Vijf zwarte crisisscenario’s

Als alles misgaat

Week in, week uit blijkt het dieptepunt in de kredietcrisis nóg dieper. Om aan die deprimerende reeks eens en voor altijd een einde te maken, zet De Groene Amsterdammer haar zwartste bril op. Vijf griezelscenario’s voor de wereldeconomie.

1 ZEEPBELLEN! OVERAL!
Was de kredietcrisis een horrorfilm, dan is de slechterik zojuist van het dak gevallen. Dood – toch? De hypotheekbubbel lijkt onder controle. Amerikaanse banken melden als vanouds miljardenwinsten. De belaagde hoofdrolspeelster haalt opgelucht adem. De zon schijnt, vogels fluiten, de kettingzaag kan terug in de schuur. Maar dat hebben we eerder gezien. De crisis verloopt in golven. Na een hoogtepunt, zoals het faillissement van Lehman Brothers in september 2008, volgde telkens een periode van relatieve rust. Ook nu weer klinken optimistische geluiden. President Obama ziet licht in het duister. Minister Bos van Financiën heeft het over ‘steeds meer positieve beeldjes’.
De ervaren kijker weet dat het verhaal niet zomaar voorbij kan zijn. Had de ietwat seniele oude man, Alan Greenspan, aan het begin van de film niet iets gezegd over de kredietcrisis als veroorzaakt door vele verschillende bubbels? Een van de luchtbellen die nog niet gesprongen zijn, wordt gevormd door de huishoudelijke kredieten. Het aantal Amerikanen dat zijn creditcardschulden niet meer kan betalen, was in maart groter dan ooit. American Express spreekt over 8,8 procent van de klanten. Kredietbeoordelaar Moody’s deelde begin april mee dat dit cijfer boven de tien procent kan uitstijgen.
Net als de hypotheken zijn de huishoudelijke kredieten herverpakt en verhandeld. Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld autokredieten. Jawel: zeepbellen, overal! Dat Amerika op de pof leefde, was al voor de crisis bekend. Maar nu de banken weigeren geld uit te lenen, is de creditcard voor veel consumenten de enig overgebleven manier om aan krediet te komen. Er zouden zelfs bedrijven worden opgericht louter met creditcardgeld. De gevolgen kunnen desastreus zijn. ‘Op de bankencrisis van herfst 2008 volgt de recessie van 2008-2009, en tijdens deze recessie ontstaat de volgende fase van de kredietcrisis, waarin het dan zal draaien om creditcards en Credit Default Swaps’, voorspelt Financial Times-columnist Wolfgang Münchau in zijn heldere overzicht van de kredietcrisis, Kernschmelze im Finanzsystem.

2 DIT IS VEILIG, TOCH?
Credit Default Swaps (CDS) – achter die onmogelijke term gaat een volgende griezel schuil. CDS is een soort verzekeringen voor financiële producten. Zo kan een bank met een CDS een bundel hypotheken verzekeren tegen niet-betaling door klanten. Er is één probleem. In juridische zin is een CDS geen echte verzekering. Zij biedt schijnzekerheid. Het is slechts een onderhands gesloten contractje tussen twee partijen. Bij veel ‘verzekeraars’ – bijvoorbeeld hedgefondsen – is het volstrekt onduidelijk waar zij, indien nodig, het uit te keren geld vandaan moeten halen.
De handel in CDS is even schimmig als omvangrijk. Volgens sommige schattingen zou de totale waarde aan CDS tussen 2001 en 2007 jaarlijks zijn verdubbeld tot het onwaarschijnlijke bedrag van 62.000 miljard dollar. Superbelegger George Soros spreekt over ‘een zwaard van Damocles, dat boven de markten hangt’. Een hedgefondsmanager sprak in het Amerikaanse weekblad Fortune over CDS als ‘de zwarte materie in het financiële universum’. Volgens het tijdschrift zijn er twee grote verschillen tussen gokken in het casino en de handel in CDS. In tegenstelling tot CDS zijn casino’s onderworpen aan streng toezicht door de overheid. En áls je er wint, weet je vrij zeker dat je uitbetaald krijgt. Dat kan van CDS niet gezegd worden.

