Interview Andrew Sullivan

‘Anti-Trump zijn is niet genoeg’

Het succes van een demagoog als Donald Trump is het gevolg van het falen van de elite, zowel links als rechts, meent de Brits-Amerikaanse schrijver en essayist Andrew Sullivan. ‘Amerika is op weg naar autocratie.’

Medium nn11509118
Chapmanville, West Virginia © Peter van Agtmael

Direct nadat we zijn gaan zitten, grote bekers koffie in de hand, verraadt de politiek commentator Andrew Sullivan zijn achtergrond. Een karig zonnetje vecht tegen de gestaag oprukkende herfst hier in Washington DC, en hij vindt het een beetje ‘nippy’ op het terras. Een Amerikaan had ‘cold’ gezegd, ‘chilly’ misschien. Maar Sullivan kiest een woord dat alleen volbloed Britten zouden gebruiken. Hij heeft weliswaar enige tijd geleden de Amerikaanse nationaliteit aangenomen, maar een vleug van de cultuur van de Britse eilanden is bij Sullivan constant voelbaar.

Andrew Sullivan – truckersjack, korte baard, gedrongen postuur – werd Amerikaan op 1 december 2016, 32 jaar nadat hij de oversteek maakte. Het was voor een deel een overwinning op een onbarmhartig systeem. Hij is hiv-positief en mocht zich daarom lange tijd niet permanent in de Verenigde Staten vestigen. De wet die dat verhinderde werd in 2009 opgeheven. Naturalisatie was tevens een natuurlijke bekrachtiging van zijn verbintenis met dit land. In de jaren negentig was hij hoofdredacteur van het weekblad The New Republic. Hij schreef voor The Atlantic, runde tot 2015 een veelgelezen blog genaamd The Daily Dish en is sinds een tijd onder dak bij New York Magazine.

Zijn recente essays en columns staan in het teken van de ontzetting en ergernis over de politieke ommekeer die Amerika doormaakte kort voordat het Sullivan als een van zijn staatsburgers verwelkomde. Sullivan is een conservatief (en rooms-katholiek, en homoseksueel), maar de overwinning van Donald Trump sloeg hem koud om het hart. ‘Ik ben zonder overdrijving daarna een tijd klinisch depressief geweest’, zegt Sullivan. ‘Oké, ik ben een pessimist die al snel van het zwartste scenario uitgaat, en ook een drama queen, maar wat er nu in Amerika gebeurt is een nachtmerriescenario. In al die jaren hier heb ik dit nog nooit zo intens gevoeld. Het land is koortsig van emotie en wederzijds wantrouwen.’ Hij zucht. ‘En we zijn pas negen maanden bezig.’

De denker heeft zijn term voor het huidige politieke klimaat in de Verenigde Staten onlangs gevonden: tribalisme. ‘Amerika is uiteengevallen in twee stammen getekend door wederzijds onbegrip en wederzijdse haat die hun liefde voor het land verdringen’, schrijft Sullivan in een recent essay getiteld Can Democracy Survive Tribalism? ‘Beide partijen bekijken de actualiteit niet vanuit de vraag wat goed is voor het land, maar vanuit de vraag wat goed is voor henzelf.’

De twee stammen waar Andrew Sullivan het over heeft domineren ieder één van de grote partijen. Maar de tegenstelling gaat verder dan Republikein versus Democraat. ‘De ene stam omvat het grootste deel van de gekleurde minderheden, de andere is disproportioneel wit’, schrijft Sullivan. ‘De ene woont aan de kusten en in de steden en de andere is verspreid over de buitengebieden. De ene is in toenemende mate minachtend over religie in het algemeen, de andere houdt vast aan traditioneel geloof. De ene groep heeft in toenemende mate een mondiale blik, de andere is diep nationalistisch. Het gevaarlijke is: ze groeien steeds meer uit elkaar.’

Beide stammen dragen volgens Sullivan de verantwoordelijkheid voor de toenemende polarisatie, al is hij het meest kritisch over het Republikeinse deel. ‘Die partij is volledig getransformeerd van een onderdak voor verschillende conservatieve stromingen naar een vehikel voor wit nationalisme en autocratische politiek. De gematigde Republikeinen zijn nagenoeg allemaal verdwenen of overgestapt naar de extreme lijn van Trump. Er is niet veel over, behalve retoriek tegen immigratie, tegen internationale samenwerking en tegen de Democraten. Een groot deel lijkt het oké te vinden als een Amerikaanse leider openlijk Rusland aanmoedigt zich in de verkiezingen te mengen. Zo ver is het tribalisme ingesleten. Liever met een buitenlandse macht zaken doen dan met de andere partij.’

Het probleem is volgens Sullivan dat de rivaliserende stam in feite op z’n rug ligt. ‘De Democraten zijn nutteloos. Het hele land glipt ze door de vingers. Ze hebben een minderheid in de Senaat en in het Huis van Afgevaardigden, ze staan er wankel voor in veel staten. Het probleem met de Democraten is dat ze geen serieuze strategie hebben om de macht te veroveren. Hun achterban kiest de rol van slachtoffer van Trumps agressieve politiek. Alsof dat nobeler is dan proberen verkiezingen te winnen en het land te besturen. Ze rekenen volledig op anti-Trump-gevoelens om er weer bovenop te komen, maar dat is niet genoeg. Clinton deed dat in 2016 en verloor.’

