Profiel: Mohamed Zahir Shah

Afghanistans laatste hoop

«Wij erkennen noch vertrouwen Zahir Shah. Hij wordt slechts gebruikt voor propaganda. Wie geen rol heeft gespeeld in de Afghaanse jihad (tegen de Sovjets — jb) en een luxueus leven heeft geleid in het buitenland, kan geen rol meer spelen in Afghaanse aangelegenheden.» Aldus veegden de heersende Taliban in juni vorig jaar een vredesinitiatief van de voormalige Afghaanse koning Mohamed Zahir Shah van tafel. Hij had geprobeerd de Taliban en de gewapende oppositie, verenigd in de Noordelijke Alliantie, met elkaar te verzoenen. De Taliban — de fundamentalistische godsdienstleerlingen die vanuit Pakistan vanaf 1994 bijna heel Afghanistan hebben veroverd — moeten niets van hem hebben. Zahir Shah is volgens hen niet recht in de leer. Zelf beschouwt hij zich als een goed moslim, maar hij heeft geen baard.

Nu de Taliban opnieuw een jihad hebben uitgeroepen, dit keer tegen de Amerikanen, is Zahir Shah, woonachtig in Rome, Afghanistans laatste hoop. Hij is gematigd en goed onderlegd. Een humaan en redelijk mens, zeggen zijn aanhangers. Mocht het Taliban-bewind van mullah Omar en zijn leerlingen ten val worden gebracht door westerse aanvallen, dan zou hij weleens de enige kunnen zijn die kan voorkomen dat het land in weer een andere burgeroorlog glijdt. Tijdens het veertigjarige bewind van Zahir Shah, zo herinnert menig Afghaan zich met nostalgie, heerste er vrede. Zelfs de Tweede Wereldoorlog ging aan het land voorbij.

Mohamed Zahir Shah was 19 jaar jong toen hij in 1933 de troon besteeg, enkele uren nadat zijn vader was vermoord. Onder diens leiding hadden Zahir en zijn broers eind jaren twintig met straffe hand een periode van anarchie en roofzucht beëindigd. De troon die hij erfde was legendarisch. De Afghaan se koning kon zich beroepen op beroemde voorgangers: Alexander de Grote en diens Macedonische satrapen, de Kush-dynastie en de magnifieke hoven van de islamitische koningen Timur en Babur Shah. Die laatste dwarsboomde in de negentiende eeuw tot twee keer toe de Britse imperiale honger. De Britten waren in een ingewikkeld diplomatiek steekspel verwikkeld met de Russen met als inzet de zeggenschap over Centraal-Azië. Kaboel was de spil.

In 1839 namen de Britten de Afghaanse hoofdstad in en installeerden er een marionettenregering. Twee jaar later kwamen de Afghaanse stammen in opstand, vermoordden de Britse gezant en zetten de regering af. Maar liefst 4.500 Britse soldaten en 12.000 burgers werden gedwongen een lange mars te ondernemen om het land te ontvluchten. Eén redde het. Dertig jaar later probeerden de Britten het opnieuw. Toen het weer niet lukte, besloten ze het land te laten fungeren als een buffer tussen India en Rusland. De Russische inval in 1979 diende niet alleen ter ondersteuning van een communistisch regime, maar ook als het oprollen van de barrière naar andere delen van Azië waar de Sovjets hun macht wilden doen gelden.

In 1973 werd Zahir Shah afgezet door zijn zwager Daud, die een republiek uitriep. Het koningschap had afgedaan. Het is de vraag van wie of wat Zahir Shah eigenlijk koning was. Het verenigen van onderdanen binnen staatsgrenzen is één ding, hen aaneen smeden tot loyale, vredelievende staatsburgers is iets heel anders.

Het huidige Afghanistan is etnisch zeer divers. De grenzen lopen dwars door stammengebieden heen. De Pukhtuns bijvoorbeeld, de stam waaruit de meeste Taliban afkomstig zijn, leven deels in Afghanistan en deels in Pakistan. Door stammentwisten en burgeroorlog is Afghanistan nog slechts een zweem van zijn roemruchte verleden. Rond Kaboel kwam tussen 2000 en 1500 voor Christus waarschijnlijk de Rig Veda tot stand, en in de tiende eeuw was Afghanistan het centrum van de islamitische wereld. Nu is het verworden tot een kapotgebombardeerd maanlandschap, overheerst door een middeleeuws regime.

Ondanks dat is de voormalige koning Mohamed Zahir Shah, die al dertig jaar geen voet meer op vaderlandse bodem heeft gezet, meer dan bereid om zich aan het hoofd te stellen van een overgangsregering, mochten de Taliban het veld ruimen. Liever als staatshoofd dan als koning, zei hij. Royaal decorum past niet in een land dat zo heeft geleden.