Misha Glenny over de bloei van de georganiseerde misdaad

‘Alleen opheffen van het drugsverbod is een oplossing’

Volgens succesauteur Misha Glenny, expert internationale misdaad, is vanaf de jaren negentig een enorme schaduweconomie ontstaan die zich onttrekt aan de regels. Centraal daarin staat de drugshandel. ‘De drugsproblemen van de westerse wereld en arme landen zijn niet op te lossen zonder het verbod op te heffen.’

ANDERHALF JAAR na het uitkomen van het boek zit de Britse journalist Misha Glenny nog steeds in de long tail van zijn McMaffia: elke week twee lezingen als expert over internationale misdaad. Het boek was een groot internationaal succes, niet zozeer omdat het de internationale misdaad beschreef of veranderingen in de onderwereld die door de val van het communisme en de mondialisering in gang werden gezet, maar omdat het een portret was: van hoofdrolspelers in de onderwereld, die Glenny in een dozijn uiteenlopende landen als Servië, Colombia, Dubai en Zuid-Afrika vertelden hoe de schaduweconomie er werkte; van slachtoffers en profiteurs, en van de wijze waarop zij aanhaakten aan de grotere mechanismen die de wereld veranderden, of hoe zij erdoor werden vermalen.
Glenny (1958) raakte in de ban van zijn onderwerp tijdens zijn lange correspondentschap op de Balkan vanaf het einde van de jaren tachtig, eerst voor The Guardian, later voor de BBC. Hij beschreef de chaotische weg die Centraal-Europese landen aflegden van het einde van het communisme tot hun entree in de Europese familie als democratische, zelfstandige staten, versloeg de verschillende burgeroorlogen waar het voormalige Joegoslavië in verviel en schreef drie boeken over Oost-Europa en de Balkan. Voor zijn reportages kreeg Glenny diverse prijzen, plus de ultieme beloning voor iedere rechtgeaarde intellectueel: toegang tot de kolommen van de New York Review of Books.
Glenny’s fascinatie voor misdaad heeft niets te maken met een smaak voor sensatieverhalen die de hoge oplagen van misdaadboeken drijft. ‘Ik raakte pas geïnteresseerd in misdaad toen ik tijdens de Joegoslavische burgeroorlogen zag dat misdaad niet een bijproduct of een gevolg van de oorlog was, maar de voornaamste motor ervan’, zegt Glenny tijdens een interview over dinner in een restaurant aan de Amsterdamse Overtoom. ‘In de standaardvisie op de Balkanoorlogen volstaat etnisch nationalisme om alles te verklaren. Maar ik zag hoe de oorlog in gang werd gezet en in leven gehouden door mensen die er grote kansen in zagen en er enorm aan verdienden – mensen die andere legers financierden maar die het samen prima konden vinden als het op criminele deals aankwam.
Toen ik dieper in het onderwerp dook, zag ik dat niet alleen op de Balkan maar over de hele wereld veranderingen plaatsvonden waar mensen indoken die er kansen zagen, mensen die wij criminelen noemden en dat soms ook waren, maar die in ieder geval scherp in de gaten hadden dat er een enorme economie ontstond vanaf de jaren negentig die zich onttrok aan de geldende regels. Die maakt inmiddels twintig procent van de wereldeconomie uit en voor veel landen is die belangrijker dan de formele economie. Toch wordt er maar mondjesmaat serieus over bericht. Ik wilde in dat gat springen. Ik dacht zelf dat mensen er matig in geïnteresseerd zouden zijn. Mijn boeken over de Balkan verkochten redelijk, maar aan een beperkt publiek. Maar de laatste jaren zie je bij mensen een grote behoefte aan verklaring hoe de zaken werkelijk in elkaar steken. Mensen voelen aan dat de formele beschrijving van de wereld tekortschiet. Zo haalde mijn uitgeverij Roberto Saviano binnen met de verwachting dat van zijn boek twee-, misschien drieduizend exemplaren zouden worden verkocht, en dat dacht Saviano zelf ook. Gomorrah werd een bestseller met een miljoenenverkoop over de hele wereld.’