Hillary Clinton was een fatale keuze voor progressief Amerika, meent Sullivan. ‘De Democraten zijn ingehaald door rechts in de strijd om de witte werkende klasse. Clinton had voornamelijk minachting voor dat deel van Amerika. Als je leider van dit land wil worden kun je het niet maken om een kwart van het electoraat als een verloren zaak te bestempelen. Ik houd Barack Obama hier deels voor verantwoordelijk. Obama was een genie, in alle opzichten een persoon van uitzonderlijke klasse. Maar onder zijn presidentschap heeft de partij onvoldoende nagedacht over wat daarna zou komen.’

De partij straalde succes uit dankzij Obama’s charismatische leiderschap en organisatorische talent, maar daaronder gebeurde weinig, is de slotsom van Sullivan. ‘Er stond geen nieuwe generatie op. In plaats daarvan kwam Clinton naar voren. De partij-elite wilde per se na de eerste zwarte president de eerste vrouw in die functie. Die superieure moraal maakte dat de Democraten de rest van de agenda hebben verwaarloosd. Begrijp me goed, Trump gaat in tegen alles wat ik ten diepste koester, maar je moet de verweesde witte arbeidersklasse aanspreken. Met Clinton deden de Democraten dat niet.’

‘In al die jaren hier heb ik dit nog nooit zo intens gevoeld. Het land is koortsig van emotie en wederzijds wantrouwen’

Sullivan is weinig lovend over hoe het verzet tegen Donald Trump gestalte krijgt. ‘Een van de eerste protesten was de Women’s March. De helft van de vrouwen heeft verdorie op Trump gestemd, maar deze progressieve groep denkt namens alle vrouwen te spreken. Dan krimp ik in elkaar. Ik zie een rare combinatie van identiteitspolitiek, narcisme en slachtofferschap. Daar win je de volgende verkiezingen niet mee.’

Identiteitspolitiek is de progressieve bijdrage aan het tribalisme, meent Sullivan, en daarmee bewijst ook dat kamp de democratie geen dienst. Die redenering deelt hij met veel conservatieven. De cultuur op de universiteiten is medeverantwoordelijk. ‘Het intellectuele verzet tegen rechts Amerika komt van universiteiten die Foucault en Marcuse onderwijzen en waar ras en gender het denken in termen van plaats en klasse hebben vervangen. Onder jongere professoren is een dertigtal links tegenover één rechts type. Dan groeien de verhoudingen scheef. Je moet ieders ideeën ruimte geven op die universiteit. Anders vormt de universiteit geen basis voor een evenwichtige liberale democratie.’

Small 01 andrew sullivan.w190.h190.2x

Van de tegenwerping dat het wat vergezocht is om de syllabus van de faculteit geesteswetenschappen tot oorzaak van een ontspoorde samenleving te bestempelen wil Sullivan niks weten. ‘Natuurlijk zijn het een paar elite-universiteiten, maar dat is wel de plek waar de elite van het land gevormd wordt. Het probleem is dat universiteiten geen werkelijke hechting aan het Amerikaanse project aanmoedigen. Wat studenten leren is dat Amerika in wezen draait om het uitbuiten van gekleurde mensen. Daarom is de aanval geopend op de standbeelden, niet alleen die van Robert E. Lee, maar ook die van George Washington. Dat is de dominante linkse positie nu: Amerika als kwaadaardig pact. Wat ik mis is het klassiek liberaal-linkse tegengeluid in het debat.’

Andrew Sullivan maakt zich grote zorgen over het succes van de boodschap dat er iets fundamenteel mis is met de Verenigde Staten zelf. ‘Het idee dat we niet in een republiek leven met witte inwoners, maar met witte supremacisten. Ta-Nehisi Coates geldt als een van de meest invloedrijke denkers op dit moment. Zijn standpunt is dat Amerika in zijn kern racistisch is en dat dat nooit zal veranderen, ook niet via stemmen en verkiezingen. Als je dat denkt is alleen gewelddadige omverwerping nog een optie.’

En dat is te radicaal?

‘Het is belachelijk. Zeggen dat Amerika nooit verandert is zeggen dat de burgerrechtenbeweging geen enkel resultaat heeft geboekt, dat er geen Obama is geweest.’

Welke les biedt de tribalsering van de VS voor de linkse elite?

‘De noodzaak van een zeer linkse agenda voor de werkende klasse. Met alleen identiteitspolitiek kom je er niet. Het gaat om banen, infrastructuur, hogere belasting voor de rijken. Dat laatste zou ik niet eens links meer willen noemen. Het is gewoon nodig voor de hernieuwing van het sociaal contract tussen alle burgers in een samenleving. En links moet een antwoord vinden op de zorgen over migratie. Ook dat onderwerp was een blinde vlek van Obama.’

‘De media worden diep gewantrouwd. Er bestaat in feite geen algemeen geaccepteerde waarheid meer in dit land’

Waar begint dat antwoord?

