Afrikaanse hoeders van Belgisch trappistenbier

Brussel - Het beste bier ter wereld, de Trappist Westvleteren Twaalf - donkerbruin, 10,2 procent alcohol - koop je in de Sint-Sixtusabdij in West-Vlaanderen, en enkel na reservering. De ‘biertelefoon’ van de abdij is maar een paar uur per week bereikbaar en zelfs dan steeds in gesprek. ‘U bent niet de enige’, waarschuwt de website. ‘Het is een kwestie van veel geduld en veel geluk.’ En van snel zijn, lijkt het, want misschien is het er straks niet meer.

De monniken van Westvleteren zijn trappisten, een katholieke kloosterorde genoemd naar de oude abdij van La Trappe, in Frankrijk, die zich in de zeventiende eeuw toelegde op de strikte naleving van de benedictijnse regels: stilte, nederigheid en handenarbeid - nu niet meteen de kernwaarden van de wereld vier eeuwen later. De meeste West-Europese broeders hebben de profane pensioenleeftijd al lang bereikt. ‘Er zijn nog maar erg weinig nieuwe intredes in België en Nederland’, zegt Danny Van Tricht, hoofdredacteur van TrappistBier Beleven. Er zijn nog maar zeven officiële trappistenbrouwerijen (Achel, Chimay, Orval, Rochefort, Westmalle, Westvleteren en La Trappe). ‘Maar daar staat tegenover dat er wel nog een heleboel intredes zijn op bijvoorbeeld het Afrikaanse continent. En veel van die monniken belanden in Europese kloosters.’
Zij komen vaak van zusterabdijen, zo leert een korte belronde, in de eerste plaats voor opleiding. Sommigen blijven plakken. Vier van de vijftien broeders van Chimay zijn niet-Europees. Westmalle heeft één vaste zwarte broeder. Komen zij ons nu redden van de teloorgang van het trappistbier? ‘Dat is overdreven’, zegt Van Tricht. ‘Maar ik zie wel regelmatig gekleurde monniken verschijnen in de diverse kloosters.’
De trappisten zelf zijn niet zo bezorgd om de toekomst van hun bier. La Trappe in Nederland heeft de laatste tien jaar zelfs meer intredes gehad dan in de vijftig jaar daarvoor, zegt abt Bernardus. Hij spreekt van een ‘spiritualiteitshoos’, die niet noodzakelijk iets met godsdienst te maken heeft. ‘Mensen zullen altijd op zoek zijn naar rust’, zegt hij. ‘Zeker in deze tijd.’
Er komen zelfs twee nieuwe brouwerijen bij - een in Frankrijk en een in Nederland, in Zundert. ‘Trappistbrouwerijen zijn uitgegroeid tot bloeiende ondernemingen’, zegt Van Tricht, ‘die voor heel wat tewerkstelling zorgen. Die vinden wel een manier om te overleven.’ Het bier zal dan alleen misschien geen trappist meer mogen heten. ‘Maar tenslotte is het de kwaliteit die er toe doet, niet het labeltje dat erop kleeft.’