Daar is het weer, dat handgebaar, na zestien jaar een van de meest gepersifleerde, maar ook een van de meest herkenbare handgebaren ter wereld. Het is tijdens een van de laatste openbare optredens van Angela Merkel, op een maandagavond in Berlijn. De onbuigzamen heet de documentaire, waarvan Angela Merkel midden augustus de première bijwoont. De film gaat over de moeizame weg van vrouwelijke politici in de Duitse politiek tot ongeveer 1990. Het zou een avond kunnen worden over Merkel zelf, hoe ze haar weg als ‘machtigste vrouw ter wereld’ daarop heeft kunnen voortbouwen.

Luister naar De Groene

In De Groene Amsterdammer Podcast interviewt Kees van den Bosch Merlijn Schoonenboom over Angela Merkel, haar vertrek en de toekomst van Duitsland. Onze podcast is elke vrijdagochtend gratis beschikbaar via groene.nl/podcasts en via de andere bekende podcastkanalen

Maar zo’n avond wordt het niet. Kort voor de foto heeft Merkel de aanwezigen nog even toegesproken. ‘Onze gedachten zijn vandaag bij de vele vrouwen in Afghanistan, die in deze dagen en uren voor hun leven moeten vrezen, omdat ze zich politiek geëngageerd hebben.’ Dat is de crisis waar het nu om moet gaan, vindt Merkel. En daar is dan dat gebaar, dat haast geruststellend bekende gebaar, als direct na de toespraak een foto wordt gemaakt van vijf vrouwen, vier voormalige politici en Angela Merkel, die haar handen in de vorm van een ruit voor haar buik legt.

Het zal een van de laatste keren zijn, en dan verdwijnt na de Bondsdagverkiezingen van 26 september ook de beroemde ‘ruit’ van het politieke wereldtoneel, het bekendste symbool van het tijdperk-Merkel. Het is nog slechts een klein verschil met de periode van Helmut Kohl tussen 1982 en 1998, en dan is Merkel de langstzittende regeringsleider van de Bondsrepubliek ooit. Dat is niets minder dan een tijdperk, inclusief bijbehorende gebaren en rituelen, daar is iedereen het wel over eens.

Moeilijker wordt het als je de vinger erop probeert te leggen wat dat dan precies was, dat tijdperk-Merkel. ‘U kent mij’, dat was de roemruchte Merkel-uitspraak tijdens een tv-debat in 2013, vlak voor haar derde herverkiezing. Het zinnetje was geadresseerd aan de kiezers thuis, het was dezelfde campagne waarin de ‘ruit’ voor het eerst feilloos als succesformule werd ingezet. Het bleek genoeg om haar glansrijk te laten winnen, meer dan haar partij ooit had gedaan. Met Merkel, dachten de kiezers, weet je tenminste wat je krijgt.

Maar twee jaar later sprak ze opnieuw drie woorden uit, deze keer tot vreugde van veel Duitse progressieven, en tot schrik van veel cdu-leden. ‘Wir schaffen das’, zei ze op 4 september 2015: ze sloot de grenzen niet voor gestrande asielzoekers in Boedapest, en daarna reisde uit de hele wereld een miljoen migranten naar Duitsland af. Deze drie woorden zouden zonder twijfel de meest geciteerde woorden uit haar ambtsperiode worden.

‘De sfinx’, zo werd Merkel ook wel genoemd, omdat men haar toch eigenlijk helemaal niet kende. Het was ook wel in de variatie te horen als ‘Teflon-kanselier’, omdat alle kritiek van haar af leek te glijden, en alle vragen naar haar visie of gevoelens op niets uitliepen. In 2015 kwam het begrip ‘merkelen’ op de tweede plaats bij de jaarlijkse verkiezing van ‘jeugdwoord van het jaar’. Het werkwoord duidt op ‘niets doen, geen beslissing treffen, geen verklaring afleggen’.

Misschien heeft ze vanwege de ongrijpbaarheid wel zovele bijnamen gekregen. Ze begon als ‘meisje van Kohl’, toen zij, de onervarene, die schuchter lachende, een vrouw nota bene, door de ‘eeuwige kanselier’ Helmut Kohl als opvolger als cdu-leider was uitgekozen. Daarna volgden de namen ‘Mutti’, Merkel die als een ‘moederlijke’ leidster haar land aan de hand nam door woelige baren – soms liefdevol, soms spottend bedoeld.

