Onderzoek: Distributiecentra

‘Afstand houden? Nobody cares!’

Arbeidsmigranten die onze online boodschappen verzorgen zijn extra kwetsbaar voor coronabesmetting. Op de werkvloer kunnen ze nauwelijks afstand houden. Schijnbaar heeft hun veiligheid minder prioriteit.

Een distributiecentrum van Albert Heijn in Zaandam draait op volle toeren © Lex van Lieshout / ANP

Toen het coronavirus zich aandiende en Nederlanders besloten extra fusilli, afbakbrood en wc-papier in te slaan, gingen al die producten eerst door de handen van magazijnmedewerkers. Meer mensen dan ooit kozen ervoor hun boodschappen thuis te laten bezorgen. Supermarkten namen honderden extra mensen aan om hun bezorgdiensten uit te breiden. ‘Je hoort nu overal bedankt voor het winkelpersoneel en de chauffeurs, waarom niet voor de distributiemedewerkers’, schreef een Poolse man in een Facebook-groep voor in Nederland werkende Polen. Tientallen drukten op like.

Want terwijl vanwege het virus vrijwel iedereen afstand van elkaar moet houden en overtreders in de publieke ruimte worden gecorona-shamed, is het voor arbeidsmigranten in distributiecentra voor online boodschappen vrijwel onmogelijk om de regels in acht te nemen, blijkt uit onderzoek van platform voor onderzoeksjournalistiek Investico voor De Groene Amsterdammer en Argos.

Podcast Investico

In deze aflevering van Speurwerk hoor je Investico-redacteuren Sylvana van den Braak en Simone Peek samen met Judith Konijn van radioprogramma Argos. We onderzochten hoe arbeidsmigranten - werkzaam in distributiecentra van online-supermarkten - grote kans lopen op een besmetting met het coronavirus en zo mogelijk een brandhaard kunnen veroorzaken. Luister naar de nieuwe aflevering van Speurwerk.

Luister nu

Voor dit verhaal spraken we met tientallen arbeidsmigranten, waaronder medewerkers van online supermarkten, en vroegen hen om beeldmateriaal van hun werkvloer. We bezochten drie huisvestingslocaties van arbeidsmigranten en spraken hulporganisaties, vakbondsleden, een viroloog, gemeenten, ggd’s, politie, inspectie en uitzendbureaus. Het leidt tot het beeld dat de besmettingsrisico’s bij deze arbeidsmigranten zich opstapelen. Ze wonen niet alleen met meerdere mensen in kleine huizen, maar worden ook gezamenlijk naar hun werk gereden, waar het vervolgens vaak ondoenlijk is om afstand te houden. De werkvloer in de centra van de bezorgsupers is doorgaans krapper ingericht dan die van de verdeelcentra van de winkels zelf.

De arbeidsomstandigheden waren er voor de coronacrisis al slecht, bleek uit eerder onderzoek van Investico. Inmiddels vormen ze een gevaar voor de gezondheid van medewerkers en lijken distributiecentra potentiële coronabrandhaarden te zijn. Daarbij komt dat geen enkele instantie daadwerkelijk kijkt naar de veiligheid op deze werkplek. De arbeidsinspectie wijst naar de politie, die echter niet verder komt dan ‘tot de voordeur’. Ook de ggd’s controleren niet binnen bedrijven – alleen als een bewezen Covid-19-patiënt contact had met collega’s. Een infectie-uitbraak is met deze werk- en woonomstandigheden slechts ‘een kwestie van tijd’, zegt viroloog Bert Niesters van het UMC Groningen, die op ons verzoek het beeldmateriaal van de werknemers bekeek.

Dit bleek ook afgelopen weekend, toen in een wooncomplex voor arbeidsmigranten in Velp bij 26 mensen het coronavirus werd vastgesteld. Zij werden voor isolatie overgeplaatst naar een schip in Arnhem, meldt de Veiligheidsregio Gelderland-Midden.

‘Op de plek waar wij orders verzamelen rennen dertig mensen constant langs elkaar. De hygiëneregels worden niet nageleefd. Over het algemeen werken we alsof er niets aan de hand is’, zegt een medewerker van Albert Heijn Online in De Meern. Op de werkvloer, waar het grootste deel van de tijd wordt doorgebracht, is het onmogelijk de voorschriften in acht te nemen, zeggen verschillende medewerkers.

