Aimabel monster (2)

De acteur Ian McKellen bewerkte Shakespeare’s Richard III tot een scenario voor verfilming. Regelmatig fantaseerde hij dat de Engelse bard zijn hotelkamer binnenstormde en woedend uitriep: ‘What the hell do you think you’re doing to my play?’ Het is de nachtmerrie van iedereen die probeert Shakespeare voor de bioscoop te bewerken.

Neem het gegeven: tijd. Een toneelproduktie van Richard III duurt een uur of drie - daar moet van filmproducenten minimaal een uur uit. Shakespeare verfilmen betekent: kill your, en, his darlings.
Een voorbeeld: scene twee uit de eerste acte. Het lichaam van de gesneuvelde koning Hendrik VI wordt opgedragen. Achter de baar wandelt Lady Anne. Zij betreurt de koning en haar man, de Prince of Wales. Beide heren zijn door Richard van Gloucester, de latere Richard III, naar de andere wereld geholpen. De moordenaar doet bij de lijkbaar niet alleen zijn rouwbeklag, hij lokt de rouwende weduwe regelrecht zijn bed en een - politiek - huwelijk in. Richard van Gloucester schaakt in deze scene als een grootmeester. Hij ontkent de dubbele moord niet en doet een complete bekentenis. Hij smeekt de weduwe hem te vermoorden, biedt zelfs aan deze klus voor haar eigen ogen persoonlijk te klaren. Lady Anne gaat overstag. Uit de vervloekte en bespuwde slager maakt Richard van zichzelf een bruidegom. Shakespeare heeft voor deze theatrale meesterzet precies driehonderd versregels nodig.
Scenarioschrijver Ian McKellen schrapt twee derde en gebruikt er honderd. Dat lijkt een moordaanslag op de toneelschrijfkunst. Maar McKellen kapt briljant. We wandelen - met Lady Anne - binnen in het mortuarium, dat na de oorlog overvol is. Op een tafel ligt niet het lijk van de oude koning, maar dat van de Prince of Wales, die wij anderhalve minuut geleden vermoord hebben zien worden door Richard van Gloucester. Uit de damp van het lijkenhuis duikt de schaduw van de moordenaar op. En in een razend tempo, ongeveer vijf keer zo snel als in Shakespeares toneeltekst, zijn we bij het keerpunt van de scene. Wanneer het klopt dat mijn slachtoffers zo nobel waren, vraagt Richard zich cynisch af, dan mogen ze toch blij zijn dat ze door mij naar de hemel zijn gestuurd, waar nobele geesten immers thuishoren? Jij hoort alleen in de hel, antwoordt de weduwe. Ik weet nog een plek, antwoordt Richard. Lady Anne: ‘Some dungeon?’ Richard: 'Your bedchamber.’ Niet naar een kerker wil de hinkepoot, maar naar haar slaapkamer.
McKellens Richard zegt dat zinnetje in de film niet tegen Lady Anne, maar als een terzijde, in de camera, tegen ons. Met een knipoog neemt hij het publiek in vertrouwen.
Voor de kenners slaat hij dertig regels Shakespeare over. Hij komt snel tot de kern van de zaak. Die kern is: mevrouw, ik heb die moorden gepleegd ter ere van Uw schoonheid. Richard gaat letterlijk door de knieen. En de camera gaat mee.
De toeschouwer kijkt vanuit een andere hoek naar de rouwende weduwe. Kristin Scott Thomas, die Lady Anne speelt, laat ons veel achter elkaar zien: ik heb niemand meer, ik wil erbij horen, deze man heeft macht, misschien is zijn berouw wel oprecht. Ze speelt een labiele vrouw die makkelijk overstag gaat. Later in de film zal blijken dat Lady Anne zich wanhopig op de been houdt met cocktails van pillen, drank en morfine-injecties. Richard van Gloucester rondt de scene rauw af, door Lady Anne een ring te geven. Aangezien zijn linkerhand niet werkt, gebruikt hij zijn tanden om de ring van zijn vinger te krijgen. Het vunzig slot van een meesterlijke verleiding.
Richard houdt daarna nog een monoloog. Kern daarvan is gespeelde verbazing. Wanneer deze vrouw in deze val trapt, dan ben ik dus iemand! Dan moet ik goede maatkostuums kopen en een spiegel om naar mezelf te kijken. Ian McKellen speelt die monoloog terwijl hij in opperbeste stemming door het overvolle ziekenhuis loopt. Hij groet zwaargewonden en knijpt kinderen in de wang. En hij eindigt swingend in het trappenhuis van het hospitaal: 'Shine out, fair sun, till I have bought a glass / That I may see my shadow as I pass.’ De film Richard III is twintig minuten op gang.
(Wordt vervolgd)