22 juni 18:00, Hortus Botanicus

ACH, ICH BIN JA SO GEIL…

Een broeierige avond over porno in de literatuur. I.s.m. Tirade. Met o.a. Marja Pruis, Marcel Möring en Maartje Wortel.

In zijn befaamde en veelkantige essay ‘De troost der pornografie’ uit Rudy Kousbroek zijn verbazing over het feit dat pornografie altijd op zoveel morele afkeuring stuit. Tegelijkertijd erkent hij dat er op het kunstzinnige vlak nog weinig eervols bereikt is binnen het genre. Hij besluit zijn betoog als volgt: ‘Ik schrijf nog wel eens een brochure met De tien meest gemaakte elementaire fouten en hoe ze te vermijden, gevolgd door Twintig nieuwe ideeën voor de eerste drie minuten van een pornografische film.’

‘Het feit dat het mogelijk is,’ vervolgt Kousbroek dan, ‘- in zestig seconden als het moet - een situatie te scheppen die maakt dat je de daaropvolgende handelingen ervaart als een vervulling, dat je alles, zowel die handelingen als de deelnemers, dan met heel andere ogen bekijkt, zelfs dit hoogst eenvoudige principe hebben die mensen nog altijd niet ontdekt.’

Tirade pakt - nu Kousbroek ons helaas ontvallen is - de handschoen graag op en maakt een nummer waarin twintig schrijvers (m/v) zich buigen over Kousbroeks opvattingen over pornografie. Ze doen daarnaast een voorstel voor de eerste drie minuten van een pornofilm. Een aantal van de verhalen en essays worden door de auteurs voorgelezen op een hoogstwaarschijnlijk broeierige SLAA-avond in de Oranjerie van de Amsterdamse Hortus.

Het Tiradenummer bevat bijdragen van: Heleen Mees, Karin Amatmoekrim, Asher Boersma, Anton Dautzenberg, Marja Pruis, Manon Uphoff, Maartje Wortel, Tijs Goldschmidt, Arjen van Veelen, Nathan Vecht en Marcel Möring.
We presenteren een kleine bloemlezing uit de passievolle bijdragen, na afloop blussen we het geheel af met een borrel.

[Persbericht]