Internationaal was ze dan weer eerst ‘Madame Non’, vanwege haar financiële strengheid in Europa, daarna werd ze juist ‘Miss Europe’, later culminerend in ‘the leader of the free world’ in met name Amerikaanse media, toen ze als tegenhanger van Donald Trump de ‘liberale waarden’ zou moeten beschermen. De laatste jaren heeft Angela Merkel een andere bijnaam gekregen. ‘Krisenkanzlerin’ wordt ze nu ook wel genoemd – de crisiskanselier. Het zal hoogstwaarschijnlijk haar laatste bijnaam zijn. Het is de meest alomvattende benaming voor deze zestien jaar, maar misschien ook wel de passendste. >

Achteraf werd Merkels kanselierschap tenslotte niet alleen bepaald door de grote internationale crises van het eerste kwart van de 21ste eeuw – ze was er zelf actief de manager van: in 2008 was er de financiële crisis, in 2010 de eurocrisis, in 2015 de vluchtelingencrisis, in 2020 de coronacrisis. En nu dan de Afghanistan-crisis, waarbij de discussies over de vluchtelingenopvang de herinnering aan 2015 weer losmaken.

Alleen dat al laat zien dat zestien jaar Angela Merkel enorm invloedrijk zijn geweest. Maar wat was dat dan, dat tijdperk-Merkel – en welke emoties komen er los als iemand na zo’n lange tijd ineens verdwijnt?

Over een standbeeld is al weleens nagedacht, al is het dan in Nederland – uitgerekend in progressieve kringen. Want: ‘Wij willen een held, dit is een tijd die helden nodig heeft’, klinkt het op het podium van Theater Bellevue in Amsterdam. Maar Angela Merkel twijfelt: een standbeeld, voor haar? Is dat echt nodig? Benjamin Moen speelt haar in de elektro-opera Merkel (Nineties Productions en Orkater, 2019), waarin Merkel met een mengeling van Hollandse humor en wagneriaans drama als een soort popcultureel icoon wordt geportretteerd.

Ze heeft zeker niet dezelfde politieke overtuigingen als de cdu-leider, vertelt regisseur Floor Houwink ten Cate (33), inmiddels regisseur en schrijver bij Frascati Producties. Maar een heldin is de Duitse bondskanselier, die aan de macht kwam toen zijzelf zeventien jaar was, wel voor haar. Het begon er allereerst mee dat ze zelf vrouw is, en Merkel een van de weinige vrouwelijke leiders op het wereldtoneel, die ‘zonder de algemeen heersende vrouwelijke clichés vrouwelijk leiderschap heeft geïnstitutionaliseerd’.

Maar het was vooral de vluchtelingencrisis van 2015 waardoor Merkel voor Houwink ten Cate ‘van de zijlijn naar het hoofdpodium’ schoof. Op 4 september 2015 stapte Merkel heel gedecideerd ‘uit de schaduw het licht binnen’. Merkel koos ervoor om te helpen, om naar eigen zeggen een humanitaire ramp te vermijden. Ze nam daarmee een beslissing ‘terwijl Nederland niets zat te doen’. Als Duitser, juist als Duitser, zegt ze, omdat Merkel zich extreem bewust is van de Duitse geschiedenis, en daarmee ook van de verantwoordelijkheid die Duitsland heeft.

In 2017, bij haar vierde herverkiezing, deed Merkel dat in feite nog een keer. Eigenlijk wilde ze stoppen, maar kort ervoor was in de Verenigde Staten Donald Trump aan de macht gekomen. Het waren de hoogtijdagen van de polarisering in de westerse wereld. Merkel bleef, denkt Houwink ten Cate, omdat ‘ze zich verantwoordelijk voelde de democratische waarden van haar vrije Europa te verdedigen’.

In de voorstelling gaat Merkel uiteindelijk toch op de sokkel staan. Ze doet het niet voor zichzelf, maar voor de anderen. Ze blijft er een halve minuut staan, dan vindt ze het wel weer genoeg. Een held in de klassieke zin is Merkel namelijk niet, zegt Houwink ten Cate. Merkel is een boegbeeld dat er geen wil zijn.

