Antisemitisme(5) natuur letterbarbaar

Het feit dat ik voor de Humanistische Omroep Stichting vier jaar geleden een serie radiouitzendingen heb gemaakt over de oorzaken van de terreur die de staat Israel in de bezette gebieden uitoefende, heeft Philo Bregstein ertoe gebracht mij onder te brengen in de categorie antisemiet (De Groene van 20 april). Hij schrijft: ‘Zo sprak Stan van Houcke, journalist van het Humanistisch Verbond, in 1990 tijdens een radiouitzending van een Israelische “genocide tegen de Palestijnen” en kon hij ongestraft verklaren dat “racisme in Israel geen toevallig verschijnsel is”.

De joodse religie ziet het bloed als de ziel van de mens en maakt onderscheid tussen superieur en inferieur bloed.’
Nu de werkelijkheid. Allereerst ben ik geen journalist van het Humanistisch Verbond, maar freelance journalist die soms voor de Humanistische Omroep Stichting werkt. Ernstiger is dat het lijkt alsof ik word geciteerd, terwijl het gaat om citaten van joodse Israeli’s die kritisch staan tegenover de Israelische staatsterreur in de bezette gebieden. Tenminste vier uur lang heb ik deze mensen, onder wie de schrijvers Amos Oz en Abraham Yehoshua, aan het woord gelaten, om daarmee aan te tonen dat Israel geen monolitisch geheel is, maar dank zij deze humanitair bewogen mensen nog altijd een democratische rechtsstaat is. De bewuste citaten zijn afkomstig van achtereenvolgens Yael Oren, Oprichtster van de Vrouwen Organisatie voor Politieke Gevangenen die zich tot doel heeft gesteld de schending van de mensenrechten van Palestijnse en joods-Israelische vrouwelijke gevangenen aan de kaak te stellen en van Isaac Hasson, voorzitter van de Israelische Seculiere Humanistische Associatie, die overigens verkeerd en volstrekt uit zijn verband door Bregstein wordt geciteerd.
Wie wil weten wat er allemaal ‘ongestraft’ in deze uitzendingen is gezegd, wende zich tot de Humanistische Omroep Stichting te Hilversum. Kopieen van de banden zijn nog immer beschikbaar, ook voor de heer Bregstein. Overigens, de hele ranzige teneur van 'We gaan op jodenjacht, antisemitisme in Nederland, 1945-1993’, waarbij toch impliciet de Holocaust op de achtergrond doemt, deed me denken aan een opmerking van Nahum Goldman, van 1955 tot 1968 president van de World Zionist Organisation. Hij zei: 'We zullen moeten begrijpen dat het joodse lijden tijdens de Holocaust niet langer meer als verdediging zal dienen, en we zullen zeker moeten nalaten de Holocaust als argument te gebruiken om wat we ook mogen doen, te rechtvaardigen. De Holocaust gebruiken als een excuus voor bijvoorbeeld het bombarderen van Libanon (…) is een soort “ontheiliging”, een banaliseren van de onschendbare tragedie van de Holocaust, die niet misbruikt moet worden om een politiek twijfelachtig en moreel onverdedigbaar beleid te rechtvaardigen.’ Hij zei dat in 1981 en gelijk had-ie. Vandaar ook de uitzendingen voor de Humanistische Omroep Stichting onder de titel Het andere Israel waarin de andere kant van Israel aan het woord kwam, de verlichte, humanitaire kant die zich keert tegen de repressie en opkomt voor de menselijke waardigheid. Dat dit tegen het zere been van Philo Bregstein is, het zij zo.
Amsterdam, STAN VAN HOUCKE
De cultuurantropologische diagnose in het essay van Ton Lemaire in De Groene van 11 mei is sympathieker dan superieur eurocentrisme en christelijk fundamentalisme. Maar het medicijn dat deze cultuurarts ons voorschrijft zou wel eens een placebo kunnen zijn, als het niet al kwalijker is dan de ziekte. Lemaire schrijft de terugkeer naar het archaische en de natuur voor. Dat lijkt mij een antropologische drogreden, gebaseerd op het idee van de 'nobele wilde’. Het archaische en de natuur vormen geen intrinsiek goede waarden. De primitieve mens is immers ook een stamleider en een krijgsheer. Ik constateer dat in deze dagen ook nog in Ruanda, Somalie, Bosnie en Magdenburg. Roggel, JOHAN GUBBELS
Letterbarbaar Groene, wat maak je me nou? Een ietsje anders, zeg je? De mooie, rationele, heldere schreefloze verwisselen voor zo'n zelfvoldane streepjespakken-Times? Wie dat 'ietsje anders’ noemt is een letterbarbaar, of een benauwde verkoper die hoopt dat zijn klant de namaak pikt.
Waarom in godsnaam de opmaak enten op de Sunday Review? Straks ook de inhoud? De Groene pronkt met andermans veren en loopt ermee voor gek. Smakeloos, die lappen van rammelende koppen, die panoramische foto’s. Zeker niet 'toegankelijker’. Ik wil de Groene-opmaak terug. Amsterdam, F.M.A. VAN DER WIEL