Glenn Beck handelt in paniek en rampspoed

Achter iedere straatsteen een samenzwering

Als een woeste tijger springt de Amerikaanse televisiepresentator Glenn Beck door zijn studio. Toch moet hij serieus genomen worden. ‘Als je Beck en zijn publiek niet begrijpt, begrijp je Amerika niet.’

WAT JE OOK van hem wil zeggen, een uur Glenn Beck is een enerverende ervaring. Neem alleen al ’s mans ogen. Daarmee kan hij lachen, door ze clownesk wijd open te sperren, waarna hij ze opeens vernauwt en in ongeloof naar iets uiterst bedreigends in het plafond begint te staren. Dan vouwt hij zijn bovenlichaam naar voren en kijkt met diezelfde blauwe doppen bloedserieus de camera in. Het is tijd voor een van zijn theorieën: ‘De regering dwong de banken hypotheken aan arme Amerikanen te verstrekken’, of: 'De hervorming van de gezondheidszorg is een dekmantel voor reparatiebetalingen vanwege slavernij’. Bewijzen kan hij ze meestal niet, maar dat is geen bezwaar: 'Ik kan niet bewijzen dat het niet zo is - u wel?’
Beck is niet bepaald geremd in het openbaar. Hij zet kinderstemmetjes op en giechelt zonder gêne. Hij lacht en jubelt, maar geeft zich net zo makkelijk over aan drieste driftaanvallen. Hij kan zomaar van zijn stoel springen om zich in één beweging door weer te laten neerploffen. Als een woeste tijger springt hij door zijn studio, zonder ooit te vergeten op welke camera hij zijn priemende blik moet richten. Met hetzelfde gemak brengt hij zichzelf in tranen, iets dat regelmatig voorkomt. Als Beck weent, dan doet hij dit voor zijn land. Hij maakt zich zorgen over vermeend landverraad, want het echte Amerika, dat van Beck en zijn fans, wordt zowel van binnenuit als van buitenaf aangevallen. Gelukkig is Beck er om de samenzweringen te ontwarren die verhinderen dat Amerika zich onder zijn vlag verenigt. Tijdens dit proces komen in ieder geval Beck en zijn publiek alvast samen - wat natuurlijk mooi is meegenomen.
Nu, deze uitbundige man is in korte tijd het gezicht geworden van rechts Amerika. Het was Becks niet-aflatende promotie die de massale anti-overheidprotesten in Washington DC op 12 september (overigens volgens Beck een even symbolische als heilige datum, waarover straks meer) zo'n succes maakten. En het was Beck die nagenoeg eigenhandig Obama’s speciale milieu-adviseur Van Jones dwong om ontslag te nemen. Beck begon in juli met zijn tirades tegen Jones, die hij ervan beschuldigde zich ooit met een communistische groepering te hebben ingelaten. Tevens had Beck kritiek op Jones’ steun aan de ter dood veroordeelde Mumia Abu-Jamal, die vanwege de moord op een politieagent de doodstraf had gekregen. In september was Jones vertrokken, onder meer doordat ook meer gematigde conservatieve critici en Republikeinse partijfunctionarissen zich bij Beck voegden.
Al deze successen bevestigen wat de meeste liberals in de VS nog altijd niet graag onder ogen zien: dat Beck geen randfiguur is, maar een onderdeel van de Amerikaanse mainstream - een bestsellerauteur met een tv-programma waar dagelijks meer dan drie miljoen Amerikanen naar kijken, die eigenhandig massa’s conservatieven kan mobiliseren en wiens ideeën vaak letterlijk worden gepapegaaid door gekozen volksvertegenwoordigers.

