De Ierse filmmaker Mark Cousins verstuurde vorig jaar mei vanuit zijn bed in Edinburgh een berichtje naar zijn ruim driehonderdduizend volgers op Twitter. Hij vertelde dat hij een film aan het maken was over onze ‘visuele levens’ en dat hij aan het filmen was in zijn eigen bed. ‘Bit weird I know, but trying to do something about outside world without going outside.’ Welke rol had kijken gespeeld in het leven van zijn volgers, wilde hij weten. Had het ze gelukkig gemaakt? Had het ze iets geleerd over het leven?

Hij had er een foto bij geplaatst van zichzelf in bed. Ik had het bericht destijds niet gezien, maar toen ik het terug zocht, nadat ik The Story of Looking (2021) had gezien, viel me op hoe aandoenlijk die foto op de een of andere manier was. (Voordat mensen terecht gaan mailen met de vraag waar de film te zien is: ik heb een VPN-verbinding gebruikt en vervolgens 10 Downing Street als mijn adres opgegeven om de film online te kunnen huren.) Cousins filmt zichzelf tussen de lakens en hij ziet eruit als… nou ja, zoals een man van een jaar of vijftig met kopzorgen eruitziet voordat hij zijn gezicht onder de kraan heeft gehouden: door het leven getekend. Die kwetsbaarheid zie je alleen met terugwerkende kracht op de foto die hij vorig jaar verstuurde: je beseft plots hoe hij meerdere foto’s moet hebben gemaakt en uiteindelijk dit exemplaar koos omdat het zijn zelfbeeld het minste geweld aandeed.

In de film leest Cousins berichten voor van mensen die op zijn tweet reageerden. Terwijl ik ernaar keek dacht ik: hoe kan dit, een man die op bed tweets voorleest, niet de saaiste film ooit zijn? Hoe komt hij hier in godsnaam mee weg?

Cousins is onder de indruk van wat mensen hem vertellen. Hun welbespraaktheid lijkt hem te raken, en het moet gezegd worden: de kloekmoedigheid waarmee ze tot de kern van hun ervaring komen is opvallend. Maar wanneer je zit te luisteren naar iemand die voorleest hoe andere mensen al hun visuele ervaringen samenvatten in 280 tekens, vraag je je toch even af of niets minder dan alles verloren gaat in de vertaling van de vertaling van de vertaling. Maar het is de poging zelf die op de een of andere manier troostrijk is. Een van de mensen die reageerden was kunstcriticus Laura Cumming. Ze schreef: ‘It is absolutely everything to me. Pure joy, total gratitude. If I had no more speech, writing, music or movement, I would still have the active life of seeing. And the replay in dreams at night. Insatiable lust, constantly fulfilled!’

Hij vertelt over een vrouw met wie hij in een mailwisseling verzeild raakte. Ze was volledig kleurenblind en bekende dat ze zich er niets bij kon voorstellen wanneer men het had over appel, mint en olijf als verschillende kleuren groen. Hoe konden ze in vredesnaam allemaal anders zijn, vroeg ze hem vertwijfeld, en toch dezelfde kleur?

Het verwijderen van de staar ziet eruit als het verdelgen van een parasiet

De meest fundamentele ervaringen van een ander blijven toch altijd compleet onwerkelijk.

Voordat we Cousins in zijn bed aantroffen was de film al begonnen met een oud interviewfragment waarin Ray Charles vertelde over zijn blindheid. Charles was niet blind geboren en kende zodoende de aard van zijn gemis, maar, zo verzekerde hij de interviewer, hij hoefde zijn zicht niet terug. Ja, hij zou hooguit zijn kinderen nog weleens ‘fysiek’ willen aanschouwen, maar wat de rest betreft? Hij kon alles doen wat hij wilde doen. ‘I’ve seen the stars and the moon and the sun’, zei hij. Hij was er dankbaar voor en het was genoeg.

Je merkt dat Cousins nerveus is, maar het duurt even voordat je begrijpt waarom. Hij moet de volgende dag een oogoperatie ondergaan. Het is een ingreep die niet zonder risico is en die zijn visuele vermogens blijvend zou kunnen aantasten. Bij de staaroperatie staat, in ieder geval in Cousins’ beleving, zijn hele manier van leven op het spel. Want wat is zijn leven? ‘I awaken. My eyes open. My day begins. My world begins – my visual world. When I see that tree, I feel alive. When that tree is still going, growing, the world is still going, growing.’

De beroemde scène van het oog waarin wordt gesneden uit Luis Buñuels Un chien Andalou is kinderspel bij de gedetailleerde beelden van Cousins’ oogoperatie. Het verwijderen van de staar ziet eruit als het verdelgen van een parasiet. Het plaatsen van de plastic lens, die zich in het oog uitvouwt als een spin die door een klein gaatje uit een ei is gekropen, is niets minder dan een klein wonder.

Cousins, die eerder de vijftienurige documentaire The Story of Film maakte, illustreert zijn liefdesverklaring aan de daad van het kijken met beelden uit zijn archief. Niet alleen uit beroemde films zoals die van Buñuel, maar ook beelden die hij zelf maakte. Er is een terugkerend fragment van een man die hij door een raam op een dak zag staan, leunend tegen een rij schoorstenen: het donkere silhouet van de man roept de standbeelden van Antony Gormley in herinnering. En ook een fragment van het moment dat de schoorsteen van een oude kolenfabriek wordt opgeblazen. Wanneer de toren uiteenspat verschijnt er, heel even, een stofwolk in de vorm van een reus, alsof een mythisch wezen dat eeuwenlang gevangen had gezeten plotseling werd bevrijd. Iets wat er niet was, maar op hetzelfde moment iets wat je niet niet kon zien.