Aimabel monster (3)

William Shakespeare begon in 1591 te schrijven aan Richard III, zijn eerste geslaagde toneelstuk. Hij was toen 27 jaar. Met zijn leeftijdgenoot Christopher Marlowe zette hij een nieuwe toon in het Engelse theater. In plaats van simpele allegorische verhalen over goed en kwaad, geschreven in een wat blafferig Engels, introduceerden Shakespeare en Marlowe dramatische fictie over beroemde personages: de Engelse koningen, Doctor Faustus, Tamburlaine de Grote.

Ze zochten naar een buigzamer taal dan die van het ‘oude’, middeleeuwse toneel, een taal voor personages die groter zijn dan het leven zelf, teksten waarin poezie en de dagelijkse, 'gewone’ taal naast elkaar konden bestaan. Ere wie ere toekomt - Marlowe vond die taal uit, Shakespeare ging er mee aan de haal: de blanke verzen.
De 'dreun’ van de blanke versregel is een pentameter: vijf versvoeten in iedere regel, iedere versvoet twee 'slagen’, het ritme van het hart, of zoals de Engelsen zeggen: 'de-dum’. Bijvoorbeeld de openingsregel van Richard III: 'Now is the winter of our discontent.’ Tel maar mee: de-dum, de-dum, de-dum, de-dum, de-dum. Het blanke vers lijkt op een formele taalgevangenis, maar is - zeker in de handen van Shakespeare - zowel geschikt voor retorische uitvallen - 'O cursed be the hand that made these holes’ - als voor zakelijke mededelingen: 'I will not be your executioner’. Twee zinnen uit de Richard III-scene die hier vorige week werden besproken.
Het blanke vers rijmt niet, behalve wanneer er een monoloog, een scene, of iets nog groters moet worden afgesloten. Zoals in Richards redevoering vlak voor de beslissende veldslag: 'March on! Join bravely. Let us do it pell-mell/ If not to Heaven then hand in hand to Hell!’ 'Pell-mell’ is zoiets als wat bij ons 'halsoverkop’ heet.
Wat te doen met die blanke verzen in een filmscript? Dat is een ingewikkelde opgave. Wie wil horen dat de blanke verzen en filmtaal niet automatisch familie van elkaar zijn, kan ik Laurence Oliviers Hamlet-film (1948) van harte als studiemateriaal aanbevelen (tegenwoordig ook op video in de handel). Hoewel een mijlpaal in de traditie van Shakespeare-verfilmingen hoor je daar hoe dicht Olivier nog staat bij de victoriaanse manier van acteren. In Engeland heet dat: 'voice beautiful’. Opvallend zijn bijvoorbeeld Oliviers pogingen om Shakespeare’s blanke vers 'gewoon’ te laten klinken, vertaald voor een breed publiek door middel van zogenaamd 'naturalistische’ pauzes. In een toespraak die Ian McKellen heeft gehouden, voorafgaand aan de repetities voor de verfilming van Richard III, zegt hij: 'In het blanke vers bevat iedere regel een idee, de teksten zijn opgebouwd als een serie logische gedachten. Het stoort de denklijn van een acteur als hij te veel pauzes neemt. Shakespeare’s personages horen zichzelf weliswaar graag praten, maar niet noodzakelijkerwijs vanwege het hun stemgeluid. Praten en denken lopen bij hen simultaan.’ De over diverse filmlokaties verspreide vervloeking van Richard III door de koningin-moeder is een voorbeeld van bekwaam jongleren met de blanke verzen. Je hoort en ziet de actrice spelend denken en denkend spelen.
McKellen is gelukkig wanneer het publiek niet in de gaten heeft dat Shakespeare’s teksten in verzen zijn geschreven. De kern van zijn toespraak voor de acteurs van Richard III luidt: vertrouw op het ritme van de schrijver. Nigel Hawthorne (acteur uit de tv-serie Yes Minister) speelt in de film Richards broer Clarence, een naieve man, die meteen aan het begin naar de gevangenis wordt gestuurd. Daar vertelt hij, vlak voor hij op last van zijn broer wordt vermoord, over een droom - ze waren op zee, Richard gooide hem overboord, hij verdronk, en daarna ging de droom nog door tot in de hel. 'No, no, my dream was lengthened after life.’ McKellen zegt in zijn toespraak tot de spelers hierover: 'De acteur zonder ervaring met de “blanke verzen” heeft hier de neiging dat tweede “no” weg te gooien. Het tweede “no” zit midden in de hartslag van de versregel. Het slaat op Clarence’s ongeduld: de droom is niet voorbij, er komt nog meer.’ McKellen: 'Shakespeare’s rhythm can suggest just how he wants the lines to be spoken.’
Die aanwijzing wordt bij deze ingelijst.
(Wordt vervolgd)