Angst voor aardbevingen en autoriteiten

Port-au-Prince - Op de filmschool Haiti Reporters vinden dagelijks verhitte debatten plaats over de nieuwe regering, de buitenlandse hulp en hoe iedereen het probleem van een half miljoen daklozen voor zich uitschuift. De studenten worden opgeleid in onderzoeksjournalistiek, een novum in Haïti.

Maar de camera richten op een autoriteit en een directe vraag stellen kost de meesten nog steeds moeite. In een land waar geen recht heerst, wordt angst gevoed van generatie op generatie. Men is vooral bang voor gezagsdragers - en hun onderwereld. In november werd in de stad Les Cayes een rechtszaak geopend tegen 34 politieagenten, aangeklaagd voor moord op twaalf of meer gevangenen. Het precieze aantal is niet bekend. Mensen verdwijnen. Driekwart van de gevangenisbevolking zit soms jarenlang in voorarrest. Autoriteiten probeerden de slachting te verdonkeremanen, maar The New York Times bracht de zaak aan het licht. Amerikaanse senatoren dreigden hulp aan Haïti te blokkeren als er geen onderzoek zou komen.

Een studentenequipe versloeg het proces. Hun reportages en artikelen werden gepubliceerd door Le Nouvelliste, de enige kwaliteitskrant. Maar de rest van de Haïtiaanse media maakte zelfs geen melding van de zaak. Gerda Leroi, een student, besloot vervolgens Richard Morse te interviewen. Morse, special envoy van president Martelly, was bij de opening van het proces en noemde het een historisch moment - Haïti was nu eindelijk een rechtsstaat.

Leroi: ‘Vanwaar het gebrek aan aandacht van de Haïtiaanse media?’ Morse: ‘Geld. Puur een kwestie van geld.’ De overheid had volgens hem journalisten een onkostenvergoeding moeten aanbieden. Leroi vraagt door. ‘Maar de staatstelevisie en Le Nouvelliste konden toch wel iemand sturen?’ Morse gaat er niet op in, al weet hij best waarom: journalisten vonden het te gevaarlijk. De rechter is inmiddels uit veiligheidsoverwegingen naar het buitenland vertrokken. Ook de procureur had gezegd met de dood bedreigd te worden.
Buitenlandse journalisten noemen hun Haïtiaanse collega’s vaak bangig en weinig ondernemend. Maar in een discussie met de studenten geeft Amélie Baron, correspondent voor de Franse televisie, toe: ‘Als ik hier bedreigd word, zit ik nog dezelfde dag in het vliegtuig.’

De democratie in Haïti wordt bewaakt door ruim tienduizend blauwhelmen. De internationale gemeenschap geeft miljarden uit aan humanitaire noodhulp. Maar een fatsoenlijk politieapparaat en een functionerende justitie lijken noch voor de regering, noch voor de buitenlandse organisaties prioriteit. Zo wordt de vrijheid van de pers beperkt en blijft iedereen bang.