Afdalen in de tv-hades

Tournee tot eind april. Begin april weer terug in Amsterdam. Inlichtingen: 020- 6278672.
De televisie of de dood. Dat is de keuze waarvoor de dichter in het toneelstuk Prometheus in Evin wordt gesteld. Het lijkt een bizarre uitspraak. Maar als je kijkt naar wat er momenteel op televisie wordt uitgezonden, is het niet moeilijk om je er iets bij voor te stellen.

De eenzamen leggen op televisie hun diepste geheimen op tafel, in een wanhopige poging om licht te brengen in hun geisoleerde bestaan. De depressieven struinen de praatprogramma’s af met het verhaal over hun eigen geplande zelfmoord. De televisie als een wondermiddel dat ronddwalende zielen binnenhaalt als helden in hun eigen verhaal.
Maar het wordt ook steeds duidelijker dat de eer om op televisie te zijn een dubieuze is. Ron Kaal beschreef in zijn prachtige boekje De Orpheusmachine de wereld die je op televisie ziet als een schimmenrijk. Iedereen die op televisie is geweest, krijgt volgens Kaal het aura toegeschreven van iemand die is afgedaald in de Hades. Je mag blij zijn dat je het er levend hebt afgebracht, dat je niet voorgoed in het schimmenrijk bent gebleven.
Het hoofdpersonage in Prometheus in Evin begeeft zich in de Hades van de televisie. Als hij terugkomt is alles veranderd. Na zijn eenmalige optreden is zijn persoonlijke leven openbaar bezit geworden. Zijn vrouw, die niets met zijn optreden te maken had, wordt overvallen door een cameraploeg als zij rustig alleen in hun huis is. Dat huis neemt in de voorstelling van DNA maar een klein hoekje van het toneel in beslag. De rest van de vloer is bestemd voor de televisie: daar heeft de rijdende camera de ruimte en daar kan de cameraploeg zich dansend en springend uitleven.
Het huis van de dichter is een open bouwsel. De halve wandjes bestaan uit boekenkasten, die maximale inkijk verzekeren. Voor een toneeldecor ideaal, de toeschouwer ziet alles, maar wordt ook meegenomen in de illusie van een intieme ruimte. Maar als de cameraploeg dit huis binnenvalt, krijgt de open structuur van het bouwsel een extra betekenis. Tot in zijn dagelijkse leven is de dichter overgeleverd aan de macht van het massamedium, hij is een speelbal in een spel waarvan anderen de regels bepalen.
De cameraploeg is in deze voorstelling een stel karikaturen, niet al te best gespeeld helaas. Toch is het jammer als de televisiemakers halverwege de voorstelling op de achtergrond verdwijnen, dat haalt de intrigerende gelaagdheid uit het beeld. Weg postmodern spel van structuren. Weg parodie op onze reality-tv. Maar wat er overblijft is het verhaal van de dichter en zijn vrouw. Dat verhaal wordt heel mooi rea listisch gespeeld door Felix Burleson en Paulette Smit. Het is een bloedserieus verhaal. De dichter is namelijk een vermeend criticus van een dictatoriaal regime. Een regime dat Iraj Jannatie Ataie - de Iraanse schrijver van Prometheus in Evin - zich beter kan voorstellen dan wij, televisiekijkers. De dood of de televisie is voor deze dichter een gruwelijk letterlijke keuze. Hij durft zich voor de camera’s niet tegen het regime te verzetten en kiest dus voor zijn leven. Maar zijn afdalen in de Hades heeft hem niet tot held gemaakt. Gekweld door schuldgevoel maakt hij zijn vrouw het leven zuur. Zij blijkt uiteindelijk de enige Prometheus in het stuk, de enige standvastige die voor geen marteling bezwijkt.
Is dit toneelstuk, dat tien jaar oud is, achterhaald? Vertelt de voorstelling van DNA niks nieuws, zoals de dagbladrecensenten beweren? Zolang wij, televisiekijkers, bij ‘de dood of de televisie’ in eerste instantie denken aan postmodernisme of parodie, geeft een geengageerde voorstelling als die van DNA een broodnodig tegenwicht.