BECK (1964) en zijn oudere zus groeiden op in Mount Vernon, Washington, waar zijn familie een bakkerij runde. Toen hij dertien was, scheidden zijn ouders. Twee jaar later verdronk zijn moeder, een gebeurtenis die hem naar eigen zeggen al jong naar 'Doctor Jack Daniel’s’ deed grijpen. Pas in 1994, na de scheiding van zijn eerste vrouw met wie hij twee dochters heeft (waarvan één zwaar gehandicapt), zou Beck de drank afzweren. In 1999 hertrouwde hij, kreeg opnieuw twee kinderen en bekeerde zich tot het mormonisme. Daarna ging het bergopwaarts met zijn tot dan toe kwakkelende mediacarrière. Premiere Radio Networks gaf hem in 2002 een nationale radioshow en in mei 2006 volgde de televisie - CNN nog wel, dat hem zijn eigen dagelijkse tv-show gaf: Glenn Beck. In oktober 2008 stapte hij over naar de rechtse zender Fox News, waar hij inmiddels meer kijkers trekt dan de populaire host Bill O'Reilly.
Beck is onwaarschijnlijk productief. Naast zijn televisiewerk is hij bijna elke dag op de radio, waar hij gemiddeld 6,5 miljoen luisteraars trekt. Hier is Becks handelsmerk de 'GOMP’, wat staat voor get off my phone en doorgaans is gereserveerd voor linkse bellers met wie Beck 'gomp’ brullend de verbinding verbreekt. Hij produceert sowieso woorden aan de lopende band. Alleen al dit jaar publiceerde hij drie bestsellers. Zijn laatste boek, Arguing with Idiots (met op de cover Beck tegen een knalrode achtergrond in het uniform van een officier uit de Sovjet-Unie), stond in oktober boven aan The New York Times Bestsellers List. De laatste twee jaar deed hij ook nog landelijke comedy tours (verkrijgbaar op cd en dvd).
Behalve hardwerkend is Beck uiterst getalenteerd en handig. In zijn monologen schakelt hij moeiteloos van warm en gezellig naar sarcastisch naar razend, en weer terug naar warm en gezellig. Ondertussen beweert hij dat de overheidsinstelling Fema concentratiekampen in het land opzet. Geconfronteerd met kritiek houdt hij het er vervolgens op dat hij slechts een entertainer is. 'Ik ben een rodeoclown’, zei hij onlangs. 'Dat vereist vaardigheid.’
De tegenstrijdigheden in Becks redenaties zijn wellicht veelzeggender dan zijn verdachtmakingen. In zijn meer filosofische buien mag hij graag vraagtekens zetten bij hebzucht en materialisme; in zijn politieke spraakwatervallen zweert hij echter bij de materialistische principes van het vrijemarktdenken. Hij komt uit een hardwerkend middenklassegezin en geeft af op de elitaire bovenklasse, maar het politieke systeem dat hij voorstaat is rampzalig voor zijn eigen klasse en beloont juist die bovenklasse die hij zo veracht. Deze schijnbare kortsluitingen in de bovenkamer maken Beck de belichaming van de tijdgeest, althans, zoals deze door de VS waait. Sinds de inauguratie van president Reagan (1981) heeft Amerika zichzelf overgeleverd aan de krachten van de vrije markt. Nu die markt op spectaculaire wijze is ingeklapt, met als gevolg wat nu al de Grote Recessie wordt genoemd, is juist Beck de man van het moment, geliefd vanwege zijn hysterische aanvallen op iedereen die iets negatiefs over het vrijemarktdenken durft te zeggen.
Je vraagt je af: hoe kunnen Beck en de miljoenen Amerikanen die er net zo over denken zo blind zijn ten aanzien van de economische werkelijkheid? Becks politieke opvattingen zijn niet bijzonder gecompliceerd. Er is de Grondwet, en die is van God gegeven. Wat die Grondwet beoogde, is eenvoudig: een vrijemarkteconomie. De opstellers van de Grondwet, de founding fathers, begrepen immers dat het Amerikaanse volk een intuïtief volk was, dat zich alleen schikt naar de natuurwetten. Zo plaatsen Beck en zijn volgzame publiek voelen boven denken, intuïtie boven ratio. Dus is het wat Beck betreft niet of nauwelijks de moeite waard om het ontstaan van de kredietcrisis te analyseren. De markt is gecrasht, maar zal zich vanzelf wel weer herstellen. Het enige interessante aspect aan de crisis is de laatste fase, waarin de overheid ingreep om te voorkomen dat het financiële stelsel zou inklappen. De bailout van Wall Street, Obama’s economische stimuleringspakket, de hervorming van het zorgstelsel - dat is pas erg. Amerika is op weg naar de socialistische heilstaat, waar het ooit zo vrije volk geknecht wordt door de tirannie van intellectuelen, experts en elitisten. Verwerpelijke lieden die liever denken dan voelen.

