Afgetapt

I. DE GATT-PARTNERS In 1993 meldden enige grote kranten dat president Clinton de Amerikaanse veiligheidsdiensten had opgedragen om prioriteit te geven aan de bescherming van het nationaal economisch belang. In het bijzonder moesten zij de Amerikaanse deelnemers aan de besprekingen over het wereldhandelsverdrag (Gatt) ondersteunen, de ‘oneigenlijke handelspraktijken’ van andere landen bestrijden en tijdig financiële crisishaarden in de wereld signaleren. Vanaf dat moment, aldus de Washington Post, luisterde het National Security Agency alle communicatie van de Gatt-partners af, waaronder de telefoongesprekken van president Mitterrand en Commissievoorzitter Delors.

Die tactiek - door de Wall Street Journal ‘war by other means’ gedoopt - was weinig succesvol, zo bleek uit hoorzittingen in het Congres. De ministeries van Handel en Financiën en de Amerikaanse handelsvertegenwoordigers konden weinig beginnen met de informatiebrij die de veiligheidsdiensten over hen uitstortten. Door gebrek aan expertise is de CIA niet toegekomen aan het signaleren van toekomstige financiële crises, een taak die voor de grootste economische denktanks al schier onmogelijk is. 'De CIA heeft geen economische analisten van hetzelfde niveau als hun militaire analisten’, zei een hoge functionaris: 'De belangrijkste gegevens zien ze over het hoofd en het meeste wat je van ze krijgt, is troep.’
Het gebrek aan resultaat kwam CIA-directeur John Deutch op een reprimande van de president en het Congres te staan. Sindsdien recruteert Langley met verdubbelde energie nieuwe medewerkers op Harvard, Yale en andere business schools.

  1. JOSE IGNACIO LOPEZ Op het gebied van bedrijfsspionage boekten de Amerikanen wel enige spectaculaire successen. Bijvoorbeeld in Duitsland, waar in 1993 manager José Ignacio Lopez van Opel, een dochteronderneming van General Motors, overstapte naar het Duitse Volkswagen. Onmiddellijk werd hij door GM beschuldigd van bedrijfsspionage; hij zou vertrouwelijke informatie van Opel naar Volkswagen hebben meegenomen. Voor de buitenwereld was het een raadsel hoe General Motors zo snel wist dat Lopez bedrijfsgeheimen verklapte. Experts wezen echter op de rol van het NSA, een verdenking die leek te worden bevestigd toen justitie tijdens een inval bij GM-medewerkers een serie tapes aantrof. De zaaksofficier is niet bereid om commentaar te geven aangezien het onderzoek nog loopt, maar de toenmalige chef sabotagebestrijding van de binnenlandse veiligheidsdienst, Joseph Karkowski, bevestigt tegenover De Groene dat de tapes afkomstig waren uit Fort Mead. Karkowski: 'Wij wisten dat GM magneetbanden had gekregen van het NSA. Op die banden staan videoconferenties van de raad van bestuur van Volkswagen waaruit je kon opmaken dat Lopez geheimen doorgaf. De conferenties zijn afgetapt vanuit de centrale in Bad Aibling, waar de Amerikanen de operationele leiding hebben. Ze kunnen naar believen elke elektronische verbinding op Europees grondgebied aftappen.’ Volgens de Duitse inlichtingenexpert Erich Schmidt-Eenboom - schrijver van onder meer een onthullende monografie over Klaus Kinkels jaren als Duitse inlichtingenchef - bespioneert het NSA overheden en bedrijven in heel Europa. Schmidt-Eenboom: 'Vroeger was hun activiteit vooral gericht op het Oostblok. Bad Aibling luistert nog altijd de Russen af, maar ook overheden en grote West-Europese bedrijven worden nu systematisch in de gaten gehouden.’ Volgens deskundigen ontlenen ook de Engelsen belangrijke voordelen aan hun samenwerking met het NSA. Zo verloor Siemens in 1993 een Zuid-Koreaanse order van 2,4 miljard dollar voor hogesnelheidstreinen aan het Brits-Franse concern GEC-Alsthom. Echelon-informatie zou de Britten een beslissende voorsprong hebben gegeven.
  2. EDOUARD BALLADUR In januari 1994 vloog de Franse premier naar Riad om een Saoedische order van 6 miljard dollar voor de Franse wapenindustrie en het Airbus-concern te ondertekenen. Bij aankomst hoorde hij van koning Fahd dat Boeing en McDonnell Douglas een interessantere offerte hadden gedaan. Balladur kon onverrichter zake naar huis. Naderhand bleek dat de Amerikanen meer smeergeld hadden geboden dan de Fransen en dat Clinton op de valreep met Fahd had gebeld om randvoorwaarden aan te bieden die de koning tevergeefs van de Fransen had gevraagd. Amerikaanse veiligheidsagenten pochten tegenover de grote kranten dat zij het pleit hadden gewonnen dankzij hun elektronische afluistercapaciteit. In hetzelfde jaar wist het Amerikaanse bedrijf Raytheon de Franse concurrentie een Braziliaanse opdracht van 1,4 miljard dollar voor de bouw van radarinstallaties afhandig te maken. De Raytheon-order is volgens afluisterexpert John Pike van de Federation of American Scientists het duidelijkste geval van NSA-bedrijfsspionage tot nog toe. Het feit dat Raytheon op alle terreinen iets meer aan de Braziliaanse verlangens tegemoetkwam, is doorslaggevend. Pike: 'Het kan niet anders of hier is signals intelligence gebruikt, het verloop van de zaak laat geen andere conclusie toe.’ De Fransen ontstaken in razernij over de afgesnoepte orders, wezen vijf Amerikaanse diplomaten en een onbekend aantal CIA-medewerkers uit en ontmantelden enige Amerikaanse militaire installaties op hun grondgebied.
  3. PREMIER MURAYAMA Volgens de Washington Post en de New York Times maakte de Amerikaanse onderhandelaar Mickey Kantor in 1995 tijdens zijn besprekingen met Japan over de quotering van de Japanse auto-export volop gebruik van afluistergegevens. Elke ochtend besprak hij op het CIA-bureau in Tokio de NSA-transcripts van de onderlinge telexen en telefoontjes van de Japanse onderhandelaars en hun gesprekken met hun meerderen, onder wie premier Murayama. De Amerikanen maakten handig gebruik van de onenigheid tussen twee Japanse ministeries en van de gebrekkige communicatie tussen de Japanse onderhandelaars en hun eigen auto-industrie. Uiteindelijk bereikte Kantor een gunstig resultaat doordat hij de Japanse autoproducenten ervan wist te overtuigen dat ze werden misleid door hun regering. 'Het liep dit keer gesmeerd’, juichten Amerikaanse inlichtingenmensen tegen een correspondent van The Guardian. Murayama overwoog een officieel protest, maar vond bij nader inzien dat hij er alleen gezichtsverlies door kon lijden.