Poolse medewerkers van Jumbo Online in Den Bosch beschrijven hetzelfde: ‘Natuurlijk is het onmogelijk om afstand te houden. Nobody cares. Het toilet is een hel, zo smerig.’ Werknemers van andere locaties vertellen dat er alleen tijdens de pauzes en bij de ingang streng afstand wordt gehouden. Ook hulporganisatie Fairwork krijgt deze meldingen. ‘Drie Poolse medewerkers vertelden dat ze dicht op elkaar moeten werken en dat de ingestelde veiligheidsmaatregelen niet door de werkgever worden gerespecteerd. Vreemd is dat tijdens de pauzes de veiligheidsregels wel strikt moeten worden toegepast.’

Formeel zijn er inmiddels veiligheidsvoorschriften: anderhalve meter afstand houden en handen wassen. Albert Heijn bracht in de gangen eenrichtingsverkeer aan met pilonnen of strepen. Jumbo en Albert Heijn spreidden de pauzes en begintijden, zodat niet iedereen tegelijk komt. ‘Coronacoaches’ spreken bij Jumbo medewerkers aan op de anderhalvemeter-regel tijdens de pauze. Ook bij Albert Heijn wordt ‘op drukke momenten en plekken toezicht gehouden’. ‘Met alle maatregelen die wij hebben ingevoerd, is het absoluut mogelijk anderhalve meter afstand van elkaar te houden’, laat het bedrijf weten. Volgens een medewerker van een Albert Heijn-distributiecentrum gebeurde dit op zijn locatie overigens pas vorige week. Jumbo zet een maximum aantal pickers in per afdeling en verspreidt ‘hardlopende producten beter over de afdelingen’. Er zijn handgel en reinigingsdoekjes aanwezig. Daarnaast worden medewerkers van beide supermarkten ‘goed geïnformeerd over de regels, in meerdere talen’.

Maar volgens Michael, van Jumbo Online, kwamen deze maatregelen veel te laat op gang, toen de ergste hamsterwoede alweer voorbij was. ‘Pas na heel veel posts in de Facebook-groep van Jumbo en uitzendbureau Otto Workforce kwamen er desinfectiemiddelen op de werkvloer.’ Bovendien, zegt hij, zijn de maatregelen voor de show, omdat afstand houden op de werkvloer simpelweg ‘onmogelijk’ is.

Eind maart stelden medewerkers van Albert Heijn Online in Rotterdam een petitie op die door 181 medewerkers werd ondertekend. Zij vroegen onder meer om ‘geen nieuwe medewerkers aan te nemen. Er zijn al te veel medewerkers in een shift.’ Ook vroegen ze of ‘de afstand van anderhalve meter ten opzichte van elkaar altijd gehandhaafd kan worden. Ook tijdens de laatste uren van de shift, als alle orderpickers in hetzelfde pad werken.’ En: ‘De handscanners moeten vooraf en achteraf schoongemaakt kunnen worden.’ Dat werd na de petitie verbeterd. ‘Nu doen ze iets met hygiëne, maar het grootste probleem is het nog steeds niet kunnen houden van afstand’, vertelt een medewerker ons half april, vergezeld door overtuigende beelden. Op de foto’s staan relatief smalle gangpaden vol mensen en grote vulkarren.

Distributiecentra zijn potentiële coronabrandhaarden

Afstand houden is extra moeilijk, zeggen de werknemers, omdat de ‘norm’ – een vast aantal producten dat per uur moet worden ingepakt – voorop blijft staan. In de petitie vragen Albert Heijn-medewerkers dan ook om het normensysteem tijdelijk op te schorten. ‘We zijn niet in staat de norm te behalen en tegelijkertijd anderhalve meter afstand te houden’, schrijven ze.

Albert Heijn zegt dat de normen vanwege de maatregelen een stuk omlaag zijn gebracht. ‘Dit is voor ons een gegeven, en dat accepteren we.’ Op de petitie is uitgebreid gereageerd, zegt Albert Heijn. Ook Jumbo zegt het personeel niet aan te spreken op de productiviteitsnorm: ‘We herkennen de signalen niet dat het halen van de norm topprioriteit is.’

Wat de precaire situatie van de online verdeelcentra versterkt, is dat het personeel grotendeels uit arbeidsmigranten bestaat, vaak uit Oost-Europese landen als Polen en Slowakije, maar ook uit Spanje. Twee derde woont in huisvesting die verzorgd wordt door het uitzendbureau, stelt brancheorganisatie abu. Vaak zijn het onderkomens in vakantieparken, leegstaande kloosters of containerflats. Als je dan je werk verliest, verlies je vaak ook je huis en zorgverzekering.

Veel mensen in een klein huis betekent extra besmettingsrisico. Als reactie daarop zitten arbeidsmigranten van Otto Workforce in Diemen nu met zijn vieren in een containerwoning, in plaats van vijf. In een complex in Rotterdam, waar uitzendkrachten van Tempo-Team en E&A wonen, slapen twee of drie op een kamer, vertellen bewoners. Ook verder zien we niets dat erop wijst dat er een noodverordening gaande is; het is in dit complex een komen en gaan van mensen.