Voor de regisseur is de beroemde ‘sauna-anekdote’ treffend voor Merkels aanpak. Op de avond van 9 november 1989 ‘valt’ de Berlijnse Muur, de stad kookt, maar wat doet de jonge dertiger Angela Merkel, natuurwetenschapper in de ddr? Die gaat naar de sauna, omdat ze nu eenmaal ‘altijd’ op donderdagavond naar de sauna ging. Heel politiek actief was Merkel tot die tijd niet, maar Houwink ten Cate stelt zich voor hoe Merkel precies daar, in die lege sauna, ‘contempleerde over het grote “wat nu?”’

Rationeel bekeek ze welke stappen er nodig waren om ‘de vrijheid te beschermen’. Dit is haar grote kracht gebleven, vindt de regisseur. Precies doordat ze als politicus altijd het verstand vooropstelt, is Merkel de afgelopen jaren een rationeel tegenwicht van een oververhit emotioneel politiek debat geworden – een rots in de branding van een ‘overtwitterde’ wereld, zoals het in de voorstelling Merkel heet.

Duitsland, Kruen, 7 juni 2015. Bondskanselier Merkel en de Amerikaanse president Barack Obama groeten de lokale bevolking vlak voor de G7-bijeenkomst in Schloss Elmau © Sean Gallup / Getty Images

‘Helaas zijn sommige politici door hun eerzucht en hebzucht verblind’, klinkt het ook in een brief van een achttienjarige scholier uit Almere. ‘Ze kunnen niet meer goed inschatten wat belangrijk voor hun partij is, of hun land. U, mevrouw Merkel, heeft intussen meerdere keren bewezen dat u niet zoals die anderen bent. U laat zich niet intimideren en u bent met de voeten op de vloer gebleven.’

De brief is tekenend voor hoe juist ook in Nederland de stemming rond het Duitse politieke leiderschap is veranderd. De brief is deel van een actie van het Duitsland Instituut van de Universiteit van Amsterdam, ter gelegenheid van het afscheid van Merkel. Historisch gezien is het een symbolische keuze: in 1993 stuurde een miljoen brievenschrijvers aan Kohl een briefkaart met daarop de tekst: ‘Ik ben woedend.’

De directe aanleiding hiervoor waren rechts-extremistische aanslagen in de Duitse plaats Solingen, maar er zat ook een veel dieper anti-Duits sentiment achter, mede door de Duitse hereniging van 1990 en de angst voor een nieuw machtig Duitsland. Dat is onder Merkel niet gebeurd, al is het juist in de tijd van Merkel dat Duitsland politiek gezien écht als het machtigste land van de EU is gaan gelden.

De bescheiden ‘antiheld’ Merkel wordt vaak als de reden voor de internationale acceptatie van de grotere rol van Duitsland in Europa gezien, maar het was ook Duitsland zelf dat veranderd was. Zeker tot aan de vluchtelingencrisis lijkt Duitsland ver weg van het land uit de jaren negentig te zijn, met zijn aanslagen en politieke spanningen. ‘Het beste Duitsland dat we ooit hebben gehad’, noemt de bondspresident Joachim Gauck Duitsland in 2013.

Merkels houding in de vluchtelingencrisis moet in het verlengde van een veel langere ontwikkeling worden zien, legt Ellen Ueberschär uit, voorzitter van de Heinrich Böll-stichting, het wetenschappelijk bureau van De Groenen. De christen-democraat Merkel kan uitgerekend bij zeventig procent van de Duitse Groenen op sympathie rekenen, blijkt uit peilingen. Merkel is om die reden door haar voor- én tegenstanders ook wel de belichaming genoemd van een nieuwe ‘zwart-groene’ burgerij in Duitsland: een combinatie van de christelijke waarden die oorspronkelijk bij de cdu horen (zwart) en de overtuigingen over een beter milieu en liberale individuele vrijheden (groen).

Die coalitie is er in het echt nog niet gekomen, maar het gevoerde beleid staat er niet ver van, zegt Ueberschär. Ze somt een aantal van de hervormingen op die onder Merkel zijn doorgevoerd, en die allemaal als ‘progressief’ kunnen worden omschreven: het eind van de dienstplicht, modern gezinsbeleid, de nadruk op een multiculturele realiteit. Kortom: een geliberaliseerd en gemoderniseerd land, waar zelfs ‘ineens cafés op iedere straathoek kwamen’.

