Anneke van Dok-van Weele

Zij is de meest onbekende Nederlandse staatssecretaris. Maar als zij een bewogen artikel schrijft in de gezaghebbende International Herald Tribune, valt zelfs haar eigen premier Kok haar af. Portret van Anneke van Dok-van Weele, staatssecretaresse in buitenlandse handel.

DE VOLKSKRANT schreef dat premier Kok PvdA-staatssecretaris Van Dok op het matje zal roepen, omdat hij zich heeft geërgerd aan een artikel dat zij in de International Herald Tribune heeft geschreven. Staatssecretaris Van Dok. Hebben wij een staatssecretaris Van Dok? Het dagblad Trouw schrijft haar naam tenminste voluit: Anneke van Dok-Van Weele, héél vaag rinkelt er ergens een belletje? Ben ik zo stom? Niet helemaal. Ook een internationale bankier die zich met de Benelux bezighoudt, heeft haar nog nooit ontmoet en nauwelijks van haar gehoord.

De meeste artikelen over haar beschrijven hoe zij zich héél stilletjes inwerkt, niet op de voorgrond treedt, niets van zich laat horen als daar om wordt gevraagd en niet voldoende met nota’s, visies en daadkrachtig beleid komt. En onlangs bleek uit een onderzoek van Binnenlands Bestuur dat zij van de 21 bewindslieden van het kabinet-Kok helemaal onderaan bungelt in de waardering van raadsleden en wethouders (Kok staat nummer 1).
Ze wordt voortdurend vergeleken met haar voorgangster als staatssecretaris op Economische Zaken, Yvonne van Rooy, de ‘heilige maagd van de exportbevordering’ en met, nog weer veel eerder, Frits Bolkestein, die van 1986 tot 1989 staatssecretaris was en die wèl de taal van het internationale bedrijfsleven wist te spreken. En zij wordt overschaduwd door haar eigen minister Wijers, die zich op Economische Zaken vanaf het eerste ogenblik geheel in zijn element voelt. Voor haar was het wennen, na een carrière van zestien jaar in het plaatselijk bestuur. Plotseling moest zij op reis, en kreeg van doen met lastige topambtenaren op Economische Zaken, waaronder de vreselijke Ad Geelhoed.
Ondernemers klagen over haar gebrek aan talenkennis, slechte dossierbeheersing en 'gebrek aan charisma’. Het is of alle kwalen van de Nederlandse economie aan haar te wijten zijn. Het gaat toch goed met onze export, verschrikkelijk goed? Maar die is wel eenzijdig, berust bijvoorbeeld voor een groot deel op - kwetsbare - landbouwprodukten. Kapitaalgoederen exporteren wij veel minder en dat wordt er de laatste tijd - met de afbraak van de scheepvaart en de sluiting van Fokker - niet beter op. Op de lange termijn kan dat onze exportpositie bedreigen.
Maar of je mevrouw Van Dok nu echt voor dat alles aansprakelijk kan stellen?
ZIJ WAS, volgens Vrij Nederland, blij als een kind toen zij voor het staatssecretarisschap werd gevraagd. Alleen was zij - en iedereen - verbaasd dat het niet Binnenlandse Zaken werd maar Buitenlandse Handel. Een cursus Engels bij de nonnetjes van Vught moest haar talenkennis bijspijkeren. Daar werd al onmiddellijk schamper over gedaan. Waarom eigenlijk? Bij haar aantreden in augustus 1994 verkondigde zij trots dat zij niet in een ivoren toren wilde werken, dat zij haar karakter niet zou verloochenen en evenmin haar rode afkomst. Moeilijk als je zo veel met het Nederlands bedrijfsleven te maken zult krijgen.
Anneke van Weele werd in 1947 in Zaandam geboren, in een echt PvdA-gezin. Zij deed de MMS en werkte vanaf 1968 eerst als journaliste bij De Typhoon en het Noordhollands Dagblad. Zij gold daar als ondernemend, maar een tikje slordig. Zij trouwde en kreeg twee kinderen. In 1978 werd zij lid van de gemeenteraad van Zwaag, natuurlijk voor de Partij van de Arbeid, en toen Zwaag in de gemeente Hoorn opging, werd zij daar wethouder van onderwijs en welzijn en al gauw loco-burgemeester. Zij solliciteerde, 'gewoon op een advertentie in de Staatscourant’, en werd in 1984 burgemeester van Diemen, volgens haar eigen zeggen omdat men daar een 'gewoon mens’ als burgemeester wilde. In 1990 stapte zij over naar Velsen.
Maar ze wilde hogerop en solliciteerde naar het burgemeesterschap van Amsterdam. Het lijkt alsof vrouwen voor die baan nooit kans maken, voor haar was het stapje ook wel erg groot geweest. Maar in de PvdA wist men nu dat zij in was voor een functie. Zij had als burgemeester met het bedrijfsleven te maken gehad en gold als een hartelijke, dynamische, communicatieve bestuurder.