3 NIEUWE RONDE, NIEUWE SLACHTOFFERS
Maar wie heeft verzekeringen nodig zolang ongelukken uitblijven? Helaas, als het komende jaar één ding zeker is, is het dat ongelukken niet zullen uitblijven. De wereldeconomie krimpt voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog, er komt massawerkloosheid, de Verenigde Staten kampen al met deflatie. Het ene na het andere bedrijf gaat failliet. Samen met die ondernemingen gaan onvermijdelijk ook kredieten van banken in rook op.
Een golf van faillissementen van bedrijven zou voor veel verzwakte banken de nekslag zijn. Nu al zijn er in 2009 evenveel banken ten onder gegaan als in heel 2008. Voorlopig houden de grote spelers stand. Maar de positieve kwartaalcijfers van de Amerikaanse banken kunnen wel eens bedriegen. Op zijn weblog spreekt econoom Willem Buiter van de London School of Economics de verwachting uit dat de bedrijfsfaillissementen op z’n vroegst eind deze zomer in de cijfers van de banken opduiken.
Daarmee zou de kredietcrisis terug bij af zijn. Begonnen als een crisis in de virtuele, financiële economie, wordt ze nu zichtbaar in de reële economie. Ergens in het komende jaar zal die golf weer terugslaan op de virtuele economie.
In zo’n tweede ronde kunnen nieuwe slachtoffers vallen. Lehman Brothers reloaded. Maar behalve banken of verzekeraars kunnen ook hedgefondsen voor serieuze problemen komen te staan. De banken hebben de kredietkraan dichtgedraaid. De rijkaards, pensioenfondsen en andere instellingen als universiteiten die via de hedgefondsen hun vermogen beleggen, eisen hun inleg terug. Om aan al die verzoeken te voldoen, moeten de fondsen hun bezittingen verkopen. Uitgerekend op het moment dat die nauwelijks wat waard zijn. Tot verbazing van veel waarnemers is een faillissement van een groot hedgefonds tot nu toe uitgebleven. Maar wat niet is, kan nog komen. Nouriel Roubini, een econoom die de kredietcrisis voorspelde en de bijnaam ‘Dr. Doom’ verwierf, stelde vorig jaar tegenover een groep fondsmanagers dat ‘honderden hedgefondsen’ ten onder zullen gaan.

4 DONKERE WOLKEN BOVEN OOST-EUROPA
Als de kredietcrisis haar tweede ronde in gaat, zal blijken dat de staat allerminst meester is geworden over de markt. Integendeel, de staat is opgeslokt door de markt. Ook hij kampt nu met slechte kredieten, ook hij is niet immuun voor de crisis. Het snelst zichtbaar wordt dat in de Oost-Europese economieën. Hun razendsnelle groei kwam tot stand door succesvolle strategieën uit het bedrijfsleven te kopiëren. Ze investeerden met geleend geld en hielden de productiekosten laag om als heuse discounters slag te leveren om de afzetmarkten. West-Europese banken boden goedkope kredieten – die de Oost-Europeanen nu als gevolg van het instorten van hun nationale munten duur komen te staan.
Inmiddels kampt Oost-Europa met dezelfde problemen als het bedrijfsleven dat tot voorbeeld strekte. De Baltische economieën krimpen dit jaar naar verwachting met zes tot tien procent. De werkloosheid stijgt, evenals de overheidstekorten. In Riga zijn de prijzen voor appartementen met de helft geslonken. De Poolse zloty behoort tot de snelst in waarde dalende munten ter wereld; tussen halverwege 2008 en maart dit jaar verloor ze ten opzichte van de euro dertig procent van haar waarde.