Ja, dat is Merkels verdienste, maar nee: dat betekent allerminst dat de christen-democraat Merkel diep vanbinnen een volbloed progressief was. Het best was Merkels aanpak te zien bij het homohuwelijk, zegt Ueberschär. In 2017 was het, dat het laatste grote kroonjuweel van de conservatieve cdu overboord ging. Zelf schijnt Merkel tegen dit ‘huwelijk voor allen’ te hebben gestemd, maar ze vond dat iedereen ‘het zelf mocht beslissen’, zoals ze in een interview vertelde.

Volgens de voorzitter van de Böll-stichting zag Merkel dat Duitsland veranderde, en ze begreep dat de cdu moest aansluiten bij een nieuw maatschappelijk midden. Dit midden was liberaler en groener geworden. De Groenen stonden klaar om in dit gat te springen. Dus om de cdu groot te houden móest ze de partij wel linkser en groener maken, zegt Ueberschär: ‘Ze heeft de liberalisering naar het conservatieve deel van Duitsland gebracht.’

Merkel ging daarbij zeer pragmatisch te werk. In 2011, na de kernramp in het Japanse Fukushima, volgde in Duitsland een sterke politieke reactie; De Groenen werden in de peilingen zeer groot, in de deelstaat Baden-Württemberg kwam voor het eerst een groene minister-president – en Merkel besloot dat Duitsland uit de kernenergie zou stappen, al had ze twee jaar geleden juist besloten dat dat niet zou gebeuren. Deze stap was niet haar eigen hervorming, benadrukt Ueberschär met typische partijpolitieke nadruk: de stap uit de kernenergie was in feite al onder de links-groene regering van Gerhard Schröder en Joschka Fischer in 2001 geïnitieerd. Merkel maakte hún hervormingen geschikt voor het nieuwe midden.

Merkel lanceerde geen grote ideologische visies, maar pakte stapje voor stapje een probleem aan. Ze was het vleesgeworden compromis

Daar toonde zich precies dat grote talent van Merkel, zegt Ueberschär: ze had een feilloze voelhoorn voor dat wat de meerderheid wil. Maar ze lette ook steeds op wanneer ze weer terug moest roeien als ze het gevoel had dat de meerderheid weer verdween: ‘Is het zeventig procent, of toch alweer zestig procent?’

Merkels beleid is daarom ook wel de ‘politiek van de kleine stapjes’ genoemd: ze lanceerde geen grote ideologische visies, maar wilde stapje voor stapje een probleem aanpakken. Ze zocht telkens het midden – dat deed ze al in de laatste dagen van de ddr, zegt Ueberschär. Ueberschär groeide zelf ook in de ddr op en was in de laatste maanden ervan in 1990 in de groene beweging actief, terwijl Merkel destijds al voor een minder rebels politiek pad koos.

Als het vleesgeworden compromis, zo wordt Merkel daarom ook wel gezien, als de ‘keizerin van het grijze midden’, zoals bij theatergezelschap Nineties klinkt. Maar alleen pragmatiek was het toch ook weer niet, zegt Ueberschär, verwijzend naar de beslissing over de vluchtelingen in 2015. Ook die paste weliswaar bij de toenmalige stemming in het land, maar sloot toch ook aan bij de ‘protestantse waardenkosmos’ die Merkel heeft meegekregen uit de evangelische kerk van haar vader, de dominee.

Vrijheid en verantwoordelijkheid, dat waren de twee grote ijkpunten van haar beleid, denkt Ueberschär, zelf theoloog. Al zou ze het zelf nooit zo groots zeggen, weet Ueberschär – daarvoor is Merkel boven alles ‘bodenständig’ gebleven. Een politiek leider die gewoon op wandelvakantie gaat, en met regenjas en wandelschoenen gefotografeerd wordt. Precies zoals haar kiezers het graag zagen.

Gorleben, 23 maart 1995, Angela Merkel als CDU-milieuminister bij het afdalen in onderzoeksschachten voor een splijtstofdepot © Visum / Internationaal / De Beeldunie

Elf minuten duurt het applaus, op het cdu-congres van 6 december 2016. Het zijn de emotionele maanden na de vluchtelingencrisis; de Duitse politiek is gespleten, de discussies zijn fel. In de zaal voelt Alexander Mitsch letterlijk kippenvel, maar niet van geluk. Bedrukkend is het, vindt Mitsch (54), econoom en cdu-lid uit Baden-Württemberg, met hoeveel applaus Merkel hier opnieuw tot voorzitter wordt gekozen.

