Angsthazen

Waar blijven de protesten in de samenleving nu het pensioenoverleg is mislukt? Als er niks gebeurt staan jong en oud met lege handen.

Triomf van de angst heet het boek van de Franse politiek filosoof Dominique Moïsi die vorige week in Den Haag de Spinozalens kreeg voor zijn manier van denken over samenleving en ethiek. Twee dagen eerder klapte op steenworp afstand van de Nieuwe Kerk, waar de prijs werd uitgereikt, het jarenlange overleg tussen kabinet en polder over een pensioenakkoord. Triomf van de angst, zo zou je het mislukken van dat pensioenoverleg kunnen noemen. Met dank aan Moïsi.

Juryvoorzitter van de Spinozalens, de Belgische politicus Herman Van Rompuy, benadrukte in zijn speech dat Moïsi in zijn boeken laat zien dat in de politiek emoties een belangrijke rol spelen. Die emoties kunnen niet genegeerd worden, ze zijn belangrijk om de complexiteit van wat er gaande is in de samenleving en de politiek te begrijpen, vatte Van Rompuy Moïsi’s boodschap kort samen. Emoties over de pensioenen spelen al jaren een rol in en buiten Den Haag. Eerst was er de angst in de politiek en bij de werkgevers- en werknemersorganisaties – de polder – om de pensioengerechtigde leeftijd te verhogen om deze zo meer in overeenstemming te brengen met de langere levensverwachting van de gepensioneerden. Je wist immers maar nooit hoe de kiezers of de leden zouden reageren, lees: afhaken. Langer werken is niet voor iedereen een feest. Bovendien wordt de verhoging van de leeftijd ervaren als het afnemen van het recht om op 65-jarige leeftijd met pensioen te gaan. En een recht afnemen roept emoties op.

Nu die pensioenleeftijd een paar jaar geleden uiteindelijk toch is aangepakt gaat de verhoging voor sommigen te snel en met te grote stappen. Inmiddels is daar de angst voor een nieuw pensioenstelsel bij gekomen, een nieuw stelsel dat zich aanpast aan een veranderende arbeidsmarkt, waarin mensen vaker van baan veranderen, flexcontracten hebben of als zzp’er werken. Het is enerzijds de angst onder ouderen voor wat er gaat gebeuren met hun opgebouwde pensioenrechten als er iets verandert en anderzijds juist de angst bij jongeren en zzp’ers dat zij onvoldoende pensioenrechten kunnen opbouwen als er niks of te weinig verandert.

Door het mislukken van het pensioenoverleg laaiden de emoties op het Binnenhof extra hoog op. De SP wordt verweten de vakcentrale fnv te hebben gegijzeld. Dat SP-fractievoorzitter Lilian Marijnissen direct een filmpje klaar had staan toen de vakbonden uit het pensioenoverleg stapten, kon geen toeval zijn. Haar opmerking dat de Provinciale-Statenverkiezingen een referendum over het pensioen worden, viel in verkeerde aarde. Is dat niet het bewijs dat het de SP niet om de pensioenen gaat, maar om het dwarsbomen van dit kabinet? Omdat het kabinet daardoor na de Statenverkiezingen mogelijk in de Eerste Kamer zijn meerderheid verliest? Andersom kreeg het kabinet vanuit de oppositie het verwijt onvoldoende zekerheid en geld te bieden voor de modernisering van het pensioenstelsel.

Maar waar zijn de breedgedragen emoties in de samenleving nu dat overleg is mislukt? Want hoe je het ook wendt of keert, zowel werkenden als reeds gepensioneerden staan nu met lege handen. Als er niks gebeurt, zullen de ouderen in 2020 worden gekort op hun pensioen en zal de voorgenomen stijging van de aow-leeftijd tot en met 2022 gewoon doorgaan, en dus zeker niet teruggaan naar 65 jaar zoals de SP eist. Als er niks gebeurt, zullen de jongeren blijven bijdragen aan de pensioenen van de ouderen en zullen zzp’ers geen pensioen opbouwen, tenzij ze daar zelf voor sparen. Dus waar blijven de protesten, van jong en oud, in loondienst of zzp’er?

De angsthazerij van de vakbonden raakt velen en gijzelt de politiek

Een steekhoudende verklaring die ik daarvoor hoorde, is dat de discussie over een nieuw pensioenstelsel, over rekenrentes, individuele potjes, levensverwachting en noem maar op, gewoonweg veel te ingewikkeld is. Want wat zou je nou eigenlijk moeten eisen als je massaal zou willen optrekken naar het Malieveld?

Als het al zou lukken om massaal naar het Malieveld op te trekken. En dan bedoel ik echt met duizenden en duizenden mensen, tenslotte zijn alle Nederlanders bij deze pensioendiscussie betrokken. En dan ook graag jong en oud samen, en niet alleen de oudere vakbond-achterban. Want dat is het probleem dat een grote rol speelt in deze pensioendiscussie. De vakbonden hebben weinig draagvlak onder de werkenden, eigenlijk vooral alleen nog onder ouderen. Mede uit angst die leden ook nog tegen zich te keren hebben de bonden het niet aangedurfd hun handtekening te zetten onder een pensioenakkoord. Angsthazerij die velen raakt en die de politiek gijzelt.

We leven in een wankele transitieperiode, zei prijswinnaar Moïsi vorige week donderdag. Een tijd waarin de angst voor verlies een grote rol speelt. Hij had het vooral over geopolitiek, over de tanende macht van het Westen en de onzekerheid als gevolg daarvan in de Verenigde Staten en Europa.

Die transitie speelt ook een rol in het Nederlandse pensioenconflict. Een veranderende arbeidsmarkt, opkomende economieën, andere machtsverhoudingen in de polder en in Den Haag, samen voeren ze een complexe dans uit waarvan niemand de choreografie kent.

Moïsi ziet president Donald Trump als het gevolg van de ingrijpende veranderingen die gaande zijn. Dat roept de vraag op wat in Nederland de politieke gevolgen kunnen zijn van de angst. Niet om die angst aan te jagen, maar om te wijzen op de verantwoordelijkheid juist nu met elkaar in gesprek te blijven.

De rede die Dominique Moïsi hield bij het ontvangen van de Spinozalens staat op pagina 48