Als de tuba zich ziekmeldt

Wat Jan Smit is voor de Tros is het Concertgebouworkest voor de Avro: ze kunnen er geen genoeg van krijgen. En nu zijn ze nog gefuseerd ook – die omroepen dan. Beperken we ons tot de Avro die een tweede reeks over het orkest en zijn leden brengt onder de gezochte titel Bloed, zweet en snaren.

Medium bloedzweetensnaren2 creditsmichelschnater honorinekco 4 edit carousel missed 14362591612

Eigenlijk had ik het een beetje gehad met dat ‘Koninklijke’ voor en na: over de harmonie van Vaals kun je vast ook een aardige reeks portretjes maken en verwikkelingen rond nieuwe dirigent, strijd om de eerste lessenaar en perikelen rond subsidie (al dan niet met sjoemelende wethouder van Cultuur) kunnen dat nog spannend maken ook.

Toch gekeken naar aflevering 1, want ‘achter de schermen bij de Hoogste Cultuur’ kom je niet gauw en laten we wel wezen: ‘Es ist bezahlt, es soll herunter.’ Prompt vielen we in een personeelsbijeenkomst waar Mariss Jansons een taart aangeboden kreeg ter gelegenheid van zijn tienjarig jubileum (meteen ook laatste jaar en taart). En waar oudere heren, waarschijnlijk bestuursleden, haast ongepast hun best doen zich de maestro toe te eigenen. Ach, arme jochies in Barcelona-shirtjes verdringen elkaar voor een handtekening van Messi – waarom zouden rijke bestuurders dan niet op een omhelzing van Jansons hopen en die desnoods afdwingen?

De aflevering werd ingeleid door Art Rooijakkers, het niet erg gelukkig gekozen gezicht van de culturele tv-tak, die een reeks belooft waarin ‘we de ziel van het orkest blootleggen’. Ronkende reclametaal die geen kijker méér oplevert maar wel stoort. Maar de inhoud? Voor de liefhebber zijn er aardige faits divers: als de tuba zich ziekmeldt moet de orkestinspecteur als de sodemieter een vervanger opsnorren die binnenstormt voor een partij die hij in veertien jaar niet heeft gespeeld. Voor een repetitie vangt hij honderd, voor een concert honderdzestig euro. Viel me een beetje tegen vergeleken bij de fikse salarissen van vaste leden. En de jonge gastdirigent Robin Ticciati, die een Frans programma leidt, vraagt het orkest: ‘Zouden we een forte kunnen vinden dat helder is en glanst van het secessionistische goud van de eeuwwisseling, van de Exposition Universelle?’ Je ziet orkestleden denken: ‘Zou hij met dit imponeergedrag de opvolging van Jansons willen afdwingen?’

Maar gewicht krijgt de aflevering steeds meer door twee orkestleden die tot hoofdpersoon uitgroeien: altviolist Michael Kiele (48), oudgediende beginnend aan zijn 22ste seizoen, en Franse celliste Honorine Schaefer (23), die na een zware auditie een proefjaar heeft gewonnen. Kiele heeft alles al meegemaakt; voor Schaefer is alles nieuw en spannend. In Kiele ontmoeten we de zware kant van het leven. Hij is buitengewoon openhartig over hoe het is om als einzelgänger in een groot collectief te opereren en van bejubeld jong muzikant tot één uit velen te worden; over het _‘lost in translation’-_effect van lange tournees; over een verslaving die hem bijna mangelde en die mede ontstond door chronische slapeloosheid. Die bestrijdt hij nu door naast zijn orkestwerk grote muzikale projecten op te zetten, zoals de IJ-Salon in het Muziekgebouw. Indrukwekkend. En Honorine is de blijde verwachting zelve. Ze kan het spelen, de tijd vergetend, niet laten. Zij ís de liefde voor muziek. Ontroerend.


Avro, Bloed, zweet en snaren, acht delen, donderdags, NPO 2, 20.30 uur