Stéphane Audeguy

Analogische antropologie

Stéphane Audeguy
De wolkenbibliotheek
Uit het Frans (La théorie des nuages, 2005) vertaald door Froukje Slofstra, Cossee, 288 blz., € 19,90

Iedereen, dus ook de lezer, dacht dat de Schotse geleerde Richard Abercrombie, zoals hij op het meteorologisch wereldcongres in Parijs 1889 had aangekondigd, met de eerste echte Wereldatlas van wolken thuis zou komen. Niemand kreeg na zijn wereldreis zijn verzameling te zien, die als het Abercrombie-protocol mythische vorm aannam. Bij zijn dood in 1917 erfde zijn dochter het album, natuurlijk, alleen hoorde de familie toen pas dat Richard een dochter geadopteerd had, Abigail, een kreng dat hij speciaal op haar slechte eigenschappen had uitgezocht. Bij haar dood in 2005 geeft haar zoon, psychoanalyticus, het album aan een bibliothecaresse. Zij vergoedt het in natura, hij vertelt haar het verhaal.

Het album bevat foto’s van wolken, maar vanaf april 1890 wordt het een andere studie – minder naar de vorm dan naar inhoud: het is een logboek naast tweeduizend foto’s van vrouwelijke geslachtsdelen. In de jungle op Borneo had de onderzoeker een metamorfose ondergaan, toen hij, toevallig zonder kleren aan, op aapachtige wijze werd aangestaard door een vrouwtjes-orang-oetan. De vakidiote blik op lucht en wolken maakte plaats voor een nieuwe, allesomvattende wetenschap, die van de isomorfie of analogie, vanuit de idee dat alles in het universum op dezelfde vormen is terug te voeren. De Franse bibliothecaresse,Virginie Latour, die zich nu op de biografie en het fotoalbum van Abercrombie stort, wist van wolken dankzij Akira Kumo. De Japanse couturier had haar van de bibliotheek geleend om zijn verzameling meteorologische boeken te inventariseren. Waarom de Japanner daar in 1997 aan begon, is een verhaal apart: toen bleek dat hij niet in 1946 in Hiroshima geboren was maar twaalf jaar eerder. Met de zwarte regen van 6 augustus 1945 begon zijn fascinatie voor wolken. Virginie’s taak is het aanhoren van de verhalen van de Japanner, om te beginnen over de Londense apotheker Luke Howard, quaker, die in 1802 als eerste namen voor wolken bedacht. Tot dan waren de naamloze hemelgevaartes voornamelijk tekenen geweest, nu betekenden ze zelf iets.

Dit zijn nog maar enkele van de buitenissige figuren in de debuutroman van Audeguy (1964), docent filmgeschiedenis in Parijs. Audeguy is niet alleen een goed verteller, hij heeft ook nog wat te vertellen, met een listige dosering van inzicht en verhalen. Als een schrijver daar een hele roman voor nodig heeft, vertel je dat niet in een paar woorden na. Ik verwijs daarom maar naar een ander, zojuist vertaald boek over ‘wolken in de geschiedenis, wetenschap en cultuur’: De wolkengids van Gavin Pretor-Pinney.