Ach meisje

Baselitz heeft het zware schilderen, zoals in Akt Elke, achter zich gelaten en is in zijn Spätstil gegroeid.

Het motief voor het schilderij Akt Elke uit 1977 komt van een polaroidfoto die Georg Baselitz van zijn vrouw gemaakt had - in een toevallige informele pose, een beetje sexy. Maar omdat de schilder alleen aan iets kan beginnen als hij een motief heeft waar hij ook omheen kan schilderen, is het goed denkbaar dat de houding van Elke in scène is gezet. Of zij zat net zo: op een stoel, met het linkerbeen hoog opgetrokken en de voet rustend op de zitting. Die lenige houding viel hem op, want als verzamelaar van motieven heeft hij een oog voor wat bruikbaar kan zijn. Natuurlijk moest hij bij de vreemde verdraaidheid van het lichaam ook denken aan de gekunstelde poses van vrouwen in de maniëristische schilderkunst waarvan de formele avontuurlijkheid hem altijd bezig heeft gehouden - ook de dwarsheid ervan. In de klassieke kunstgeschiedenis, die in de negentiende eeuw is geschreven, gold wat kort na 1500 in Rome was gemaakt, door met name Rafaël, als het hoogtepunt van de esthetische harmonie. Wat daarna kwam, de bizarre, expressieve vervormingen van die harmonie, bij schilders als Rosso Fiorentino, werd lang beschouwd als maniëristisch verval.
Met zulke schilders, die de harmonie ondermijnden omdat zij geen raad wisten met harmonieuze verfijning, voelt Baselitz zich verwant. Hij begon met zijn agressief figuratieve kunst in een periode waarin minimale abstracte kunst, in het kielzog van Pollock, de boventoon was gaan voeren. Tegenover het werk van toonaangevende generatiegenoten als Robert Mangold en Bob Ryman was hij een dwarsligger, zoals ooit Schwitters dat was tegenover Picasso. Maar tot abstractie kon hij geen toegang vinden - niet met zijn artistieke temperament dat ook gevormd was door het Duitse expressionisme dat, toen hij in de oorlogsjaren opgroeide, ook nog eens entartet was.
In 1994 had ik, voor een film omtrent Mondriaan, een gesprek met hem. Hij woonde op het platteland bij Hildesheim. Mondriaan is prachtig en indrukwekkend, zei hij ongeveer, maar wat moet ik er in godsnaam mee, hier te midden van velden en bossen en al dat woekerende groen. Hij had het gevoel dat hij tegen de stroom van de tijd werkte. Daarom ziet een schilderij als Akt Elke eruit zoals het eruitziet. Agressief is niet het juiste woord voor de kordate toonzetting ervan. Maar ik bespeur een dwarse wilskracht in de kordate manier van het zo anders schilderen dan het toen leek te horen. Eerst is het motief stevig neergezet, in volumineus grijs, geflankeerd door een suggestieve omgeving van passages bijna rauw schilderwerk in zwart, blauw en fraai donkergeel, tegen de lichtgrijze geaccidenteerde achtergrond. Je zou je er een interieur bij kunnen voorstellen met een zetel, een divan, kussens - maar eerder is er sprake van een semi-abstracte omgeving van pure schilderkunst met hoekige vegen en lange halen en met elkaar verknoopte streken. Rondom het motief houden ze dat volume op zijn plaats, en houden ze het oppervlak in meeslepende beweging.
Een paar maanden geleden heeft Baselitz hetzelfde motief hernomen. Dat heeft hij vaker gedaan met motieven. Er komt niet zoveel meer bij, nauwelijks nog nieuwe motieven. Ik begin weer aan hetzelfde om dan een andere weg te volgen, zei hij laatst in zijn atelier. Aan de onderkant van het recente werk, Ach Mädchen oh, heeft hij een soort sokkel of drempel aangebracht van druipend zwarte verf - alsof het bepalende zwart in Akt Elke uit het nieuwe schilderij wegstroomt. Door die sokkel lijkt het motief, nu zonder hoofd, te worden opgelicht. Het effect is dat de lichte schilderwijze ervan nog lichter en beweeglijker lijkt. Het motief is met een dun penseel getekend in bibberende zwarte lijnen. Daardoor is het, anders dan daarvoor, niets anders dan een gewichtloos transparant web geworden waarover en waaromheen luchtig geschilderde lichte kleuren zijn verzameld die dwarrelen als bladeren in de wind.
Het zware schilderen, ietwat verbeten als in Akt Elke, is nu weg en het lijkt, terugkijkend over zijn omvangrijke oeuvre, alsof Baselitz daar de hele tijd naar gezocht heeft: dat sprankelend losse oppervlak en die heldere kleurigheid. Zo is hij geleidelijk aan in zijn Spätstil gegroeid, olieverf zo luchtig geschilderd als aquarellen. Kijk alleen maar naar die prachtig gepenseelde arabesken in roze of groen. Die kunnen zich zo vrij bewegen omdat in de vormgeving van Ach Mädchen oh helemaal niets meer bewezen hoeft te worden. Nu wordt Baselitz geroemd als een meester, ook door mensen die indertijd zijn werk niets vonden, toen hij in Akt Elke door dat zo strak te schilderen moest aantonen dat ook zulke schilderijen recht van bestaan hebben. Inmiddels heb ik van de liefhebbers van die militante echte Baselitz gehoord dat ze de nieuwe schilderijen wel wat bedenkelijk vinden - te los, fladderig, misschien wel frivool. Met zulke liefhebbers zul je maar gezegend zijn, die willen dat je blijft bij wat zij het mooiste vinden.


PS De nieuwe schilderijen zijn tentoongesteld in Galerie Ropac in Parijs (www.ropac.net) en Akt Elke is af en toe te zien in het Van Abbemuseum in Eindhoven. Een schilderij uit 2007 (Modern Painter - Remix) bevindt zich in de collectie van het Haags Gemeentemuseum