systemen bestaat immers in ‘het creëren van grenzen’, in- en uitsluiting dus. Daardoor ligt elk politiek of sociaal systeem voortdurend onder vuur.

Het verlangen naar een stabielere wereld is terug

Voor elk sociaal of politiek systeem betekent dit uiteindelijk: óf omverwerping, óf aanpassing. In Europa voelt men dat een dergelijk beslissend moment dichtbij is, of was. Daarom gaan Europeanen sinds kort overal de straat op, om van alles. Hun eisen hebben één ding gemeen: het zijn vragen om een verandering die even echt is als de nieuwe feiten. Soms zijn het bijna smeekbeden om bewijzen van veranderingsvermogen. Harde bewijzen die kunnen aantonen dat de nieuwe realiteit van vandaag noch de vorige volledig zal vernietigen, noch de toekomstige volledig zal overschaduwen. Maar die bewijzen komen niet. De zorgen daarover worden weerspiegeld in de uitkomst van de Europese verkiezingen, en ook in de opkomst.

Wat we zien in die spiegel van de verkiezingsuitslag? Twee hoofdzaken. Eén: het midden verandert ingrijpend, maar houdt stand. Twee: het agressieve nationalisme klotst het Brusselse Europa binnen. Het signaal van dit alles samen: een roep om vergaande aanpassing. De dilemma’s voor de krachten van het midden liggen besloten in het hoe.

Het verlangen naar een stabielere wereld is terug. Dat verlangen naar stabiliteit, in de natiestaat, tussen de naties en in het eigen leven was de drijfveer achter het experiment met kapitalisme en democratie in het West-Europa van de Koude Oorlog, ingebed in het proces van Europese integratie. Dat experiment werd een succes. Het leverde zelfs zoveel stabiliteit op dat het glansde in de schijn van controle – een triomf van de rationaliteit op de gekte van de geschiedenis. Dit werd wel samengevat in de toverformule van ‘goed beleid’: good governance en de wereldproblemen werden hanteerbaar, althans zo leek het even.

In realiteit behelsde dit echter het reduceren van de werkelijkheid tot louter oorzaken en gevolgen – tot problemen waar oplossingen voor zijn. Maar hoe belangrijk ook, ook ‘goed beleid’ zal het niet mogelijk maken om politieke en sociale systemen te transformeren tot gesloten kringlopen of circuits. Beleid is pas ‘goed’ als het enigszins adequaat reageert op de onvermijdelijke destabilisatie, en die is nu eenmaal nooit te vangen binnen de causaliteit van het bestaande systeem. De aanwijzingen hoe dan wel te reageren komen via de geschiedenis en de democratie. Maar vooral via het eerste, want het tweede is een politiek systeem.