We spreken daar vier bezoekers uit Lelystad en Den Haag, die op bezoek zijn bij vrienden. Bewoners die we eerst op het ene balkon zien, duiken bij anderen op. ‘Het is niet de bedoeling’, zegt de beheerder, maar ‘er zijn driehonderd mensen in dit gebouw. Je kunt ze niet tegenhouden bij elkaar op bezoek te gaan. Dan zouden we het hotel moeten sluiten.’ Tempo-Team heeft het beheer uitbesteed, maar zegt ‘nogmaals contact op te gaan nemen met de bewoners om dit opnieuw goed onder de aandacht te brengen’.

Bart Plaatje, campagneleider bij de fnv, trekt al wekenlang aan de bel over de huisvesting. ‘Iedereen moet minimaal een eigen slaapkamer krijgen. Op het moment dat we daar in deze tijd nog drie maanden over moeten lullen loopt iedereen risico.’

‘Deze omstandigheden geven infectieziektes zoals corona een geweldige kans om toe te slaan’, zegt viroloog Bert Niesters. ‘De medewerkers zijn zo een prooi voor infectieziektes.’ Dit betekent overigens niet dat corona via de boodschappen kan worden verspreid, stelt hij gerust: ‘Een banaan schil je en een appel was je. Je moet natuurlijk wel je handen wassen, maar geen smetvrees ontwikkelen.’

In Nederland controleert de Inspectie SZW, de voormalige arbeidsinspectie, de veiligheid op de werkvloer. Die inspectie verloopt dezer dagen ‘telefonisch’ vanuit huis, laat de instantie weten. Bovendien is men gebonden aan de arbowet: ‘De bijzondere voorzorgsmaatregelen van het rivm vallen niet onder de inspectiebevoegdheden’, schreef minister Kajsa Ollongren onlangs nog aan de Kamer. De inspectie moet wel bekijken wat er met meldingen ‘kan worden gedaan’, zoals doorverwijzen naar andere instanties. ‘Bijvoorbeeld de gemeente als het gaat om handhaving van anderhalve meter afstand.’

We informeerden bij meer dan twintig gemeenten waar relatief veel arbeidsmigranten wonen en grote distributiecentra zijn gevestigd. Alleen Zaandam zegt controles uit te voeren bij distributiecentra. ‘We worstelen ermee’, zegt de Inspectie SZW. Feitelijk valt het toezien op de naleving van de noodverordening onder de verantwoordelijkheid van de politie. Maar de politie wijst weer naar de inspectie. ‘Wij kunnen niet zomaar een bedrijfspand binnenstappen.’

De controlerende instanties zeggen dat de veiligheid van flexmigranten op de eerste plaats de verantwoordelijkheid is van de werkgever, de uitzenders en van de werknemer zelf. Wie symptomen heeft wordt net als Nederlandse werknemers geacht thuis te blijven. Om ziekte of pijn te onderdrukken wordt echter vaak paracetamol geslikt, zeggen twee medewerkers van Jumbo en Albert Heijn tegen ons. Vakbondsman Plaatje bevestigt dat beeld. ‘Mensen zijn bang om hun baan te verliezen’, zegt een AH-uitzendkracht. Ook medewerkers bij Jumbo Online in Den Bosch bevestigen dat mensen met klachten blijven werken: ‘Veel hebben gezondheidsproblemen, zijn verkouden, hebben een loopneus et cetera.’

Viroloog Niesters vindt het zorgelijk. ‘Als mensen paracetamol nemen terwijl ze ziek zijn en wel doorwerken, gaan ze anderen besmetten. En als er één persoon besmet is, is voordat je het weet de hele groep besmet. Zo’n virus kan genadeloos toeslaan.’ Mensen worden door pijnstillers vatbaarder voor infecties, zegt hij: ‘Als je met koorts en paracetamol blijft doorwerken kun je vervolgens fysiek best uitgeput raken. Júist dan heeft het virus een grote kans om toe te slaan.’

Het supermarktbedrijf behoort wel tot de vitale beroepsgroepen, benadrukt de woordvoerder van Jumbo. Wie ziek is, moet thuisblijven. Maar: medewerkers met ‘milde verkoudheidsklachten zoals een loopneus of lichte hoest’, kunnen gewoon naar hun werk komen om onze boodschappen in te laden.


Met dank aan Judith Konijn, KarlijnKuijpers & Michelle Salomons. De volledige namen van de werknemers zijn bekend bij de redactie

Dit onderzoek is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.