Algerije vreest de ramadan

Parijs – Wat is de pest? ‘Een eindeloze nederlaag’, laat Albert Camus dokter Rieux, de verteller in de roman La peste antwoorden. ‘Wat ik van de roman vind?’ De Algerijnse kinderarts Zahia Chentouf (1947) antwoordt prompt: ‘We beschouwen Camus als een Algerijnse auteur!’ zegt ze via de krakende Viber-verbinding vanuit Oran, de stad waar de roman zich afspeelt. ‘Hij is heel belangrijk voor ons geweest. Hij ageerde tegen de ongelijkheid. We werden vernederd door de Fransen, iedereen wilde de onafhankelijkheid.’ Toch is de roman na het uitbreken van het coronavirus niet tevoorschijn gehaald in haar stad, ‘Dat hebben we wél gedaan in 2003 toen in een naburig dorp werkelijk een pestuitbraak plaatsvond.’

Chentouf heeft een lange carrière achter zich in diverse ziekenhuizen, aan de medische faculteit van Constantine en zelfs was ze kortstondig minister. Tijdens de burgeroorlog tegen de moslimfundamentalisten trok ze zich terug in de kuststad Oran en adopteerde ze een meisje dat haar hele familie vermoord had zien worden door de islamisten. ‘Ze was met een half doorgesneden keel achtergelaten.’ Oran is ‘een gesloten stad’ die ‘haar rug keerde naar de zee’, schreef Camus. Nu in coronatijden is het strand afgesloten voor publiek. De winkels zijn open, maar vanaf vijf uur ’s middags tot zeven uur ’s ochtends zit iedereen gedwongen thuis.

De protestbeweging Hirak heeft sinds de uitbraak van het virus haar wekelijkse demonstraties tegen het regime opgeschort. ‘In plaats daarvan hebben de demonstranten de straten gedesinfecteerd en maskers uitgedeeld. Ze wilden iets positiefs doen.’

Het aantal besmettingen met het coronavirus stijgt nog steeds in Algerije. Op 3 mei ligt het aantal sterfgevallen op 453 en er zijn 4154 mensen positief getest. De ramadan zal een toename veroorzaken, vreest ze. ‘Het gebrek aan discipline van de Algerijnen is moeilijk te beheersen. Jongeren brengen doorgaans samen de nacht door tijdens de ramadan tot zonsopgang als het vasten weer aanvangt.’ Voor de 43 miljoen inwoners zijn er slechts vierhonderd ic-bedden beschikbaar. In Oran is een tekort aan alles en wordt hydroxychloroquine ingezet, ondanks het risico op hartritmestoornissen. ‘Het opent de luchtwegen en als je niets anders hebt, geef je de patiënten hiermee tenminste een kans’, meent Chentouf praktisch.