Ambtenaren der tweede, derde en vierde klasse

Na veel inleidend tromgeroffel zette minister Melkert de afgelopen weken dan toch de aanval in op de langdurige werkloosheid. En gelijk heeft hij. Spraken we vijf jaar geleden nog over een kwart miljoen langdurig werklozen, inmiddels is hun aantal, ondanks de jaren van economische voorspoed, de banenpools, de bevriezing van uitkeringen en minimumloon, en wat dies meer zij, opgelopen tot 440.000. Veertigduizend banen heeft de minister in de aanbieding. In vier jaar tijd wel te verstaan. Echte banen ook nog. Nou ja, echt…

De mensen die de banen bezetten mogen niet meer verdienen dan maximaal 120 procent van het minimumloon. Omdat de maximale omvang van de banen 32 uur is, betekent dat dus in feite het minimumloon. Onder de gelukkigen zijn onder meer de Amsterdamse tramconducteurs, die hun status van banenpooler mogen inruilen tegen die van ambtenaar. Nou ja, ambtenaar tweede klasse dan, want als hun vakbonden er een loonsverhoging uit slepen geldt die niet voor hen. Zij mogen niet meer gaan verdienen, want dat zou hun doorstroming naar een echte baan maar in de weg staan. De conducteurs maken op hun beurt weer banenpoolplaatsen vrij voor langdurig werkloze medelanders. En zo hebben we in dit land binnenkort drie soorten ambtenaren: die der eerste klasse, de ‘echte’, die der tweede klasse, de 'Melkert- ambtenaren’, en die der derde klasse, de banenpoolers.
Daarnaast komen er onder het toeziend oog der minister nog een reeks experimenten, waarin weer andere langdurig werklozen met behulp van een uitkering 'verplicht vrijwillig’ (even langzaam nog een keer zeggen: 'verplicht vrijwillig’) aan de slag mogen. Deze experimenten krijgen een looptijd van zo'n twee jaar. Tegen die tijd is de herijking van de sociale zekerheid opnieuw aan de orde. Omdat de eerdergenoemde veertigduizend banen de groei van de langdurige werkloosheid tegen die tijd hooguit gestabiliseerd zullen hebben, voorspel ik nu maar vast dat deze experimenten succesvol zullen blijken en alsdan zullen leiden tot de introductie van de ambtenaar der vierde klasse. En wat het ergste is, het helpt niet.
Maar, zult u zeggen, met de economie gaat het toch de goede kant op? Inderdaad gaat het in de echte economie, waar de mensen werken met echte banen, heel goed, behalve met de werkgelegenheid. Ter illustratie de berichten daarover van de afgelopen weken en een paar aankondigingen van nog komende berichten. De periode waarop de cijfers betrekking hebben, is steeds drie of vier jaar. Dezelfde dus als die waarin Melkert zijn 40.000 banen schept. PTT-Telecom schrapt de komende drie jaar 3000 fulltime banen; dat brengt het banenverlies bij het KPN-concern op 15.000. De gezamenlijke energiebedrijven schrappen in ieder geval 7000 banen. ABN/AMRO en de ING-bank schrappen samen 8000 banen. Bij de rijksoverheid verdwijnen bij Defensie nog eens 4000 banen, in het hoger onderwijs meer dan 10.000 en bij diverse ministeries een dikke 1000. Mochten de bezuinigingen bij de arbeidsbureaus doorgaan dan zullen daar 6000 banen verdwijnen. Naar verluidt zal ook de NS voor de kerst nog aankondigen enige duizenden banen te schrappen. Inmiddels zitten we dan dik boven de 40.000. En dat zijn, pardon: waren echte banen.