‘WAT IN DE BALKAN gebeurde, gebeurde vanaf de jaren negentig over de hele wereld’, vervolgt Glenny. ‘Na de val van het communisme werd de economie van de regio gecriminaliseerd. Niet omdat de Balkan nu eenmaal crimineel is, maar omdat ze een rol vervult in een breder economisch geheel. De basis ervan is dat in de Europese Unie sinds de jaren tachtig een grote vraag is ontstaan naar drugs, gekopieerde of onbelaste artikelen, arbeiders zonder werkvergunning en andere illegale werkers, zoals prostituees. Die prostituees en die arbeiders kwamen niet naar de EU omdat ze werk wilden en de grens over slopen: ze zijn hierheen gebracht omdat Europese werkgevers ze hier wilden hebben. De drugs en smokkelwaar kwamen niet de EU in omdat smokkelaars ze hier wilden brengen, maar omdat Europese consumenten ze hier wilden hebben.
Dit is de hedendaagse versie van de economische periferie, semi-periferie en kern. Net zoals het in de economie van de twintigste eeuw ging, consumeert de kern de productie, de periferie levert de benodigde zaken, en in de semi-periferie worden ze bewerkt en doorgevoerd. In de economische groeisectoren van de laatste twintig jaar gaat het alleen niet om mijnbouw of staal. Het gaat om zaken die illegaal zijn maar waar toch grote vraag naar is. Afghaanse opium, bijvoorbeeld: de oogst ervan ging de laatste twintig jaar een paar keer over de kop, op de Balkan wordt de opium doorgevoerd en bewerkt door het legertje chemisch ingenieurs dat er sinds het communisme werkloos thuis zit. Zoals op de Balkan is het in een aantal andere regio’s in de wereld gegaan: misdaadorganisaties realiseerden zich dat sommige regio’s in de wereld perfect gelokaliseerd waren voor de doorvoer van artikelen, terwijl ze bestonden uit een reeks zwakke, onontwikkelde staten. Die regio’s vormen nu in de nieuwe economie een zone waar illegale producten voor de kern worden opgeslagen, bewerkt en doorgevoerd.
Voor deze nieuwe economie was een aantal zaken nodig: bescherming, connecties, maar ook economisch inzicht en financiële expertise. In een stabiele, gecontroleerde economische omgeving is voor een schaduweconomie nauwelijks plaats, maar sinds de jaren tachtig zijn enkele ontwikkelingen samengekomen die een soort perfect storm gecreëerd hebben voor georganiseerde misdaad.
Ten eerste was er de instorting van het communistische systeem, waardoor een reeks landen in Europa en Azië in een chaotische transitie terechtkwam. Te midden van de privatiseringen, inflatie, het wegvallen van de geldende wetten en het rechtssysteem, wist niemand meer precies wat legaal was en niet. Wie bepaalde dat eigenlijk in de nieuwe werkelijkheid? Het antwoord was: de oligarchen en tycoons. Zij vormden de nieuwe staten om naar hun belangen.
De tweede factor was de liberalisering van grote economieën: in China, India, Latijns-Amerika en Zuid-Afrika openden landen die de helft van de wereldbevolking uitmaakten zich naar de wereldeconomie. Dat creëerde een economische dynamiek en een herijking van de regels die veel ruimte maakte voor handige mensen die daar gebruik van wisten te maken. Ten derde zorgde de mondialisering voor de verplaatsing van mensen en goederen over de wereld op een ongekende schaal. Met name geld ging de wereld over in reusachtige hoeveelheden en het Westen veranderde eigenhandig de regels daarvoor om ruimte te maken voor de speculanten met stropdas.
Dit alles creëerde een nieuwe elite van superrijken: van Russische oligarchen zoals Roman Abramovitsj en gewiekste ondernemers in opkomende economieën zoals Carlos Slim tot de macho’s van de hedgefondsen op Wall Street. Zij waren de tycoons van een tijdperk waarin financieel kapitaal de overhand kreeg over productiekapitaal, de Robber Barons van de gemondialiseerde wereld. En het creëerde de voorwaarden om betreurenswaardige plekken als Liberia, Nigeria en bovenal Congo van al hun hulpbronnen te beroven, onder een door criminelen aangewakkerde anarchie zoals vijftien jaar geleden op de Balkan.
De grote dynamiek is er nu wel een beetje uit. De transnationale georganiseerde misdaad heeft een comfortabel niveau bereikt en wij blijken in het Westen heel wel te kunnen leven met de aanvoer van illegale zaken op deze manier. Als het criminaliteitsniveau van een land wel erg hoog is, zie je pas het ongemak. Zoals in Rusland: onder Poetin is het niet langer de georganiseerde misdaad die de staat controleert, maar andersom. En het ergste is: het is niet eens meer controversieel als je dit zegt.’

WAT DRUGS BETREFT denkt Glenny dat de wereld niet op dezelfde wijze voort kan: ‘Twee grote veranderingen van de laatste vijftien jaar zijn het opduiken van drugsgebruik en drugssmokkel op nieuwe plaatsen en de productie hier. Wat het eerste betreft: wie had vijftien jaar geleden gehoord van heroïnegebruik in Indonesië? En drugssmokkel door West-Afrika? Het is een enorm spijtig gezicht: zoveel internationale inspanning is gegaan naar het beteugelen van de oorlogen in Sierra Leone en Liberia en nu laten we ze bungelen voor Colombiaanse kartels. Het is een fucking disgrace.
Maar ook in het Westen zijn allerlei nieuwe drugsproblemen ontstaan. Zoals de wiethandel in Canada, die extreem gewelddadig is geworden en de Royal Mounted Police overstelpt. Op onwaarschijnlijke plekken zoals de Amerikaanse staten Montana en Idaho is een ware amfetamine-epidemie aan de gang onder blanke gezinnen, amfetamine die wordt verstrekt door fabrikanten die mobiele labs in bestelbusjes hebben. Zowel wat het Westen als de rest van de wereld betreft, is de weg voor de toekomst al bepaald. Het intellectuele debat over legalisering is voorbij: er is geen wetenschapper meer die serieus durft te beweren dat het drugsverbod de weg vooruit is. Zelfs in de sterkste bastions van het Prohibition-regime komen scheuren: zo is er al een vereniging van voormalige drugsbestrijders van Amerika’s Drugs Enforcement Agency die zich uitspreken tegen het verbod.
Het wachten is op politici met visie en geloofwaardigheid die het durven zeggen: dat de drugsproblemen van de westerse wereld en arme landen niet op te lossen zijn zonder het verbod op te heffen. En het moet heel voorzichtig, stap voor stap gebeuren, eerst marihuana, dan verder. Anders zal de werkelijkheid ons ertoe dwingen. Want alles wijst erop dat de drugsproductie van arme landen verschuift naar het Westen, naar state of the art chemische labs bij handelspoorten naar de hele wereld. Onze politie wordt straks compleet overweldigd.’

Misha Glenny was op dinsdag 15 september te gast bij een debatavond die De Groene Amsterdammer en De Balie organiseerden over de wereldwijde kosten van drugshandel. Bekijk het integrale videoverslag op www.debalie.nl