Antonia in oscarland

De Nederlandse filmcritici reageerden schokschouderend op de Oscar voor ‘Antonia’. Wat, zo vraag je je af, vonden de Amerikaanse critici er dan van? ‘Heerlijk aards, grappig, sexy, mooi, teder, hartig, poetisch, eigenzinnig, humoristisch.’ Toe maar. Wat bezielt de Amerikanen?
WAT HEBBEN de Amerikanen in Antonia gezien? In eigen land werd Marleen Gorris’ feministische familiekroniek eerder lauw onthaald, maar in de Vrenigde Staten oogstte de film lovende kritieken en tal van prijzen, waaronder de mooiste van allemaal. Voor Gorris is het ‘een sprookje dat werkelijkheid wordt’. Maar waar gaat dat sprookje eigenlijk over?

Franse filmcritici beweren dat Hollywood zich bezondigt aan crypto-protectionisme door de Oscar voor de beste buitenlandse film steevast toe te kennen aan een middelmatig werk. Hun theorie is natuurlijk geinspireerd door gekwetste eigendunk - de Oscar gaat namelijk zelden naar een Franse film. In de bekroning van Antonia zullen ze haar wellicht opnieuw bevestigd vinden. Het zwakke punt van die theorie is echter dat ze veronderstelt dat de andere Oscars naar de beste Amerikaanse films gaan. Maar zoals de keuze van dit jaar (vijf Oscars voor Mel Gibsons clichematige epos Braveheart) illustreert, is dat lang niet altijd het geval.
Braveheart en andere Amerikaanse Oscarwinnaars zijn wel altijd kassakrakers. Antonia kan dat nooit worden, zegt een Amerikaanse vriend van mij, die met veel moeite de film uitkeek. ‘Te traag, te Euro pees, te lang, te weinig actie’, luidt zijn vonnis.
Misschien. Maar voorlopig profiteert Antonia volop van het Oscar-effect. Voor hij de prijs kreeg, speelde de film slechts in een zaaltje ergens in de Newyorkse agglomeratie. Nu draait hij in acht bioscopen. Toen we het afgelopen weekend naar een vroege vertoning gingen, zat de zaal stampvol. Bijna iedereen bleef tot het einde en na afloop was er zelfs een bescheiden applausje. De kritieken zijn bijna unaniem lovend. 'Heerlijk aards, grappig en sexy’, schrijft Ken Tucker in Entertainment Weekly. 'Mooi, teder, hartig, poetisch, eigenzinnig, humoristisch en toch ontroerend in zijn elegische stemmingen’, jubelt Kevin Thomas in de Los Angeles Times. 'Mag niet gemist worden’, vindt Larry Shubert in Detour Magazine. Enzovoort.
Het compliment dat me het meest verbaasde, kwam van Larry Worth in de New York Post, die Gorris prees voor het creeren van twintig 'clichevrije personages’. Pardon? Je kan desgewenst vele kwaliteiten vinden in Antonia, maar clichevrije persona ges? De edelmoedige matriarch, de hypocriete pastoor, de hatelijke verkrachter, de dorpsidioot, de vrouw die naar de maan huilt, het in zichzelf gekeerde wonderkind, de brallende student, de sombere boekenwurm, de stugge maar brave boer… de film bevat niet een personage dat meer om het lijf heeft dan cliches. Gorris doet niet eens een poging om haar kartonnen figuren vlees en bloed te geven. 'Het is een film over ideeen’, zegt ze, 'niet een psychologisch verhaal.’ Dat is een benadering waar ik open voor sta, maar toch zijn de sterkste momenten van de film voor mij die waarin de innerlijke uitstraling van klasse-acteurs zoals Van Ammelrooy en Decleir de armoede van het script overstijgt.
ALS JE ECHTER ziet welke films kassakrakers worden, kun je moeilijk concluderen dat cliches een commerciele handicap zijn. Integendeel. Het is juist omdat Antonia zo eendimensionaal is, dat hij hier goed in de markt ligt. Antonia heeft alles wat Amerikanen van een buitenlandse film verwachten. Een exotisch dorpje vol gekke, makkelijk herkenbare figuren. Beetje seks, beetje geweld, mooie zonsondergangen. Grappig, genereus, sprookjesachtig sfeertje. Hapklaar. Licht verteerbaar. Gene Siskel en Roger Ebert, veruit de invloedrijkste filmcritici van het land, bespraken Antonia in hun tv-show als volgt:
Siskel: 'Antonia is het soort kleurrijke, mythische verhaal dat Hollywood tegenwoordig nooit maakt, een film die z'n aandacht niet richt op de recette maar op de geest die een land na de oorlog hielp heropbouwen. Antonia is zeer goed amusement.’
