KUNST

Albert Speer op ski’s

Luc Tuymans

Medium tuymans

De schilderijen van Luc Tuymanshebben over het algemeen genomen een bescheiden aanwezigheid, ook al zijn ze de laatste jaren steeds groter van formaat geworden. De kleuren zijn vaag, pastelachtig, de toets is ingetogen en met zorg aangebracht, de onderwerpen zijn zeer discreet, bijna verholen neergezet. Je ziet fragmenten van een gebouw, een toevallig gevonden voorwerp, een ansichtkaart of een oude foto, nageschilderd. Je leest het bordje met de titel, en dan weet je nog niks. Alleen als je de catalogustekst leest daagt je dat die verzameling oogachtige vlekjes en de titel Wiedergutmachung verwijzen naar de experimenten van dr. Mengele, die pigmenten in de oogbollen van Roma-kinderen spoot. Daarna begrijp je dat dat gebouw met die bogen, een soort kazemat op een blauwe achtergrond, met de tekst ‘Our New Quarters’ een echo is van de ansichtkaarten die de nieuwe bewoners van Theresienstadt naar huis moesten sturen. Dan zie je dat dat vergaderingetje van zwarte heren-in-pak, getiteld Tsjombe, geënt is op een foto van de Moïse Tsjombe en zijn makkers, die net de Congolese leider Patrice Lumumba hebben laten vermoorden.
Tuymans is dus een historieschilder, en wel een met een ferme betrokkenheid bij onrecht, oud en nieuw: de götterdämmerung van de Bush-regering, de betrokkenheid van de Belgische koninklijke familie bij de bloedige dekolonisatie van Congo, de invloed van conglomeraten als de jezuïtenorde of Walt Disney. Hij kan daar echt woedend over worden; ik sprak Tuymans voor de opening van de Brusselse tentoonstelling en zijn ergernis over politieke stagnatie in zijn land kwam direct aan de oppervlakte - berg je dan maar. En dus is het altijd opvallend dat Tuymans’ intense motivaties vertaald worden naar zulke ingetogen, niet-boze schilderkunst.
Daar speelt een zeer principiële overweging mee. In de Tuymans-literatuur wordt vaker dat beroemde dictum van Adorno aangehaald, dat de kunsten na de holocaust in feite moreel onmogelijk zijn geworden. Dus vraagt de schilder zich af hoe zijn schilderkunst zich dan moet tonen, als hij een thema als een gaskamer in Dachau zou willen aanvatten. Voor Tuymans betekent dat een 'vernedering’ van het medium zelf, een sterke vereenvoudiging van de middelen die de schilder inzet, zoals het perspectief (dat hij afvlakt), de kleur (die hij dempt) en de regie van de compositie, die zo makkelijk tot 'een goed verhaal’ of 'een sterk beeld’ leidt. De afbeelding moet laten zien dat niet de werkelijkheid wordt geïmiteerd, maar de schijngestalte daarvan. Geen retorica, geen sentiment. Om het kras te zeggen: om het schilderij te redden moet hij het bijna laten verdwijnen. Alleen de toets blijft persoonlijk, en emotioneel.
In BOZAR Brussel zijn 75 werken van over de hele wereld bijeengebracht in het eerste grote retrospectief in eigen land. Zij hangen er wonderlijk goed, in de pedante architectuur van dat laatkoloniale bolwerk. De man die daar jolig met zijn ski’s in de sneeuw ligt, het gezicht onherkenbaar: Albert Speer. Dat stijve portret van een al even slecht herkenbare man: Himmler. Dat fragment van die witte broek, en die keurige schoenen die over een luipaardvel lopen: Boudewijn. De schilderkunst zelf leidt je tot de verwarring - een aanname van onschuld, waarna de volle afschuw zich pas echt doet voelen.

Luc Tuymans: Retrospective. BOZAR, Brussel, tot en met 8 mei 2011. www.bozar.be

Bijschrift
Luc Tuymans, Der diagnostische Blick V, 1992

courtesy Zeno X Gallery