5 HET GROTE FAILLIET
Als onderdeel van de markt kan ook de staat het ultieme noodlot treffen: het faillissement. De grootste kanshebber, na IJsland en wellicht ook Ierland, is volgens Nobelprijswinnaar Paul Krugman Oostenrijk. De Oostenrijkse banken hebben veruit de grootste belangen in Oost-Europa. Volgens de Bank voor Internationale Betalingen gaat het om in totaal 277 miljard euro, 98 procent van het Oostenrijkse bruto binnenlands product (BBP).
Zo kan de staat, een helpende hand biedend aan de banken die in de afgrond staren, zélf vallen. Zelfs Nederland mag zich niet helemaal veilig wanen. Daarvoor zijn de hier gevestigde banken simpelweg te groot. Alleen al de totale balans van ING, een van de grootste spaarbanken ter wereld, bedroeg in 2008 een slordige dertienhonderd miljard euro. Dat is tweemaal het Nederlandse BBP.
Niet voor niets waarschuwde het Internationaal Monetair Fonds in maart dat Nederland in verhouding tot de omvang van zijn economie buitenproportioneel veel garanties heeft afgegeven, ruim eenderde van het BBP. Alleen Ierland en Zweden garanderen meer, zo bleek uit een rapport. Nederland kondigde bijvoorbeeld als eerste in Europa aan de speciale garantieregeling voor spaargelden te verlengen. De staat garandeert spaartegoeden tot een ton. Met die ruimhartige regeling maken Nederlandse banken in het buitenland succesvol reclame. Voor alle duidelijkheid: als het misgaat, draaien de andere Nederlandse banken en de belastingbetaler op voor de verliezen.
Daarmee zijn we aanbeland bij het zwartst denkbare scenario. Hoe dat er precies uit kan zien, schetste het Duitse Die Zeit onlangs aan de hand van ‘Modelland’: ‘In Modelland worden crisisburgers verkocht als in Dublin, zijn er bewapende bankmanagers net als in Londen, en angst zoals overal. De toestand en de gebeurtenissen in Modelland zijn weliswaar fictief, maar gebaseerd op feiten elders.’
Modelland heeft zich als zo veel andere landen diep in de schulden gestoken om het financiële systeem te redden. Dat tast de kredietwaardigheid aan, wat lenen duurder maakt. Zo ontstaat een self-fulfilling prophecy. Om oude leningen af te lossen moeten nieuwe, duurdere leningen worden afgesloten. Daardoor groeien de schulden weer, neemt de kredietwaardigheid verder af en wordt lenen nóg duurder. Onderhandelingen met het IMF over hulp lopen vast op de onzinnige eis zwaar te bezuinigen. De EU kan niet boven het nationaal-populisme van Nicolas Sarkozy uitstijgen. Dus vluchten de investeerders weg. De bevolking is woedend op de regering, op de speculanten, op de rest van de wereld die niets doet, op de buitenlanders in het algemeen. Ze valt voor de verleiding van het rechtse populisme.
Na de financiële en de economische crisis volgen de sociale en de politieke crisis. Dat is niet langer fictie. Hongarije en Letland moesten al met noodkredieten gered worden door het IMF. In beide landen kwam het tot gewelddadige protesten die de regering ten val brachten. De populariteit van uiterst rechtse, populistische stromingen groeit.

EPILOOG: ALS ALLES GOED GAAT
Kan het nog erger? Misschien wel. Het absolute nachtmerriescenario heet vlot economisch herstel. De slechterik blijft tot het einde van de film dood liggen. Eind dit jaar al trekt de economie aan, precies zoals de regeringsleiders het voorspelden. De bomen groeien weer tot in de hemel alsof er niets is gebeurd. Net als na de dotcom-zeepbel. De kredietcrisis is snel vergeten, evenals alle lessen die werden getrokken. Dan is het wachten op de sequel, te verschijnen over uiterlijk vijf jaar. Werktitel: Revenge of the Bubbles. Vergeleken daarmee is deel 1 een Disneyfilm.