‘Hun huidige antwoord op migratie is vooral anti-Trump zijn. Maar dat is geen inhoudelijk standpunt. Trump zegt: zonder grenzen geen land. Hij raakt daar een fundamentele psychologie van mensen die menen dat hun land verandert ten opzichte van wat ze kennen. Het percentage inwoners van Amerika dat elders is geboren is sinds begin vorige eeuw niet zo hoog geweest. Dit land is een wonder als het gaat om hoe mensen met verschillende achtergronden samenleven. De dynamiek die dat meebrengt is de reden dat ik hier naartoe kwam. Maar het tempo van verandering is voor sommigen nu te hoog, vooral omdat het gecombineerd is met een grote economische transformatie. Lange tijd heeft niemand de zorgen daarover willen horen, de Republikeinse elite net zo min als de Democratische. Trump deed dat wel. Wie wil winnen, moet die onrust adresseren.’

Met andere woorden: de ‘white working class’ heeft gelijk?

‘Ten dele wel. Ze waren ooit geprivilegieerd, zeker in het Amerika dat na de Tweede Wereldoorlog als industriële macht de wereld kon domineren. Maar nu moet deze groep zich verhouden tot een wereld waarin dat niet langer het geval is. Wat ze niet snappen is waarom de elites een regime hebben opgetuigd van open grenzen en vrije handel die hun positie ondermijnt. Wat er verkeerd gaat is dat deze groep wordt bestempeld als racisten. Dat is te simpel. Ze hebben ook bijgedragen aan twee keer de overwinning van een zwarte president. Door een combinatie van globalisering en technologische verandering zijn hun vooruitzichten grimmig geworden. In dit land heerst een epidemie van opiatenverslaving. Dat is een reactie op een reëel gevoel van verlies, op psychische pijn.’

Ondertussen trekt de Amerikaanse economie behoorlijk aan.

‘Dat is het verbazingwekkende. Het herstel is al een paar jaar aan de gang. En dus moet je concluderen dat het óók over cultuur gaat, in combinatie met economische stress. De middenklasse en de groep daaronder maken zich zorgen dat hun kinderen het minder goed zullen hebben, ook als het gaat om betekenisgeving. Hoe haal je betekenis uit het werken in een distributiecentrum van Amazon? Amerika maakt een behoorlijke identiteitscrisis door. Dit is een relatief nieuw land, en veel steden zijn gebouwd rondom industrieën die nu zijn verdwenen. Dat raakt in het bijzonder laagopgeleide mannen die met hun werk ook een deel van hun eigenwaarde en hun rol in de samenleving kwijtraken.’

Als wa s het om de ernst van zijn betoog te onderstrepen, razen er brandweerwagens met loeiende sirenes langs het terras. Beide stammen moeten uit de loopgraven komen, wil de democratie een toekomst hebben, zegt Sullivan. ‘Politiek, in de Verenigde Staten zowel als in Europa, functioneert alleen als er een kalme, conservatieve reactie komt op al deze zorgen over migratie en werk. Maar dat kan niet zonder gematigd progressief antwoord dat ook begripvol staat tegenover deze sentimenten en tegelijk een verhaal vertelt over hoe een natie uit meerderen één kan zijn. Dat is gezonde politiek. Maar de trend is tribalisme met wit nationalisme aan de ene kant en aan de andere kant een links dat kiest voor identiteitspolitiek. Tot nu is het voornaamste antwoord van de Democraten op Trump dat Amerika racistisch is. Op die manier doorgaan vergroot zijn kansen op een tweede termijn.’

Tenzij er iets onverwachts gebeurt. De Rusland-onderzoeken die belastend bewijs naar boven brengen, bijvoorbeeld.

‘Ik twijfel. Het probleem met Trump is, vrees ik, dat hij niet zal opstappen. Richard Nixon deed dat wél, na Watergate, op aandringen van de partij. Maar van Donald Trump verwacht ik dat niet. De Republikeinse Partij heeft zichzelf rondom hem gereorganiseerd. De media worden diep gewantrouwd. Er bestaat in feite geen algemeen geaccepteerde waarheid meer in dit land. De ambtenarij, nog een kritieke neutrale kracht, heeft actief geprobeerd om dit presidentschap te saboteren door ongekend veel informatie te lekken. Wellicht in naam van de liberale democratie, maar daarmee verzwak je uiteindelijk je neutrale positie. Mijn punt is: er zijn geen instituties waarvan Trump vindt dat hij er verantwoording tegenover moet afleggen, inclusief de rechterlijke macht. Daarmee is Amerika in feite op weg naar autocratie. Er wordt mij soms hysterie verweten, maar ik ben liever hysterisch en heb ongelijk dan dat ik meebuigend ben en het gevaar voor de Amerikaanse democratie onderschat.’

Amerika is een jong land, zei u. Misschien is dit zijn puberteit, waarin het vooral om je afzetten draait.

‘Misschien. Maar adolescentie is ook een riskante periode, waarin mensen allerlei gekke dingen doen. Inclusief zelfmoord plegen.’