MUZIEK The Whitest Boy Alive

Alles in één keer

Begin deze eeuw worden Erlend Øye en Erik Glambek Bøe de neefjes van Simon & Garfunkel genoemd. Als Kings of Convenience staat dit Noorse duo met hun akoestische gitaarplaat Quiet is the New Loud (2001) aan de basis van de kortstondige New Acoustic Movement-hype. Even lijkt het alsof ‘rustig’ de nieuwe ‘herrie’ is, maar een paar jaar later is dat gewoon weer rock-’n-roll dankzij bands als The Strokes.
Convenience-partner Erik Glambek Bøe kiest uiteindelijk voor zijn voltijdstudie en Erlend Øye vertrekt alleen naar Berlijn: het kunstenaars- en dansmuziekwalhalla van Europa. Daar richt hij de band The Whitest Boy Alive op. Na het debuut Dreams (2006) is nu de geslaagde opvolger Rules verschenen.
Dat Øye zich niet tot één muzikale hoek wil beperken, wordt al duidelijk als hij meedoet als gastzanger op het danshitje Remind Me (2002) van bevriende landgenoten Ryöksopp. Hij richt zich meer en meer op de alternatieve dance-scene en legt op een festival voor elektronische muziek in Finland veel contacten met muzikanten uit het genre. Dat leidt in 2003 tot het ongedwongen conceptalbum Unrest: tien nummers, met tien verschillende artiesten en opgenomen in tien verschillende steden.
Met The Whitest Boy Alive streeft hij naar een combinatie van dynamiek op de dansvloer en het ambachtelijke van ‘ouderwets’ muziek maken. Op Rules vermengt deze funky danspop met echte instrumenten zich opnieuw moeiteloos met de ingetogen zang van Øye. Veel nummers zijn zowel stemmig als up-tempo en komen vrij zorgeloos over zonder inhoudsloos te klinken.
De sfeer op dit album klinkt nog meer ontspannen dan die op zijn voorganger en heeft voor een groot deel zijn vorm gekregen op het podium. Tijdens de tournee van Dreams is er veel ruimte om te improviseren en te experimenteren om zo gestalte te geven aan nieuwe songs. De meeste krijgen hun definitieve vorm in de Mexicaanse Glass Cube: een zelfgebouwde huisstudio in het strandappartement van een vriend die daar woont. De titel verwijst naar de regels die de band zichzelf heeft gesteld: alles moet met de hele band integraal en in één take worden opgenomen. Elektronische effecten of andere toevoegingen zijn uit den boze.
Rules is een stijlvol meanderende plaat die valt te vergelijken met het verloop van zomaar een zonnige vakantiedag. Je komt rustig op gang (Keep a Secret en Intentions), doet ’s ochtends nog iets actiefs (Courage en Timebomb) en neemt weer wat gas terug na de lunch (Rollercoaster Ride), vanaf einde middag maak je je via de avond en een goed smakend diner (1517) met ontspannen nazit (Gravity) langzaam op voor de nacht. Die krijgt zijn hoogtepunt met het bijna zeven minuten durende, borrelende en groovende Island. Op deze afsluiter zingt Øye onopvallend: ‘Down the street I chose a path/ And walked to the end of it/ Of all the words you sent to me/ There was one that I couldn’t bear/ One that for me meant everything.’ Het valt pas na veel luisteren op en je merkt dan dat je bij The Whitest Boy Alive let op klank en niet op tekst. Je beseft ook dan pas dat een popplaat zelden eerder zo terloops romantisch klonk.

The Whitest Boy Alive, Rules (Bubbles/Rough Trade)