Inleiding

Alles is eten

DE HAARLEMMER Floris van Schooten (circa 1584-1655) legde zich als schilder toe op stillevens van eten - op een tafel, op de markt, in de keuken. Vooral voor het zogenaamde ‘ontbijtgen’, zoals afgebeeld op de cover van dit zomernummer, had hij een grote voorkeur, en dan helemaal voor levensechte hammen en kazen.

Hoe smakelijk de vruchten, het brood en de kaas er ook bij liggen, zijn tijdgenoten wisten waarschijnlijk dat het schilderij aan meer refereerde dan een lekkere maaltijd. Zij waren zich ervan bewust dat de rijpe kersen, pruimen en aardbeien die zo verleidelijk liggen te glanzen snel overrijp zijn, en dan bedorven. Het stilleven vierde de weelde van het leven, maar wees er ook terloops op dat de aardse genoegens vergankelijk zijn.
Hoe anders is dat in de ‘culi-porno’ die zich vandaag de dag onontkoombaar aan ons opdringt. Gefotografeerde stillevens, om je vingers bij af te likken, staren je aan als je de weekendkranten opent. In de boekwinkel liggen de kookboeken steeds prominenter op de tafels, met op hun omslagen in full color de meest uitbundig uitgestalde etenswaren. Je kunt de tv niet aanzetten of een kokende celebrity snijdt een stuk vlees of roert in een dampende pan.
Culinaire journalistiek is inmiddels van even groot belang als de sportjournalistiek, met een zelfde voorkeur voor cijfers en rangordes. Daardoor weten we dat Jamie Oliver, Nigella Lawson en andere kookgoden al weer hebben afgedaan, Yotam Ottolenghi is nu de man. Ingewikkelde, schitterende gerechten maakt hij, prachtig gepresenteerd in een boek getiteld Plenty. Overvloed. Het kan niet op. Eten is lifestyle. Eten is genieten, of móet genieten zijn.
Maar eten is natuurlijk veel meer dan recepten, restaurants en topkoks. Sterker, onze fascinatie voor de nieuwste kooktrends en de hipste restaurants heeft iets pervers als je de beelden van de nieuwste hongersnood in de Hoorn van Afrika aanschouwt. Helemaal als je weet dat voedselschaarste een steeds groter probleem wordt, zeker als ook de mensen in landen met sterk groeiende economieën er hetzelfde eetpatroon op na willen houden als wij. Nu al zijn we met te veel mensen en is er te weinig land en water. De prijzen stijgen, voedsel is niet langer vanzelfsprekend zorgeloos. In de toekomst zelfs niet voor 'het Westen’.
Eten tussen overdaad en schaarste, tussen gebrek en genieten - het is een lastige balans, die we getracht hebben te vinden in dit nummer van De Groene Amsterdammer. Door zo ruim als het kan naar het onderwerp 'voedsel’ te kijken. Van graanprijzen in Afrika, Europese subsidies, Nederlandse exportgiganten, biologische boeren en verantwoorde eco-consumenten tot Marja Pruis’ bekentenissen als 'gastroseksueel’ en Simon Schama’s zoektocht naar het meest onweerstaanbare ijs ter wereld.
Eten is een bron van genot, maar evengoed een poel van problemen. Van honger én obesitas, kleinschalige boeren die het hoofd nauwelijks boven water kunnen houden én gigantische economische belangen. Eten is onderwerp van onderzoek en wetenschap, maar ook van kunst, film en literatuur. En van ethiek. Aan één planeet hebben we nooit genoeg, zegt filosoof Peter Singer, en dus moeten we nadenken over de schadelijke gevolgen van onze keuzes. Kan zijn. Maar volgens Martin Simek moet je op de Titanic het feest niet bederven.
DE REDACTIE
ps Dit dubbeldikke zomernummer is editie 29 en 30.
De volgende Groene Amsterdammer verschijnt 4 augustus.