‘als bibi maar verdwijnt’

‘VERGIS JE NIET in meneer Netanyahu’, zegt Uri Avneri rustig, om met luide stem te vervolgen: ‘Hij mag dan van buitenaf een opportunist lijken, maar dat is een optische illusie. Ik zou graag willen dat hij een opportunist was, voor het vredesproces met de Palestijnen zou dat veel beter zijn. Hij mag dan een leugenaar zijn en een bedrieger, in wezen is hij extreem rechts. Hij is opgevoed door zijn vader en die is nog extremer. Die beschouwde Begin, voormalig premier en leider van de rechtse Likoed-partij, als een linkse verrader omdat hij de Camp David-akkoorden met Egypte heeft gesloten. Zijn zoon, de huidige premier, is nog erger dan zijn vader. Netanyahu is de gevaarlijkste soort fanaticus. Hij is iemand die glimlacht en pretendeert dat hij bereid is om compromissen te sluiten. En vervolgens houdt hij zich daar niet aan. Daarmee wint hij dan weer drie of vier jaar en in die tijd kan hij overal in de door Israel bezette gebieden nieuwe joodse nederzettingen oprichten. Netanyahu is een tacticus en dat is nog gevaarlijker dan de extreme fanatici die helemaal niet in beweging te krijgen zijn. Die bereiken helemaal niets en Netanyahu is er in de drie jaar dat hij regeerde in geslaagd de hele sfeer in Israel te vergiftigen. Hij is zo'n politicus die leeft van etnische haat en politieke demagogie.’

HET BEVALT Uri Avneri helemaal niet dat hij nu, een week voor de Israelische verkiezingen, in Nederland zit. De afspraken waren al gemaakt voordat in Israel de verkiezingen vanwege de voortdurende crisissfeer in de rechtse regering-Netanyahu vervroegd werden uitgeschreven. Het zijn tegelijk verkiezingen voor de Knesset (de Israelische Tweede Kamer) en de minister-president, die sinds vier jaar rechtstreeks wordt gekozen. Daarbij gaat het vooral om drie personen: Benjamin Netanyahu, de zittende premier, Ehoed Barak, voormalig opperbevelhebber en kandidaat van de Arbeiderspartij, en in het midden Jitschak Mordechai, die brak met Netanyahu en onmiddellijk leider werd van een nieuw opgerichte Partij van het Centrum. Uri Avneri is vooral bang voor de schade die Netanyahu kan aanrichten door met zijn provocaties tegen de Palestijnen gewelddadige reacties uit te lokken. Netanyahu moet het hebben van angst voor de Palestijnen, Palestijnse aanslagen zouden hem alleen maar in de kaart spelen, en juist op dat punt is het in Israel de laatste tijd heel rustig geweest. Volgens Avneri tracht Netanyahu nu geweld uit te lokken met zijn acties tegen het Orient House, het Palestijnse hoofdkwartier in Oost-Jeruzalem waar westerse politici en diplomaten tot grote woede van rechts Israel op bezoek gaan bij Feisal Hoesseini, de onofficiële Palestijnse burgemeester van Oost-Jeruzalem. De 76-jarige vredesactivist kan het weten. Hij kent de Israelische politiek van extreem rechts tot ultralinks van binnenuit. Hij kwam in 1933 als jongetje van tien jaar met zijn ouders uit Duitsland in Palestina aan. Van 1938 tot 1942 was hij lid van de Irgoen, de rechtse joodse terreurorganisatie die vocht tegen de Britse bezetter en tegen de Arabieren. Maar toen hij in 1948 als soldaat gewond raakte in de Israelische Onafhankelijkheidsoorlog, was hij al tot de conclusie gekomen dat twee staten naast elkaar, een joodse en een Palestijnse, de enige oplossing was. Hij was vanaf die tijd actief voor de vrede, als journalist en als politicus bij verschillende kleine partijen. Hij had vanaf 1973, toen dat nog strikt verboden was, contact met Palestijnse politici en stak in 1982 in Libanon de frontlijn over om in het door het Israel belegerde West-Beiroet Jasser Arafat, de leider van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie, te ontmoeten, die hij sinds die tijd geregeld heeft gesproken. Avneri vindt dat deze verkiezingen schijnbaar niet over de werkelijk belangrijke gaan:‘Voor de toekomst van Israel zijn deze verkiezingen echter uitermate belangrijk. Het Israelische electoraat valt nu eenmaal in twee bijna precies gelijke helften uiteen, met één miljoen nieuwe Russische immigranten in het midden. De verkiezingscampagne is dus gericht op de Russen, en verder op nog een handvol zwakzinnigen die nu