BECK PAST NAADLOOS in de 'paranoïde stijl’, een term die de historicus Richard Hofstadter in 1964 introduceerde. 'De eerste keer dat ik Beck op Fox News zag, kon ik het niet geloven: ze hadden iemand gevonden die bereid was nog verder te gaan dan Bill O'Reilly en Sean Hannity’, zegt Thomas Frank, schrijver van de bestseller What’s the Matter with Kansas (2004), waarin hij beschreef hoe die ooit progressieve staat steeds conservatiever werd. 'De man ziet achter elke straatsteen een samenzwering.’
Veel van Becks beweringen zijn zo vergezocht dat je zou zeggen dat iedereen daar zo doorheen kan prikken, zegt Frank: 'Het idiote is dat bijna niemand hem tegenspreekt, behalve als hij echt heel ver gaat, zoals toen hij Obama een racist noemde. Dat komt deels doordat veel van wat hij zegt simpelweg geloofd wordt door rechts. Het is daar gemeengoed.’ Overigens gaat het daarbij vaak niet eens om overtuiging, maar om solidariteit met de geliefde boodschapper. Zo zullen niet veel mensen Becks nogal willekeurige duiding van de cijfers 9/12 serieus nemen, mag je hopen. Die cijfers staan voor 12 september, de dag na de aanslagen op het World Trade Center waarop Amerikanen zich opeens allemaal patriottisch voelden. Volgens Beck symboliseert de 9 de Negen Principes en de 12 de Twaalf Waarden die de Amerikanen 'voelden’ op de dag na 9/11.
Dergelijke non-logica weerhoudt miljoenen mensen er niet van elke dag weer op Becks programma’s af te stemmen. Volgens Frank is dat niet per se omdat Becks publiek dom of slecht geïnformeerd is: 'Het is leuk om je voor te stellen dat de commies terug zijn van weggeweest. Het geeft een kick om je voor te stellen dat de lefties stiekem een totalitaire staat nastreven, dat achter Obama’s vriendelijke gezicht een monster schuilt dat ons de slavernij in wil voeren, en dat alleen jij en je zielsgenoten dit geheim kennen.’
Beck spreekt tot een zeker deel van de Amerikaanse psyche, zegt Frank: 'Als je Beck en zijn publiek niet begrijpt, dan begrijp je Amerika niet. Alleen in Zuid-Afrika tijdens de apartheidjaren hoorde je van rechts de dingen die je nu hier hoort. Globaal gezien is rechts Amerika een randgroepering. In eigen land zetten ze echter de toon in een van de twee nationale partijen en hebben een eigen tv-netwerk. Daarom mogen we Beck ook niet negeren.’
Fox News zal hem voorlopig in ieder geval niet uit de lucht halen of vragen om in te binden, denkt Frank: 'Fox interesseert zich niet voor het publiek. Alleen de kijkcijfers tellen. Dat is zo fascinerend aan het paranoïde soort conservatisme dat Beck representeert: als politiek is het op de lange termijn waarschijnlijk niet succesvol, maar het doet het uitstekend als entertainment. Dat biedt Beck zijn kijkers elke avond.’
In december maakte Beck bij een politieke rally in Florida bekend dat hij in 2010 van plan is om meer te gaan doen dan alleen zijn meningen in de media te verspreiden: hij wil zijn politieke basis (of zijn publiek, zo u wilt) mobiliseren om actie te ondernemen. Tevens kondigde hij voor augustus een nieuw boek aan, met beleidsvoorstellen. Frank begrijpt Becks hyperactieve kortetermijnambitie wel: 'Ik geef hem nog twee jaar, dan is zijn aantrekkingskracht verdwenen. Beck handelt in paniek en rampspoed. Maar als rampspoed niet komt, dan zullen zijn volgelingen het geloof verliezen. De laatste tijd voorspelt hij hyperinflatie, zeg maar het soort dat in de jaren twintig de Weimar-republiek ruïneerde. Daarom zouden we nu goud moeten kopen, wat veel van Becks kijkers ongetwijfeld doen. Wat gebeurt er als we geen hyperinflatie krijgen? Dan verliezen die mensen heel veel geld in de goudmarkt. Mijn voorspelling is dat het niet goed gaat aflopen met Beck.’