Mark Rutte werd naar de Tweede Kamer geroepen om zich te verantwoorden over wat ‘Nokiagate’ is gaan heten. © Martijn Beekman / ANP

‘Hoe belangrijk vind je het dan om intrinsiek echt verantwoording af te leggen over wat je doet?’ vroeg Charles Jeurgens, hoogleraar archiefwetenschap aan de Universiteit van Amsterdam, zich vorig jaar hardop af in gesprek met De Groene toen de Rutte-doctrine ter sprake kwam. Een premier die zijn ministerie leidt door zo min mogelijk te documenteren legitimeert een verkeerde manier van werken, vond hij. ‘Wanneer je besluit iets níet vast te leggen is dat een bewuste actie.’

Jeurgens waarschuwde dat er een verkeerde ‘informatiecultuur’ bij de overheid was ontstaan met archivering als ‘ondergeschoven kindje’. Dat breekt je op wanneer je tot een reconstructie wil komen in het verantwoordingsproces van bijvoorbeeld een toekomstige parlementaire enquête over de coronacrisis, maar het veroorzaakt ook ongelukken aan de voorkant, benadrukte hij, want ‘overheden functioneren bij de gratie van goede informatie’.

De waarschuwingen van Jeurgens kunnen inmiddels als genegeerd worden beschouwd, zo bleek afgelopen week toen Mark Rutte naar de Tweede Kamer werd geroepen om zich te verantwoorden over wat ‘Nokiagate’ is gaan heten. Rutte – ter plekke door PVV-leider Geert Wilders omgedoopt tot de ‘politieke Bermudadriehoek’ – heeft jarenlang handmatig sms’jes verwijderd die onder de archiveringswet vielen, bleek woensdag uit een artikel van de Volkskrant. Rutte maakte zelf de afweging welke sms’jes archiefwaardig waren, alle ‘belangrijke berichtjes’ stuurde hij door naar zijn ambtenaren.

Hoe kan de Kamer ‘de macht’ controleren als de premier op eigen houtje bepaalt wat wél en wat níet het delen waard is, vroeg de voltallige oppositie zich af. ‘Zo gaan we het toeslagenschandaal opnieuw niet voorkomen’, zei GroenLinks-leider Jesse Klaver.

Na afloop van het gesprek vorig jaar zond Jeurgens nog een drietal pagina’s na, vol met overheidsrampen waar gebrekkige informatievoorziening een significante rol had gespeeld: van de commissies over Poch, ICT-projecten bij de overheid, woningcorporaties, geweld in de jeugdzorg én de toeslagenaffaire. Een kleine bloemlezing uit de bijgaande rapporten: de overheid heeft een ‘puberbrein’. Er is sprake van ‘de dementerende overheid’. En ‘de 21ste eeuw dreigt de slechtst gedocumenteerde ooit te worden’.

Al deze rapporten stuitten op een gebrekkige informatiehuishouding als medeveroorzaker van de problemen en ook de parlementaire ondervragingscommissie die zich boog over de toeslagenaffaire kwam in het rapport Ongekend onrecht tot de conclusie dat ‘achter de gebrekkige informatievoorziening een tekortschietende informatiehuishouding schuilgaat’. Dat staat goed functioneren van de ministeries in de weg, aldus de commissie.

De toeslagenaffaire zou met omwegen uiteindelijk ontaarden in het nachtelijke ‘functie-elders’-debat en het debat van afgelopen donderdag deed denken aan een light-versie hiervan, met een groot verschil: Rutte liet deze keer niet zijn gebruikelijke deemoedige kant zien wanneer er werd ingehakt op zijn nieuwe-oude-bestuurscultuur. Hij had besloten er ‘vandaag eens flink tegenin te gaan’, zei hij, want wie ‘de bal kaatst kan hem terugverwachten’.

Hij zei namens een breder sentiment te spreken in het kabinet dat het zat is bij voorbaat met scepsis en wantrouwen in het parlement te worden ontvangen en beet SP-leider Lilian Marijnissen toe dat ‘vertrouwen in de politiek een gezamenlijke verantwoordelijkheid is’, niet alleen die van het kabinet of van hem alleen, zoals zij hem verweet.

‘Stuitend’ en ‘de arrogantie van de macht’, aldus Marijnissen, maar wat zij en de rest van de oppositie soms lijken te vergeten is dat ook zíj ‘de macht’ zijn. Zo bleek uit een reconstructie van Tom-Jan Meeus in NRC dat SP-Kamerlid Renske Leijten haar macht had aangewend om een debat te voorkomen over een rapport van de parlementaire commissie uitvoeringsorganisaties, waarin kritische noten werden gekraakt over onder meer de rol van de Kamer. Leijten zei ‘niet echt de meerwaarde te zien’ van zo’n debat, want ze voelde zich niet aangesproken door de conclusie van het rapport.

‘Als je altijd van kwade trouw uitgaat, dan werkt het systeem niet meer’, zei SGP-leider Kees van der Staaij aan het eind van het debat op donderdag. Van der Staaij tekende als voorzitter van de commissie ‘versterking functies Tweede Kamer’ al op dat ‘het aanzien van de Kamer onder druk staat door de wijze waarop het parlementaire debat wordt gevoerd’ en in vijf van de tien aanbevelingen zijn medewetgevers opriep meer aandacht te besteden aan het wetgevingsproces.

Dat Rutte andermaal fout zit moge duidelijk zijn (hoogleraar Jeurgens bevestigde in een mail dat het verwijderen van de sms’jes inderdaad in strijd is met het archiefrecht en de premier hiermee andermaal bewijst dat het bij hem ‘niet doordringt waar de regeltjes van de archiefwet eigenlijk toe dienen: inhoud geven aan waarden als verantwoording en mogelijkheid tot reconstructie’), maar het is ook hoog tijd dat de Kamer zijn eigen macht weer serieus gaat nemen en helpt die ‘nieuwe bestuurscultuur’ vorm te geven.