Toch was niet iedereen daarvan overtuigd. Zijzelf beschreef in het Haarlems Dagblad in een soort dagboek een raar incident: 'De NRC had iemand, die ooit zeer kort met mij samenwerkte, bereid gevonden uit te spreken dat ik “bang en niet krachtig was”. Ik was giftig, want ik ben niet bang. Ik stapte naar de journalist toe en zei: “Ik ben niet bang en zeker voor u niet.” Had ik de verkeerde te pakken. Afijn, zal nog wel vaker gebeuren dat je kritiek krijgt die je zelf niet terecht vindt.’
Kritiek krijgt ze inderdaad veel. Legio zijn de verslagen van bezoeken aan buitenlandse handelspartners in spe waarbij meereizende ondernemers kankeren over haar slechte Engels, gebrek aan resultaten, vaagheid en onbeholpenheid. In China, Polen, Korea en Japan loopt het allemaal niet best. Als er in Japan belangstelling blijkt te bestaan voor onze eikehouten meubelen, juicht zij al.
In een Hollands Dagboek in NRC Handelsblad beschrijft zij hoe zij in Polen de verkeerde sloffen voor haar dochter Marieke koopt. En hoe zij zich enigszins vervreemd voelt: 'Ik heb plezier in mijn werk, maar toch mis ik af en toe mijn oude ploeg in Velsen, die mij als een vriendenkring omringde.’ Een goedwillend, gezellig en flink mens, zou je denken, maar Nederlandse ondernemers, topambtenaren en op resultaat gerichte buitenlandse politici schijnen dat niet te waarderen. Haar mengsel van huiselijkheid en idealisme lijkt niet op z'n plaats in ondernemersland waar een krachtig, zakelijk image en vormelijkheid noodzakelijk zijn - tot het op een drinken wordt gezet en het gekanker begint. Niet precies de plek waar het een vrouw gemakkelijk wordt gemaakt om te functioneren.
HET LEEK WAT beter te worden, maar toen zij onlangs met een delegatie in de Oekraïne was, werden in NRC Handelsblad alle oude klachten weer herhaald. Zelfs de vergelijking van de 'softe’ Anneke van Dok met de 'kenau’ Yvonne van Rooy. Nu wordt er geklaagd dat zij te veel geld aan drankjes uitgeeft. 'Maar hebben we de pootaardappelen dan niet binnengehaald?’ is haar eigen reactie. De ondernemers glimlachen zwijgend. Wat zeggen hun die aardappelen?
Het lijkt soms dat zij zich meer interesseert voor onderwerpen die in de buurt van de ontwikkelingssamenwerking liggen, de hervorming van de Unctad bijvoorbeeld of de faciliteiten voor de armste landen om zonder invoerrechten te kunnen exporteren. Tijdens de eerste conferentie van de nieuwe Wereldhandelsorganisatie WTO (de voortzetting van het vroegere westerse GATT-clubje) in Singapore loopt zij daarvoor de benen uit haar lijf en is erg blij als zij steun krijgt van de Europese Unie en uiteindelijk een zeer vage verwijzing in de slotverklaring. Het is werkelijk heel ander werk dan de concrete problemen tijdens haar burgemeestersspreekuur in Velsen.
En dan heeft zij nog te kampen met een heuse oppositie. CDA-kamerlid Gerd van Leers volgt haar als een dreigende schaduw en stelt elke misstap van haar aan de kaak, met kamervragen, persverklaringen en recentelijk zelfs een open brief aan de vaste kamercommissie over alles waarin de staatssecretaris volgens hem verstek laat gaan. Hij wordt daarbij gesteund door het bedrijfsleven, maar lijkt soms in een komische worsteling met de staatssecretaris gewikkeld. Zij komt in het nieuws als hij een relletje tegen haar probeert te schoppen. Hij haalt De Telegraaf als hij weer eens kritiek op haar heeft. Dat beseft hij zelf ook wel, dus herhaalt hij uitentreuren dat het hem echt niet om 'de man’ gaat, maar om de zaken. 'Het lijkt me een ontzettend aardig mens, goedwillend, aandoenlijk zelfs, maar zij kan het jammer genoeg niet.’
Toch kon hij het weer niet laten, toen op 1 juli het stuk van Anneke van Dok in de Herald Tribune (U.S. Should Quit Bossing Its Friends) verscheen, waarin zij het opnam voor Cuba, dat volgens haar allang gedemocratiseerd zou zijn als de Amerikanen hun boycot zouden opheffen. Bovendien vindt zij dat de World Trade Organisation in gevaar wordt gebracht als de Verenigde Staten sancties willen uitoefenen op Europese bedrijven die in Cuba investeren.
Het zijn eigenlijk standpunten waarmee alle Europese regeringen het eens zijn, maar de kamervragen van Leers wisten de altijd zo onverstoorbare Kok toch tot een geïrriteerde reactie te verleiden. Anneke van Dok had Clinton geen 'gebrek aan leiderschap’ mogen verwijten.
GELUKKIG MELDT de krant deze week dat Anneke van Dok er in is geslaagd de enorme administratieve papierwinkel waardoor ondernemers worden geplaagd aanmerkelijk te reduceren. Ook de jaarlijkse 'meitelling’ waarbij de boeren precies moeten vertellen wat zij gezaaid en op stal hebben, is afgeschaft. Zal de staatssecretaris eindelijk eens waardering krijgen van de ondernemers voor wie zij zo graag wil opkomen?