Commentaar: Argentië

Adiós Argentina

De Argentijnse televisie wijdde er zware debatten aan: de politifobia, de allergische reactie jegens alles wat met politiek te maken heeft, rukt op in Buenos Aires e.o. Ook president Duhalde lijkt nu al weer toe aan zijn laatste dagen. De iedere nacht met potten en pannen slaande menigte op de Plaza del Mayo roept al om zijn hoofd. Ook de inzet — naar peronistische traditie — van mevrouw Duhalde als weldoenster van de armen sorteert niet het gewenste effect.

Het scandaleuze presidentschap van Carlos Menem (1989-1995) heeft de man in de straat van zijn laatste vonkje geloof in de betrouwbaarheid van politici ontdaan. Nog iedere dag komen er meer bewijzen binnen over de omvang van het criminele netwerk dat de peronist Menem over zijn land heeft gespannen. Wapenhandel, drugssmokkel, het systematisch wegsluizen van de nationale goudvoorraad naar privé-bankrekeningen, men kan het zo wild niet bedenken of Menem blijkt zich eraan te hebben bezondigd. Zelfs zijn ex-vrouw Zulema, net als hij van Syrische komaf, kan hem niet meer verdragen. «Als hij het waagt langs te komen, gooi ik hem van het balkon af», zo verklaarde ze op de Argentijnse tv. Zulema beschuldigt haar ex onder meer van het vermoorden van hun zoon Carlito in 1998. Justitieel onderzoek naar deze beschuldiging is in volle gang, maar Menem neemt het er ondertussen nog goed van. Verleden week brachten de Argentijnse dag- en weekbladen allemaal de jongste vakantiekiekjes van de gewezen president, die zich à raison van vierduizend dollar per dag aan de zijde van zijn nieuwe echtgenote, een voormalig fotomodel, ontspant in een exclusief hotel met golfbaan in Miami. De pers sprak van «de obscene vakantie» van Menem.

In de ogen van de financieel geliquideerde middenklasse van Argentinië waren die foto’s de genadeklap voor de laatste restjes geloofwaardigheid van het politieke bedrijf. De volkswoede richtte zich tot nu toe vooral op de banken, die uiteindelijk verantwoordelijk zijn voor het verdonkeremanen van de vooral door de middenklasse gespaarde dollars. De banken hebben de spaargelden van de kleine man en vrouw domweg uitgegeven, en in ruil biedt men niet meer dan bonnen voor pesos (vandaar dat men spreekt van de «pesoficacion»), nepgeld dat sinds de vrije val van de nationale munteenheid bovendien dag na dag minder waard wordt. Reeds miljoenen Argentijnen hebben hun dromen en bezit zo in rook zien opgaan. Aldus is een levensgevaarlijke situatie van een fundamentele politieke crisis gecreëerd, die de oude Latijns-Amerikaanse nachtmerrie van weer een militaire junta een angstwekkend realiteitsgehalte geeft. Pa Zorreguieta kan dan in ieder geval meteen weer als minister aan de slag.

Ondertussen ontvluchtten tienduizenden Argentijnen hun land, vooral naar Spanje, vaak het land van hun voorouders. Een ooit zo rijke en trotse natie stortte binnen enkele weken in gruzelementen. De pers spreekt al van «de vergissing Argentijn te zijn». De pesocrisis is echter meer dan een nationaal drama. Nog niet zo lang geleden profeteerden tal van economen de komst van een grote internationale monetaire crisis zodra de Argentijnse markt in elkaar zou storten. Daarmee is de Argentijnse crisis ook meteen de onze geworden.