Ebert: 'Tsjonge nou, dat was het zeker! Ik had echt het gevoel dat ik in de loop van de film de mensen van dat dorp leerde kennen. Ik wist dat als je de straat uitwandelde…’
Siskel: 'Juist.’
Ebert: ’…en de hoek omsloeg…’
Siskel: 'Da’s altijd een goede test.’
Ebert: “…dat je dan Kromme Vinger tegenkomt, dat is de geleerde, of een van de andere figuren. En het was bijna als het Hollandse magisch realisme.’
Siskel: 'Precies.’
Ebert: 'Het was bijna zoals een van die Zuidamerikaanse films door de manier waarop die heerlijke mensen die uitgebreide familie vormen, en de tafel waaraan ze hun gemeenschappelijke maaltijden houden, een tafel die langer en langer wordt zolang ze zwervers blijven opnemen en er steeds meer kinderen aanschuiven die de hoop vergroten, enzovoort, gewoon heerlijk was dat.’
Siskel: 'Kijk nou even naar de sensibiliteit die zo'n film heeft. Het is een film die in Hollywood verworpen zou worden, want daar vragen ze zich almaar af: zullen mensen het wel begrijpen dat die figuren zo vreemd en raar zijn? In plaats van open te staan voor de kleurigheid van…’
Ebert: 'Ja.’
Siskel: ’…volksverhalen. Weet je, ik wou echt dat op de een of andere manier… ik wou dat we de mentaliteit waarmee dit soort films wordt gemaakt, konden transporteren naar Hollywood.’
DE MEESTE AMERIKAANSE filmcritici lijken zich niet bewust van Gorris’ eerdere, vaak voor 'manvijandig’ versleten werk (De stilte rond Christine M., Gebroken spiegels). Degenen die dat wel zijn, stellen hun lezers gerust: ’ ’'Antonia” is heel anders’, schrijft Ingrid Abramovitch in de New York Times. 'Het is duidelijk een feministisch werk. Maar het is vrij van de razernij die Gorris’ eerdere scenario’s kenmerkte.’
'Gorris heeft haar polemische geweld getemperd’, stelt Andrew Sarris in de New Yorker, 'in tegenstelling tot haar eerste film, is “Antonia” een warme, levenbevestigende ervaring. (…) Wat “Antonia” onderscheidt van haar Amerikaanse feministische tegenhangers, is een nadruk op creatie eerder dan destructie. Er zijn enkele goedkope uithalen naar de mannen, maar niet veel.’
Maar terwijl een aantal filmcritici zich verheugd tonen dat Gorris blijkbaar met de jaren milder is geworden, wijst Ruby Rich er in de Village Voice op dat ze haar vier films rond dezelfde tijd concipieerde maar door het frustrerende zoeken naar geld twee decennia nodig had om ze alle vier te realiseren. Het uitstel heeft misschien wel in Antonia’s voordeel gewerkt, meent Rich. 'In de jaren tachtig zou de film misschien wel afgeschreven zijn als dom utopisch, maar nu, in de grimmige jaren negentig, komt het optimisme en de generositeit van de film over als verfrissend renoiresk. Zoals Gorris uitlegt: dit is een fabel.’
De 'grimmige jaren negentig’, inderdaad. Misschien ook daarom dat Siskel en Ebert zo nostalgisch doen over 'de geest die een land na de oorlog hielp heropbouwen’. (Laat ik het maar bekennen, mij was het volkomen ontgaan dat de film daarover ging.) Misschien ook daarom dat Mel Gibson in Braveheart naar de middeleeuwen is gevlucht. In deze grimmige tijden moeten films meer dan ooit een honger naar ontsnapping bevredigen. En er zijn slechtere plaatsen om naar te ontsnappen dan Antonia’s feministische fabeltjesland.