POPMUZIEK: Devendra Banhart

Amor. Humor

Devendra Banharts favoriete gedicht is van de Braziliaanse vroeg-twintigste-eeuwse modernist Mário de Andrade. Het heet Amor en telt slechts één woord: humor.

Met De Andrade deelt muzikant Banhart zijn eclectische kijk op kunst. Op zijn laatste albums leidde dat jammer genoeg tot nogal versnipperde, stuurloze stijlwisselingen en weinig samenhang in een verzameling liedjes. Op het recente Mala klinkt hij een stuk meer gefocust. Mala is een geconcentreerd in elkaar gezette, licht absurdistische rom-com op plaat met soms een bittere bijsmaak. De veertien liedjes met vrij toegankelijke pop en folk hebben de titel en tekst van zijn lievelingspoëzie als twee belangrijkste elementen.

Mala kan staan voor ‘liefje’ in het Servisch, niet toevallig de nationaliteit van de vrouw met wie hij samenwoont. De Spaanse betekenis van het woord, ‘ziek’ of ‘slecht’, lijkt de in Venezuela opgegroeide Banhart net zo goed in zijn achterhoofd te hebben. ‘Never seen such good things go so wrong/ and everywhere we turn they’re playing our song’, zingt hij bijvoorbeeld met veel ironie over een verraderlijk luchtig melodietje. Aparter en net zo grappig is Your Fine Petting Duck, een exen-duet waar hij zijn echte vriendin voor wist te strikken. De ‘zij’ wil hem terug, maar hij prijst zichzelf bewust uit de markt in een vergelijking met haar huidige vriend, waarbij hij en passant hun verleden pijnlijk lomp samenvat: ‘If he makes you cry a lot/ Please remember that with me you never stopped/ (…) If he ever is untrue, please remember I was too, and so much more so.’ Als het zoete gitaardeuntje op tweederde verandert in een discobeat en de zang overgaat in het Duits (‘Als eine flamme reißt du/ Du durch das essentialisierte universum’) wordt het bijna een té melige suite, maar het blijft vreemd genoeg een sterk nummer.

Anders is dan het door een unheimliche cello begeleide A Gain, over een beklemmende moeder-zoonrelatie (‘Mama had such high hopes for me/ Mama’s gonna tell I ain’t high class’). Ook als hij op Won’t You Come Over in de rol van een vrouw kruipt, overtuigt de beschadiging door het verlangen heen: ‘Shake it up, baby, twist and shout/ We’re war-torn buildings, all bombed out.’ Alles wat spannend en op deze plaat verbeterd is komt mooi samen op het compacte Hatched Wound. Een gek orgeltje, een gedoseerde hoeveelheid van Banharts eigenaardige, karakteristieke trilstemmetje, een aanstekelijke couplet-refreinopbouw en een romantische, originele hunkering naar de liefde met een knipoog (‘Can’t wait to get the scars to show it/ Give me the change and I’ll blow it’).

Knap hoe Banhart zijn creativiteit op Mala heeft weten te kanaliseren en steeds boeiend balanceert tussen grappig en serieus, sober en warm, akoestisch en elektronisch en tussen gek en gangbaar. Bovenal is het hem gelukt om nog steeds afwisselend en onconventioneel te klinken, maar nu wel kernachtig in plaats van overal vluchtig langs scherend.


Devendra Banhart, Mala, label: Nonsuch Records. Devendra Banhart speelt op 11 juli in Paradiso, Amsterdam