De maanden ervoor heeft hij vele discussies met cdu-leden over Merkels vluchtelingenbeleid gevoerd, en hij hoort hoe kritisch ze zijn. Alleen: niemand blijkt het luid te durven zeggen, uit angst voor de repercussie, denkt Mitsch. Bij ieder rechts geluid wordt direct de nazi-beschuldiging erop losgelaten. Vroeger, toen Mitsch zelf voorzitter bij de jongerenafdeling was, was dat anders, toen kon hij openlijk zijn standpunten bediscussiëren met de linkervleugel van de partij, daarna even goede vrienden.

2015 was ook voor hem het beslissende moment, zegt Mitsch, maar dan niet als hoogtepunt maar als dieptepunt. Zijn onvrede met Merkel begon eigenlijk al rond 2011, toen de bondskanselier ineens besloot dat Duitsland met de kernenergie zou stoppen. Daarna kwam het eind van de dienstplicht, daarna haar te toegeeflijke houding bij de eurocrisis. De komst van de vluchtelingen was het moment dat Mitsch aan zijn kinderen heeft gedacht, en zich voorstelde ‘dat dit land over dertig jaar niet meer mijn land zou zijn’.

Eerst was het alleen een gevoel, zegt hij, pas daarna is er een strategisch plan uit gevolgd. Hij richtte de ‘WerteUnion’ op, een conservatieve groepering binnen de cdu, die er actief en lange tijd mediageniek voor pleitte dat Merkel zou vertrekken. Want Merkel, vertelt Mitsch, voerde niet alleen de cdu in de ‘verkeerde richting’, maar ook Duitsland zelf.

Het verhaal dat het Duitse midden zwart-groen is geworden deelt hij niet: de meerderheid staat nog steeds rechts van het midden, denkt hij. Merkel heeft alleen ‘nooit de ambitie gehad die groepen voor zich te winnen’. Zeker, met haar verschuiving naar links heeft ze ‘verhinderd’ dat het land in de greep van links-groen zou komen, maar ze heeft er daarmee ook voor gezorgd dat ‘het burgerlijke midden verdreven werd en deels ook geradicaliseerd’.

Mitsch doelt hiermee op de opkomst van de nieuwe rechtse partij AfD, die hij als een direct resultaat van Merkels beleid ziet. Merkels ‘koers naar links’ had een gat op rechts achtergelaten, die door teleurgestelde conservatieven werd opgevuld. Ze stortte de partij in een richtingenstrijd die nog lang niet voorbij is. Merkel roeide meermaals ‘met kleine stapjes’ terug om de rechtervleugel binnenboord te houden, maar het baatte niet: ze blijft voor hen degene die de vluchtelingen binnenliet.

De heftigheid van de emoties in 2015 zijn te verklaren met de rol die Merkel in haar land speelde, denkt de psycholoog Stephan Grünewald. Hij leidt het marktonderzoeksbureau Rheingold in Keulen, hij werd in de Frankfurter Allgemeine ‘de psycholoog van de natie’ genoemd, en brengt eens in de zoveel tijd een bestseller uit waarin hij het land ‘op de sofa legt’. Om Angela Merkel te beschrijven gebruikt hij ronduit religieuze begrippen. ‘Angela, de “engel van de rust”, die onzelfzuchtig en opofferend zich in een haast “celibataire” levenswijze in dienst van het land stelde’, zegt hij. Nee, een Verlosser was ze niet, ze zei niet: ik los alles wel even op. Eerder ‘ommantelde’ ze de problemen, alsof ze de burgers van de problemen verloste door die zelf op zich te nemen.

Voor Grünewald is het daarom geen cliché om Merkel de ‘moeder der natie’ te noemen. Tenslotte gedroeg ze zich als een zorgende moederfiguur, die zich, alhoewel zelf kinderloos, om de ‘kinderen van het land’ bekommerde en beloofde: ik leid jullie naar een veilige toekomst. De emoties tijdens de vluchtelingencrisis hebben direct met die moederrol van Merkel te maken, denkt hij. De ‘moeder der natie’ dreigde op 4 september 2015 haar kinderen te verlaten: als de vluchtelingen niet opgenomen worden, zei ze, ‘dan is dit niet meer mijn land’.

