Al 150 jaar gaan er zestig treinen van Londen naar Greenwich

Londen – Een Zuid-Londens stel treinde deze zomer langs alle 2563 spoorwegstations in Groot-Brittannië. Ze traden in de voetsporen van de ongekroonde koning van de Britse spoorwegen: George Bradshaw.

Over de kosten van de Britse treinkaartjes klinken vaak klachten, maar een reiziger krijgt er wel wat voor terug: uitzicht op een beeldig landschap, stationnetjes die door groene vingers worden onderhouden en treinen waarvan je de deuren opent door de hand uit het deurraam te steken, om vervolgens de deurkruk te bedienen.

Groot was ook de populariteit van de tv-serie Great British Railway Journeys waarin oud-minister Michael Portillo het land doorreist aan de hand van Bradshaws Descriptive Railway Handbook of Great Britain and Ireland. Dat is een treingids waarin de Victoriaanse cartograaf Bradshaw, die eerder het spoorboekje had gemaakt, elke halte beschrijft. Anderhalve eeuw later biedt een facsimile uitgave de gelegenheid om te kijken hoeveel, of hoe weinig, er in die tijd is veranderd, bijvoorbeeld op het eerste Londense spoor voor passagierstreinen.

Tussen London Bridge en Greenwich, zo noteerde Bradshaw, maken stoomtreinen zestig ritten per dag. Vanuit het raam zijn de boten op de Theems zichtbaar, wat nu onmogelijk is door de hoogbouw, al is Tower Bridge wel te zien. Na de halte Deptford – indertijd bekend van de werven waar Peter de Grote kennis op deed – volgt de bestemming Greenwich, bekend van de Sterrenwacht, de Queen’s House en de Royal Naval Hospital. Hij noteert hoe hij oude mariniers ziet rondlopen, de een zonder arm, de ander zonder been. Zij zijn uit het straatbeeld verdwenen.

Veel aandacht schenkt Bradshaw, een quaker, aan het prachtige park waar bezoekers in ‘gay attire’ plezier beleven. Zelfs oude mopperkonten, schrijft hij, moeten lachen als ondeugende jongeren hard rennend van de heuvel aanvallen uitvoeren op ‘onwillende deernes’. Lopend richting Blackheath, over de hoogvlakte, ziet Bradshaw hoe ‘vrijgevochten jongeren ongeduldig’ in de rij staan om een ezel te bestijgen, en ‘gieren van het lachen wanneer een onfortuinlijke berijder ervan afvalt’. Ezels lopen er anno 2017 nog steeds. Bradshaws hoop dat Greenwich Park en de ‘Zwarte Heide’ ongeschonden zouden blijven, ‘een oase in een almachtig drukke stad’, is uitgekomen. Zelfs het plaatsen van een telefoonmast is er ondenkbaar. En de treinen op de London & Greenwich Railway, een benaming die nog steeds op de gevel van station Greenwich staat? Nog steeds rijden er zestig per dag.