nog niet weten op wie ze moeten stemmen. Het is al heel wat wanneer de Arbeiderspartij voor het eerst propaganda maakt in het Russisch en de Russen weet te overtuigen dat Barak geen uitverkoop zal houden van Israelisch gebied en dat hij geen lafaard is maar Israels meest gedecoreerde officier. Barak is inderdaad een soldaat, hij heeft zijn hele leven in het leger gezeten en tegen de Arabieren gevochten. Wat zijn politieke ideeën precies zijn, weet eigenlijk niemand, die heeft hij tot nu toe vóór zich weten te houden. Maar voor een officier is hij wel een intellectueel, iemand die boeken leest en die goed thuis is in de militaire geschiedenis. Hij is werkelijk een man met een heel andere persoonlijkheid dan Netanyahu. Maar belangrijker nog is dat achter hem een vernieuwde Arbeiderspartij staat. De eerste tien kandidaten op de lijst van de Arbeiderspartij voor de Knesset-verkiezingen zijn allemaal duiven, terwijl je bij de Likoed bij de eerste tien alleen hele fascisten, halve fascisten en driekwart fascisten vindt. ER IS NOG EEN belangrijk verschil tussen de twee partijen, en dat heeft te maken met een verschil in moreel niveau, respect voor democratie en de rechtsstaat. Op dat punt zijn de mensen om Netanyahu verschrikkelijk. Er loopt een proces tegen z'n minister van Justitie, maar die blijft gewoon zitten. Vandaar dat het er de meeste Israeli’s dit keer vooral om gaat van Netanyahu af te komen. Het kan ze niet schelen wie hem opvolgt, als Netanyahu maar verdwijnt.’ Avneri kan ook niet voorspellen wat de invloed van de nieuwe Partij van het Centrum op de uitslag zal zijn, maar ook daarover is hij optimistisch: 'Het geeft een alternatief voor mensen die vroeger op de Likoed-partij stemden, die het psychologisch niet op kunnen brengen nu naar de Arbeiderspartij over te gaan, maar die toch niet voor Netanyahu willen kiezen. Zij kunnen in de eerste ronde van de verkiezingen op Mordechai stemmen en als er een tweede ronde nodig is, kunnen zij alsnog op Barak stemmen. Dan gaan zij als het ware in twee stappen naar de Arbeiderspartij. Op het ogenblik lijkt Barak in de peilingen aan de winnende hand, maar in Israel hebben wij al zo vaak op het laatste moment onaangename verrassingen beleefd dat niemand daar al te zeker van durft te zijn. Barak wint langzaam aanhang onder de Russische immigranten. Die zijn tegen de Palestijnen omdat ze nu eenmaal uit Rusland een extreem racisme hebben meegenomen. Verder zijn ze tegen alles wat rood of zelfs maar lichtroze is. Maar ze hebben respect voor generaals en ze wantrouwen de religieuze coalitiepartners van Netanyahu als het om de immigratiewetten gaat.’ Netanyahu heeft belang bij een sfeer van emotionele opwinding en geweld. Daarom is het opvallend dat de fundamentalistische moslimorganisaties, zoals Hamas, zich tot nu toe muisstil houden en geen bomaanslagen of andere terroristische acties plegen. Volgens Avneri is dat het bewijs dat Arafat zijn Palestijnen goed onder controle heeft: 'Hij heeft een overeenkomst met Hamas weten te sluiten zodat die zich voorlopig rustig houdt. Hamas is niet een zuiver terroristische organisatie, het is een religieuze beweging met een terroristische vleugel, maar met een politieke leiding voor wie het ook belangrijk is dat er een Palestijnse staat komt. Arafat heeft een bijzonder goede relatie met hun leider, de invalide sjeik Yassin. Het is ook, gezien vanuit het perspectief van de Israelische verkiezingen, een verstandig besluit van Arafat geweest het uitroepen van de Palestijnse staat uit te stellen. Maar ik had dat zelf misschien niet gedaan. Soms moet je gewoon doorgaan met wat je moet doen, verkiezingen of niet. Wij hebben met onze vredesgroep midden in de verkiezingscampagne opgeroepen te erkennen dat er een Palestijnse staat moet komen, dat die - wat nu het belangrijkste is - al het gebied van de Westoever van de Jordaan en de Gazastrook moet omvatten, en dat Jeruzalem de gezamenlijke hoofdstad moet worden van Israel en Palestina. Bijna alle belangrijke schrijvers en kunstenaars van Israel hebben deze oproep onderschreven - op Amos Oz en David Grossman na, die nooit iets tekenen. Zelfs Jehudi Menuhin