A Field in England

Alchemie in het heideveld

Tijdens de Engelse burgeroorlog was het gebruik van hallucinogenen wijdverbreid, aldus regisseur Ben Wheatley in The Independent. Hij vervolgt: ‘Mensen stampten paddenstoelen fijn, bliezen het poeder in het gezicht van anderen en deden dan allerlei toverkunstjes.’

Medium film

In Wheatley’s nieuwe film A Field in England, gesitueerd rond het midden van de zeventiende eeuw, spelen paddenstoelen een belangrijke rol, hoewel onduidelijk is of de personages de in het veld geplukte magische plantjes verorberen omdat ze sterven van de honger, of omdat ze doelbewust in hogere sferen willen geraken. De toverkracht uit de natuur mist haar effect evenwel niet, in eerste instantie op de kijker die onwillekeurig wordt meegesleurd in dit merkwaardige werk.

A Field in England werd in een paar weken tijd gefilmd op het platteland in de buurt van het historische stadje Guildford bij Londen. De productie kostte een appel en een ei, iets minder dan vierhonderdduizend euro. De film kwam al een jaar geleden in het buitenland gelijktijdig uit in bioscopen, op dvd en op online platforms. Sinds een week is het werk te koop en te huur via de voor Nederlanders toegankelijke versie van iTunes.

Niet eerder werkte Wheatley op deze manier. Na Kill List (2011), een fabuleuze mix van thriller, horror en fantasy, en Sightseers (2012), een zwarte komedie over twee burgerlijke seriemoordenaars, kon hij waarschijnlijk maken wat hij wilde. Zijn keuze voor het experimentele, in zwart-wit gedraaide A Field in England tekent zijn eigenzinnige visie – al met al toont het aan dat we hier te maken hebben met een van de interessantste cineasten van nu.

Wheatley daagt vooral uit na te denken over hoe er naar zo’n film valt te kijken: volg je het verhaal of is het narratieve slechts een doorgeefluik voor iets anders, misschien voor het sensorisch mee-ervaren van wat er met de personages gebeurt, eerder dan het kijken ernaar?

Vanaf de eerste scène waarin Whitehead (Reece Shearsmith), assistent van een eminente alchemist, op drie deserteurs in het veld stuit, is de sfeer vervreemdend: holle geluiden en dwingende percussieslagen vormen samen met het brede zwart-witbeeld een palet dat nog het meest doet denken aan een operateske spaghettiwestern. Deze mannen zijn aan elkaar overgeleverd, zeker wanneer Whitehead en de soldaten de gewelddadige, mysterieuze O’Neill (Michael Smiley) ontmoeten die hen vervolgens sommeert te helpen zoeken naar een schat. In het veld maken ze soep van paddenstoelen die hen in een soort overgangsgebied tussen werkelijkheid en droom brengt. En wie kijkt, gaat met hen mee, geleid door de camera glijdend door het heideveld heen, dicht bij het gras en de verwrongen gezichten van de mannen die zelf niet meer weten waar het tastbare eindigt en de nachtmerrie begint.

Terwijl O’Neill zijn magie in een tent beoefent, moeten Whitehead en de andere graven naar de schat. En waar mannen en de belofte van rijkdom zijn, daar is ook geweld. Onduidelijk blijft wie het initiatief neemt en waarom. Ze vechten met schitterende antieke wapens in een hoogst gestileerde mise-en-scène waarin de figuren soms in een tableau vivant belanden zoals in een film van Sergio Leone.

Uiteindelijk vinden ze toch iets in de aarde. In deze scène herleeft die arme Yorick waar Hamlet zo over peinst, wat misschien het punt is (‘a fellow of infinite jest, of most excellent fancy; he hath borne me on his back a thousand times; and now, how abhorred in my imagination it is!’): hoe tijdelijk het leven is, als een droom, terwijl alles uiteindelijk eindigt als stoffelijk overschot in de aarde, relieken van de geschiedenis, en als je dat durft op te graven in zo’n veld in Engeland, dan komen er gevaarlijke verhalen vrij. We maken het mee met deze bizarre, stonede figuren, gekleed in wapperende capes en laarzen en met zwarte hoeden met brede randen op, laag getrokken over ogen die veel hebben gezien.


Nu te huur en te koop via iTunes.

Beeld: Reece Shearsmith als Whitehead in A Field in England (Dean Rogers).