De schok daarover was met name in de voormalige ddr, in de Oost-Duitse deelstaten, groot. Hier kwam Merkel zelf vandaan, maar men voelde zich in de steek gelaten: ze bekommert zich wel om een miljoen nieuwkomers, terwijl ze de zeventien miljoen Oost-Duitsers in de steek liet, vonden ze. Ook de opkomst van het AfD was een direct gevolg van een conflict met de moederfiguur, denkt Grünewald. Tenslotte is die partij een gevolg van een ruzie tussen de ‘broers en zussen’ binnen de cdu-familie – en de rechtervleugel voelde zich door ‘moeder’ Merkel niet gehoord.

De uitbarsting van emoties laat volgens Grünewald goed zien wat het nadeel van Merkels regeringsstijl is geweest. Angela Merkel was volgens hem in zekere zin een ‘kalmeringstablet’ voor de samenleving, ze heeft het land in een kunstmatige kalmte laten wegdoezelen. Men raakte er wel heel erg aan gewend de verantwoordelijkheid naar boven af te geven. De individuele verantwoordelijkheid werd uitgehold. ‘Er wordt gegeten wat op tafel komt’, zei Merkel, en men deed wat ze zei, zegt Grünewald: culminerend in de coronatijd, waarin velen zich in hun ‘slakkenhuis’ terugtrokken, terwijl de ‘moeder’ streng besloot dat het ‘huisarrest’ – de lockdown – nog maar weer eens voor een paar maanden werd verlengd.

Ja, stabiliteit, dat heeft ze met haar beleid zeker voor elkaar gekregen, zegt Alexander Mitsch van rechterzijde, maar ‘dat is ook stilstand’. ‘Soms moet je ook impopulaire maatregelen durven nemen’, vindt hij, en niet alleen met kleine stapjes de meerderheid zoeken. Het is precies deze kritiek op de ‘stilstand’ die na zestien jaar ook van de andere zijde van het politieke spectrum te horen is.

Julian Gläser (23), student politieke en economische wetenschappen, zou je letterlijk een van de kinderen van het tijdperk-Merkel kunnen noemen. Hij is opgegroeid in Merkel-Duitsland, kent geen andere regeringsleider dan zij. En inderdaad: ‘Indirect’, zegt hij, ‘zou je kunnen zeggen dat ik dankzij Merkel nu zo politiek actief ben geworden.’ Een ‘generatie-Merkel’ is volgens hem weliswaar niet ontstaan, omdat ze daarvoor toch ‘te weinig charismatisch, te weinig present’ was, al vindt hij dat op zichzelf een positieve eigenschap. Eerder was het de cdu en het beleid dat die partij zestien jaar doorvoerde, die hem hebben beïnvloed. En hij ontdekte: ‘De cdu heeft veel verhinderd.’

Zijn politieke bewustzijn is opgekomen toen hij een jaar vrijwillige dienst deed en later een stage liep. Daar stuitte hij op problemen die niet waren opgelost, op het gebied van discriminatie, op het gebied van klimaat, en bij de infrastructuur is er zoveel bezuinigd ‘dat er letterlijk gaten in het wegdek zitten’. Hetzelfde geldt voor het bezuinigingsbeleid in de EU: het gebrek aan investeringen, vreest hij, zal leiden tot problemen, waar zijn generatie mee zal worden opgezadeld.

Gläser merkt hoe er in het buitenland een sterke bewondering voor Merkel heerst, ook onder leeftijdgenoten. Maar hijzelf kan dan niet anders dan de tegengestelde positie innemen; hij probeert de bewonderaars uit te leggen wat er allemaal níet gedaan is. Hij waardeert de stabiliteit die Merkel bracht, en staat achter het vluchtelingenbeleid van 2015 – maar haar opvatting van politiek als ‘dat wat mogelijk is’ wijst hij af. Een dergelijk realisme werkt wellicht bij internationale verhoudingen, zegt hij, maar bij de grote problemen zoals de klimaatcrisis is het niet genoeg, daar is een moedige visie volgens hem onontbeerlijk – en die heeft hij de afgelopen jaren gemist.

Nuchter is Merkel, over het handgebaar dat haar al zo lang begeleidt. Het is de ‘symmetrie’, verklaarde ze in 2012, en dankzij die houding kan ze haar rug recht houden. Maar voor de buitenwereld was het meer, veel meer. De ruit was het symbool voor de ‘zorgzaamheid’, waarmee Merkel de Bondsrepubliek leek te omgeven, zegt Stephan Grünewald. Ze bakende de grenzen af, en binnen die grenzen beloofde ze veiligheid tegenover de problemen van de buitenwereld.