ondertekende ons manifest vlak voordat hij stierf. De vraag is nu niet meer of er een Palestijnse staat komt, maar wáár. Hoeveel wordt er voor die tijd door Israel geannexeerd? Dat proces van annexatie en uitbreiding van joodse nederzettingen in de Palestijnse gebieden is ook onder premier Rabin na het sluiten van de Oslo-akkoorden nog doorgegaan, maar onder Netanyahu in een veel hoger tempo. De Amerikanen zijn hierdoor opgeschoven in de richting van de Palestijnen. In hun laatste brief verklaren ze dat de Palestijnen het recht hebben in vrijheid te leven op hun eigen grond en dat de joodse nederzettingen “destructief” zijn voor het vredesproces. Wat mij betreft, ik ben er zeker van dat die joodse nederzettingen op den duur zullen moeten verdwijnen. Wij hebben daarom opgeroepen tot een economische boycot van producten uit de Bezette Gebieden door de Europese Unie. In feite steunt die namelijk jaarlijks de nederzettingen met 200 miljoen dollar per jaar.’ AVNERI KENT Jasser Arafat tamelijk goed sinds hij hem in 1982 voor het eerst heeft ontmoet in Libanon. Hij ziet hem als een van de grote leiders van de twintigste eeuw: 'Tussen de revolutionaire leiders die nationale bevrijdingsbewegingen hebben aangevoerd had hij misschien wel de moeilijkste taak, afgezien van de Koerd Öcalan. Toen Arafat eind jaren vijftig zijn beweging opzette, was er geen Palestijns volk, geen plek die Palestina heette, iedereen was ervan overtuigd dat het Palestijnse volk al had opgehouden te bestaan. Je kunt wel zeggen dat hij een terrorist was, maar dat ben ik vroeger ook geweest. De terrorist is altijd je tegenstander, zelf ben je een vrijheidsstrijder. Nu staat Arafat op de drempel van een eigen Palestijnse staat, die in de praktijk al door de meeste landen van de wereld is erkend. Hij had het echt veel moeilijker dan Mandela, die 28 jaar in de gevangenis heeft gezeten omdat hij weigerde het terrorisme af te zweren maar die daar zonder problemen te hoeven oplossen tot een symbool kon uitgroeien. Arafat moest in die tijd ontelbare gevechten leveren in een beweging die uit allerlei tegengestelde stromingen bestond, En hij is er opmerkelijk goed in geslaagd die beweging toch bij elkaar te houden, ondanks alle nederlagen die hij heeft geleden. Ook nu zit Arafat nog in een moeilijke situatie. Hij heeft al zoiets als een eigen staat, maar tegelijk moet er nog een bevrijdingsoorlog worden gevoerd. Democratie, onafhankelijke rechters, financiën die transparant zijn, dat past allemaal niet bij zo'n situatie. En vergeet niet dat de Arabische wereld gegroepeerd is rond grote familieclans en dat hij te maken heeft met bewegingen die zijn politiek proberen te doorkruisen door aanslagen te plegen. Je kunt hem dan niet zo heel erg kwalijk nemen dat Palestina nog geen volmaakte democratie is. Vijftig jaar geleden bevond Israel zich in een vergelijkbare situatie. Toen moesten we ook vechten voor democratie.’ HOE IS AVNERI toch als jongen van in de twintig van een rechts-extremistische terrorist een vredesactivist geworden? Avneri: 'We waren tamelijk arm thuis, ik moest al vroeg werken en kwam op een advocatenkantoor terecht. Omdat veel Britse rechtbanken zich in het Arabische Jaffa bevonden, kwam ik al als jongen veel met Arabieren in contact. Op een gegeven ogenblik realiseerde ik me dat je die wel kon verdrijven, maar dat ze daarmee nog niet verdwenen waren. De Amerikanen hebben de indianen praktisch kunnen uitroeien, maar de Palestijnen hebben de hele Arabische wereld en de hele moslimwereld achter zich. Twee staten naast elkaar, dat was volgens mij de enige oplossing, en dat is nu voor negentig procent bereikt. Maar als vredesbeweging moeten we actief blijven. We moeten de politici achter hun vodden zitten. Dat geldt zeker ook als Barak de verkiezingen wint. Officieren zijn geen slechte mensen, ze zijn in Israel beter, gematigder en verstandiger dan de meeste politici. Maar ze durven geen risico’s te nemen. Ze willen absolute zekerheid. Militairen zijn erg voorzichtig, en vrede sluiten betekent nu eenmaal dat je risico’s moet durven nemen. Het is onze taak als vredesactivisten om ze te dwingen die risico’s te accepteren.’