Lech Walesa over Solidarnosc

‘Alles wat ik zei kwam uit’

Volgens Lech Walesa werd in Polen de basis gelegd voor de vrijheidsgolf achter het IJzeren Gordijn.

GDANSK – De val van de Berlijnse Muur begon in Gdansk. Althans, dat beweert Lech Walesa. Hij zit in zijn kantoor op de bovenste verdieping van de Groene Poort, een indrukwekkende residentie in Gdansk die in de zestiende eeuw door een Nederlandse architect werd gebouwd. Van hier heeft Walesa een prachtige blik over de hoofdstraat en de roemruchte scheepswerf. Hij heeft een dagtaak aan het ontvangen van delegaties, die alles willen weten over zijn leven als elektricien, over de opkomst van Solidarnosc in de communistische Volksrepubliek Polen in 1980, de staat van beleg een jaar later, zijn arrestatie, de latere legalisering van de vrije vakbond, de eerste democratische regering in het revolutiejaar 1989 en zijn aansluitende presidentschap.
Veel Polen zijn geïrriteerd, ze vinden dat de belangrijke rol die hun land bij de democratisering in het vroegere Oostblok speelde niet genoeg wordt erkend. Op CNN liet de Poolse overheid deze zomer peperdure spotjes uitzenden die toonden dat in Gdansk de basis werd gelegd voor de vrijheidsgolf achter het IJzeren Gordijn. En in Berlijn hangt aan de Poolse ambassade al geruime tijd een tientallen meters grote poster met het opschrift ‘Es geschah in Polen’. Te zien is het ronde-tafel-overleg in de lente van 1989. Daarmee wijst Warschau erop dat aan de val van de Muur, een dik half jaar later, verregaande democratische hervormingen in Polen voorafgegaan waren.
‘Ik herinner me het nog heel goed’, vertelt Walesa: ‘Helmut Kohl en zijn minister van Buitenlandse Zaken Hans-Dietrich Genscher waren op 9 november met een Duitse delegatie in Warschau. Ik zei tegen Genscher: “Binnenkort valt de Muur.” Genscher antwoordde: “Mijn beste heer, we zouden graag zulke problemen hebben. Eerder groeien er cactussen op onze grafstenen, dan dat zoiets gebeurt.” Bij een later bezoek zei Genscher dat hij bang was om met mij te praten – omdat alles wat ik zei ook uitkwam. Genscher was een volbloedpoliticus. Hij telde onmiddellijk alle pantservoertuigen in de DDR en de soldaten van hun Nationale Volksarmee. Hij kwam tot de conclusie dat het helemaal niet mogelijk was dat de Muur zou vallen. Ik was een politieke amateur. Ik heb geen enkele politieke analyse bestudeerd. Maar toch is het gelukt om het communisme te bedwingen, de Duitse eenwording te voltooien en Europa te verenigen.’
De spectaculaire overwinning op de communisten in 1989 zorgde in Polen ook voor onzekerheid. Walesa: ‘Als er alleen een revolutie in Polen zou zijn geweest, dan hadden we de situatie nog relatief eenvoudig kunnen regelen. Maar de Sovjet-Unie stortte ineen, de Berlijnse Muur viel, alle Oostbloklanden bevrijdden zich. Europa en de wereld waren totaal niet voorbereid op deze grote belasting.’

SOLIDARNOSC HAD ZICH begin jaren tachtig als een lopend vuur door heel Polen verspreid. Begin 1981 werd Solidarnosc gelegaliseerd en ontstond er ook een plattelandsafdeling waarin boeren zich organiseerden. Aan het eind van dat jaar had Solidarnosc tien miljoen leden en wist ze de communistische regering door stakingen en andere acties tot verregaande concessies te dwingen. ‘Als het ons in 1981 zou zijn gelukt om de macht over te nemen’, zegt Walesa, ‘zouden de Duitse eenwording, de opname in de EU en de Navo eerder hebben kunnen plaatsvinden. Maar in plaats daarvan kregen we te maken met de staat van oorlog.’
Minister-president Wojciech Jaruzelski, die nu terechtstaat, verbood de vakbond in 1982 en liet Walesa onder huisarrest plaatsen. In 1983 kreeg de voorzitter van de vakbond de Nobelprijs voor de vrede. ‘Dat bracht ons zelfvertrouwen terug. We voelden ons verplicht om verder te vechten voor de vrijheid.’ Pas in 1988 kwam het tot gesprekken tussen het communistische regime en Solidarnosc. Een jaar later werd de ronde tafel opgericht, een model dat later ook in Oost-Duitsland werd toegepast, waarin de oppositie direct met de regering sprak.
De rol van Solidarnosc veranderde in de loop van de jaren negentig. ‘Twintig jaar terug moesten we pijlsnel pluralisme en democratie invoeren. We hebben het monopolie van het communisme afgeschaft en als proletariaat het kapitalisme opgebouwd, een volledig ander economisch systeem. Want we begrepen wel dat een zogenaamde Derde Weg tussen socialisme en democratie niet mogelijk was. We wisten dat met de komst van de vrije markt veel bedrijven zouden verdwijnen. Ze waren niet rendabel meer. Tegelijkertijd stortte de handel met de USSR in. Dat zorgde hier op de Stocznia Gdanska, de voormalige Lenin-scheepswerf van Gdansk, voor grote moeilijkheden.’
Inmiddels heeft een consortium uit Oekraïne de werf opgekocht. De afgelopen jaren werd Warschau gebruuskeerd door Brussel met de eis dat de staatssteun aan de noodlijdende werf gestopt werd. Dit jaar vonden in Gdansk daarom rellen plaats. Op het laatste moment trok eurocommissaris Neelie Kroes een enorme boete van driehonderd miljoen euro in. Bij de poort van de werf hangt een spandoek: ‘The dictator from the east has not destroyed our shipyard. Now officials from Brussels play the cards’.
De populariteit van Solidarnosc daalde aanzienlijk tijdens de jaren negentig, de fase van ontnuchtering. ‘We hadden de boel moeten opdelen in een politieke partij, een kapitalistische onderneming en een vrije vakbond. Tegenwoordig is Solidarnosc een gevangene van het verleden’, oordeelt Walesa. Hij zucht. Het lijkt toch alsof hij niet volledig tevreden is met de herwonnen vrijheid. ‘We hebben nu een tijdperk zonder grenzen en muren. Maar we konden niet alle vruchten van de grote overwinning plukken. Er is veel kapot gegaan. Dat bevalt me niet.’ Walesa doelt op de gigantische werkloosheid in de jaren negentig in Polen, op de corruptie, de criminaliteit, de onrechtvaardige verdeling van de welvaart en de armoede.
‘In Europa is er geen oorlog om gebieden of landen meer nodig. Iedereen heeft genoeg geld om te eten. We geven het meeste geld uit aan computers en andere techniek, niet aan voedsel. Nu is iedereen kapitalist en consument geworden.’ Hij wijst erop dat tien procent van de mensheid negentig procent van de rijkdom op aarde bezit: ‘Dat is niet rechtvaardig. We hebben ook vandaag de dag solidariteit nodig. Als je een last niet kunt dragen, dan heb je hulp nodig.’ Walesa wil meewerken aan een ‘nieuw Polen’. ‘Maar dat mag geen land zijn waar twintig procent alles bezit en tachtig procent niets.’