In 2015 loste Merkel de ruit volgens hem op, en spreidde haar armen breed uit naar de asielzoekers: welkom, zei ze, ‘wir schaffen das’. Dat betekende alleen ook dat zij het niet meer zelf voor iedereen zou opknappen, maar dat velen zich nu met een plicht opgezadeld voelden, waar ze helemaal niet om gevraagd hadden.

En nu? Na zestien jaar symboliseert Merkels ruit volgens Grünewald slechts nog een ogenschijnlijke rust; erachter broeit het. Het is misschien wel de grote paradox van het tijdperk-Merkel: zo nuchter, zo onverstoorbaar als crisiskanselier Merkel zelf inmiddels optreedt, zo heftig zijn de emoties die ze oproept – positief en negatief.

De emoties aan rechter- en linkerzijde blijken ondertussen een populariteit in het midden allerminst in de weg te staan. Na zestien jaar Helmut Kohl heerste er vooral uitputting, zegt Grünewald, men verlangde naar vernieuwing. Nu is dat anders. De psycholoog publiceerde vorige week een studie naar de stemming aan het eind van het tijdperk-Merkel. Aan de ene kant vindt men vernieuwing noodzakelijk, maar aan de andere kant voelt het voor velen alsof de kapitein van boord gaat, juist nu de zee extra onrustig is.

De ‘zeven hemelse plagen’ lijken over de wereld te komen, zegt Grünewald: ziekten, klimaatcrisis, overstroming. Het is geen geheim, zegt Grünewald, dat flink wat Duitsers het liefst nog een paar jaartjes hun ‘moeder der natie’ bij zich zouden houden. Nu dat niet kan, zoekt men in haar navolgers, onafhankelijk van welke partij, het liefst geen breuk met het heden, maar continuïteit.

Misschien is dat langdurige succes juist ook wel een gevolg van de ongrijpbaarheid, zegt regisseur Houwink ten Cate. Het maakte Merkel tenslotte ook tot het ideale projectiescherm, de ultieme politicus. Ze was steeds net genoeg mens, maar gaf tegelijk ook zo weinig prijs dat iedereen zijn eigen ideeën op haar kon projecteren. In de voorstelling Merkel moet acteur Moen aan de mythische wereld van Game of Thrones denken, als hij het naderende vertrek van Merkel aan voelt komen: ‘Winter is coming’, klinkt het dreigend – een ijzige tijd komt over de wereld, waar warmte en geborgenheid ver weg lijken te zijn. Is dat volgens de regisseur het lot van een Merkel-loos Duitsland en Europa?

Houwink ten Cate hoedt zich voor de ‘Mutti’-benaming: ‘Vrouwen moeten niet gereduceerd worden tot hun wel of geen moeder zijn, zo beoordelen we mannen ook niet.’ Maar als je Merkel toch als ‘ouder’ of ‘oudere wijze’ wil kenschetsen, stelt ze: ‘Goed ouderschap, zei iemand eens tegen me, is “van je af beminnen”.’ Waarmee ze wil zeggen: erop vertrouwen dat je kinderen ‘het goede dat je ze wil meegeven internaliseren’ en ze genoeg zelfvertrouwen krijgen om het zelf te gaan doen in de wereld.

Ze hoopt daarom dat anderen van Merkel geleerd hebben, dat met name nieuwe jonge en vrouwelijke politici klaarstaan om het over te nemen, juist ook in Nederland, waar nog steeds géén vrouwelijke premier is. En ze hoopt dat Merkel nog ergens opduikt, het liefst iets met Europa, als een soort ongekroonde ‘keizerin van de EU’.

Merkel zelf laat haar beroepsmatige toekomst in het midden. Op haar schaarse persconferenties pareert ze vakkundig de vele vragen naar gevoelens over het afscheid. ‘Wat ik ga missen? Je kunt pas weten wat je mist als het er niet meer is.’ Liever antwoordt ze op vragen over wat er nog gedaan moet worden, corona, klimaatcrisis, overstromingen.

Met de Afghanistan-crisis is een nieuwe ‘storm’ opgestoken – de laatste crisis van de crisiskanselier, vermoedelijk. De beelden van vluchtende Afghanen verschijnen op de Duitse televisie – en in de Berlijnse bioscoop legt Angela Merkel de handen in een ruit bijeen.